Lang leve de vrijheid

Door Roos Ouwehand

Eén keer in mijn leven heb ik me laten overhalen om te gaan liften. Een vriendin en ik wilden naar Friesland, om ons bij zeilende vrienden te voegen. De trein nemen vond mijn vriendin ‘onzin’. Ze liftte altijd, geen enkel probleem. Geldbesparing – ik was student – trok me over de streep.

Nog geen twee minuten stonden we met onze duim omhoog, of er stopte een Engels sprekende meneer. Met onze weekendtassen propten we ons in zijn kleine autootje. Mijn vriendin ging op de achterbank zitten, ik voorin. De meneer vertelde enthousiast over Nederland. „Holland is fantastic! It’s a free country!”

Hij was hier pas een half jaar en werkte in het bedrijf van zijn broer. Nu ging hij naar Heerenveen. Ook al zo’n prachtig oord.

Na een halfuur begon de man z’n lofzang op het land („Oh, they are such beautiful girls, dutch girls, they like to wear short skirts, yes?) onaangenaam te worden. Zijn hand fladderde zenuwachtig in de buurt van zijn gulp. Al gauw was het de schilderachtigheid van de Red Light District die werd bezongen („They all want me to hit them, you know, girls like that”). Ten slotte was wat hij in zijn kruis uitspookte nog maar voor één interpretatie vatbaar.

„Stop”, zei ik, met alle autoriteit die ik in het stinkende Fiatje naast de hevig onanerende meneer bij elkaar kon harken. „You will stop this car, NOW!” We wrongen ons naar buiten.

Terwijl de man wegstoof, hoorde ik hem door een openstaand raampje nog tekeergaan. „Hey baby, it’s a free country!’

Na het lezen van het interview met Geert Wilders in het Zaterdags Bijvoegsel van deze krant van afgelopen zaterdag, moest ik ineens weer aan deze onaangename autorit denken. Waarschijnlijk omdat de vrijheid die beide heren zo hoog in het (partij-)vaandel dragen, door hen allebei wordt aangegrepen om zich schofferend te gedragen tegenover hun medeburgers.

Nog altijd ben ik dankbaar dat ik de auto uit kon komen, voordat de meneer in de Fiat zijn onsmakelijke hoogtepunt had bereikt. Dat is me in elk geval bespaard gebleven.

Als ik de plannen van Wilders lees, ben ik bang dat ik het zijne niet zal kunnen ontlopen.