Ik dacht écht dat hij en ik...

Wat een werk, rechter zijn in zo’n ‘chambre correctionel’, een instelling die lijkt op ons kantongerecht. De vrouwelijke rechter die we in de Holland Doc documentaire Dixième chambre, instants d’audience aan het werk zagen, handelde met grote snelheid een hele hoop zaken af, van eenvoudige overtredingen, zoals met iets te veel op tóch naar huis rijden, tot ingewikkelde als die van de wat sloom lijkende jongen die zijn ex-vriendin lastig viel, en haar volgens haarzelf al zeven jaar lang mishandeld en bedreigd had. „Er zit enige waarheid in wat ze zegt. Ik wil m’n excuses aanbieden”, zei de slome jongen. De officier van justitie smeekte de rechter om een flinke straf, in het belang van het slachtoffer. De jongeman kreeg 16 maanden voorwaardelijk en een verbod om in het arrondissement van de vrouw te komen of op enige manier contact met haar te zoeken. Het ging allemaal heel snel, de rechter bladerde wat door papieren, stelde doeltreffende vragen en kwam tot een vonnis. Zo deed ze het steeds, streng, vriendelijk, en, zo kreeg je de indruk, rechtvaardig. Of is dat niet rechtvaardig? Sommige gevallen waren tamelijk gecompliceerd, maar werden er toch met grote snelheid doorgejast. Je zou zo’n film ook wel eens willen zien opgenomen in een Nederlands kantongerecht. Gewoon eens tonen wat er aan klein gedoe allemaal speelt. Is wel leerzaam hoor. De agent die zei dat hij werkelijk niet uit was op een persoonlijke wraakoefening, al was het alleen maar omdat er tientallen kleine rovers op een metrostation werken, dat het zinloos zou zijn om er eentje in het bijzonder achterna te gaan zitten – zijn werk leek ineens tamelijk zinloos. De gestraften keerden meestal snel weer terug, daar had hij ook maar geen mening over.

Franse advocaten zijn trouwens wel raar, vooral als het mannen zijn. Die doen niet anders dan gezichten trekken, zwierig met hun toga bewegen en dan om mededogen vragen. Doen de onze dat ook zo? Laat het ons zien!

Intussen was ons parlement weer aan het werk gegaan en werd daar ook weer mooi acteerwerk afgeleverd. Oude verontwaardiging werd opgewarmd, scherpe argumenten met rustige overtuigingskracht naar voren gebracht – helemaal niet gek gedaan. Den Haag Vandaag had eindelijk weer eens wat te bieden, na zo’n lange tijd stilte uit Den Haag. Opmerkelijk was wel hoe alles als een wedstrijd opgevat werd. De PvdA had het onderzoek naar de Nederlandse deelname in Irak ‘niet binnengehaald’, ze hadden op dat punt ‘verloren aan de onderhandelingstafel’. Na het eerste deel van het debat vroeg een verslaggeefster aan Mark Rutte wat hij ervan vond dat Jan Marijnissen dat debat had ‘gewonnen’. „Het is geen Idols-verkiezing”, snauwde Rutte. „U werkt toch bij de publieke omroep?” Schat. Dacht nog dat het bij de publieke omroep anders ging dan bij de commerciëlen, dat kijkcijfers daar niet zo telden als het maar kwaliteit heeft. Dat dacht je hè Mark?

Voor de grap twee soapseries bekeken, eentje van publieke omroep BNN, Onderweg naar morgen en eentje van het commerciële RTL4 Goede tijden, slechte tijden. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat, hoewel beide series gekmakend over niets anders zeuren dan relaties en wat daarin gebeurt, GTST écht beter is dan ONM. Daar haalt het acteerniveau nog niet eens dat van Franse advocaten. En die preekjes die die mensen de hele tijd tegen elkaar houden: „Met in bed liggen los je écht niets op”, de in het script voorgeschreven halve zinnetjes „Ik dacht echt dat hij en ik...”, de pruilmondjes, de brave, ferme blikken en vooral die gedurige woede: „Ik relax niet!” Enfin. Soap is het leven en anders niet.

Reageer op deze column via www.nrc.nl/ogen