Hilbrand Nawijn in een popsterrenbroek

In Paradiso, bij de persconferentie over het nieuwe programma So You Wannabe A Popstar (de taalfout, dus het zelfstandig naamwoord ‘wannabe’ in plaats van de werkwoorden ‘wanna be’, doen ze expres, geloof ik), gingen mijn gedachten uit naar de kaartenbak. De spreekwoordelijke kaartenbak die ergens in Hilversum staat, en waaruit voor elk tv-programma de benodigde BN’ers en vliegtuigrampdeskundigen worden gehaald.

Er zijn vast een aantal kaartenbakken, dacht ik. Er moet in het grote kaartenbakkengebouw een politieke kaartenbak staan, en een kaartenbak met ex-sporters met een leuke babbel, en een met dikke beroemdheden, en een uitpuilende kaartenbak met alle mobiele nummers van alle Nederlandse B-sterren. Maar uit welke kaartenbak, in godsnaam, waren de elf BN’ers opgegraven die meedoen aan SYWAP? Zelden heb ik een groepje mensen aangetroffen dat zo grillig van samenstelling is.

Daar stonden ze, in de kleine zaal op de tweede verdieping van Paradiso. (Presentator Gerard Joling noemde het ‘de catacomben’, en ach, dat klonk wel popsterachtig.) Bij het bizarre gezelschap dat popster wilde worden, hoorde ook schaatser Erik Hulzebosch. Die heeft trouwens al eens een kleine carnavalshit gescoord, vlak na de Elfstedentocht. Hij zong de hit nu na. De integrale tekst was: ‘Hulzebosch, Hulzebosch, Erik Hulzebosch, hé’. Hulzebosch lichtte toe: „Dat duurde dan drie minuten, en dat scoort in Brabant.”

Jochem van Gelder was een andere deelnemer, en Sascha Visser, en Monique van der Werff. (Geen zorgen, van die laatste twee had ik ook nog nooit gehoord.) En dan was er nog een man, ene Geert Hoes, die echt een zwaar leven heeft. Momenteel doet hij Sterren dansen op het ijs, en meteen daarna gaat hij door met SYWAP. Ook een manier om je carrière in te richten.

De enige reden om in ieder geval een minuut naar dit programma te kijken is dat Hilbrand Nawijn meedoet. Ik zit zelf nog steeds met levendige beelden van Nawijns vorige tv-optreden, bij Lijst Nul, in gymtenue, hangend aan een klimwand. Binnenkort krijg ik daar een heel nieuwe set associaties bij. Hilbrand Nawijn, al dansende. Of Hilbrand Nawijn in een popsterrenbroek. Presentatrice Nance vroeg of ze hem Hilbrand mocht noemen, of liever meneer Nawijn. (Heette iedereen maar ‘Nance’.) „Gewoon Hilbrand”, antwoordde hij. „Gewoon Hilbrand. Ik hoor nu al een albumtitel”, zei Nance gevat.

En dat vond ik niet eens een vreemde gedachte.