Jan ‘himself’ was in geen velden of wegen te bekennen

Wat moet een mens in godsnaam met de Provinciale Statenverkiezingen? Zou iemand er warm van worden? In de trant van: ‘Kom ook op mijn Provinciale Statenverkiezingenfeestje, dan gaan we samen naar de uitslagen kijken!’ Of: ‘Ik ben zó benieuwd wie er wint bij de Provinciale Statenverkiezingen!’

Gelukkig hoeft bijna niemand er iets mee. Behalve de politici. Dat wil zeggen: de minder belangrijke politici.

Die moeten, zoals een aantal mensen van de SP gisteren, op het Stationsplein in Lelystad in de wind flyers uitdelen aan voorbijgangers die je ziet denken: Moet ik nou alwéér stemmen? Een veelgehoorde dialoog tussen de SP-flyeruitdelers en de Lelystedelingen was dan ook: Flyeruitdeler: „SP?” Lelystedeling: „Nee.”

De SP-campagne voor de Provinciale Staten was ook minder gezellig dan die voor de echte verkiezingen. Bij de verkiezingen kregen voorbijgangers hete tomatensoep in leuke tomaatvormige kommen van Jan Marijnissen. Nu kregen we ook tomatensoep, maar in een plastic bekertje. Van Agnes Kant. En dat is toch wat anders.

Dit voelde Agnes zelf ook wel aan. Met een bijzonder sacherijnig gezicht stond ze op het winderige plein. In de ene hand had ze een blad met daarop een wankel bekertje soep, in de andere een SP-ballon die haar richting het station trok. Dit alles werd begeleid door een oudere vrouw uit het SP-kader, die een willoze bejaarde op een scootmobiel over Agnes Kant vertelde. „Beter dan haar kun je niet hebben. Ze gáát gewoon maar door.” Even verderop voerden twee socialisten een gesprek waarvan ik af en toe, meegevoerd door een windvlaag, een flard opving. „Doorgeslagen... Besef dringt langzaam door... Tij keert.” Ik vermoedde dat het over de wederopstanding van de arbeider ging.

Jan himself was in geen velden of wegen te bekennen. Die doet tegenwoordig aan thuiswerken. Stuurt gewoon een geinig internetfilmpje van zichzelf heel Nederland rond en laat Agnes de soep uitdelen.

Ik liet de SP voor wat het was en ging de highlights van Lelystad bekijken. Nou ja, de highlight: het standbeeld van Cornelis Lely, midden op het plein. Het opmerkelijke eraan is dat het op een sokkel staat van, pak ’m beet, drieduizend meter hoog. Ik hoopte dat Agnes Kant het beeld niet zou opmerken (al zou dat waarschijnlijk wel gebeuren, gezien de sokkel). Want zij wist natuurlijk best wie van de SP er ooit een standbeeld van drieduizend meter zou krijgen.