‘Europa zit nu te dicht op de huid’

Op zijn eerste dienstreis vliegt de nieuwe staatssecretaris voor Europese zaken in het hol van de leeuw: Luxemburg, ‘Vriend van de Grondwet’. „Er móet iets veranderen, anders gaat het echt mis in Europa.”

Als het regeringsvliegtuigje, een Cessna-jet met acht zitplaatsen, de daling inzet, trekt Frans Timmermans met een ernstig gezicht zijn jasje recht. „We hebben genoeg blauwe plekken opgelopen. Nu moeten we er samen zien uit te komen’’, zegt Timmermans, staatssecretaris voor Europese Zaken in het nieuwe kabinet, voorheen Tweede Kamerlid voor de PvdA. Hij heeft het zich niet gemakkelijk gemaakt, want de eerste reis van de kersverse Mister Europe gaat naar het hol van de leeuw: Luxemburg.

Het groothertogdom, dat de Nederlandse koning Willem III destijds nog aan Frankrijk cadeau had willen gegeven, is samen met Spanje een van de initiatiefnemers van de ‘Vrienden van de Grondwet’. De groep Europese landen, die met de Grondwet hebben ingestemd, was recent in Madrid bij elkaar in een poging het dikke document te redden, dat Nederlanders en Fransen in een referendum (2005) ferm hebben afgewezen. Even leek het er zelfs op dat de ‘bende van achttien’ tegen de nee-zeggers zou samenspannen. Maar daar stak de Duitse bondskanselier Angela Merkel, die als EU-voorzitter juist probeert de broze eenheid in Europa te herstellen, een stokje voor.

Schuldbewust schrapten de Luxemburgers de tweede bijeenkomst, die voor deze week gepland was. In plaats daarvan staat de Luxemburgse collega van Timmermans, Nicolas Schmit, zijn Haagse gast op te wachten, breed lachend en met open armen.

„Ik ben aangenaam verrast door het begrip voor Nederland’’, zegt Timmermans na afloop van de tête-à-tête. Natuurlijk, hij heeft Schmit uitgelegd dat het onvoorstelbaar is, dat de Nederlanders hetzelfde verdrag met een andere naam krijgen voorgelegd. Geen cosmetische veranderingen.

,,De Luxemburgers snappen dat ze moeten bewegen. Ze denken zelfs mee over een uitweg. Er móet iets veranderen, anders gaat het echt mis in Europa. Die boodschap hebben de achttien inmiddels goed begrepen. Ik ben heel positief gestemd na dit gesprek’’, constateert Timmermans opgeruimd.

De staatssecretaris, net drie dagen in functie, wil met het tweedaagse bezoek aan zijn collega’s in de Benelux-landen, aan europarlementariërs en eurocommissarissen in Brussel een positief signaal afgeven. Nederland verschanst zich niet achter de terpen. Het is dan geen vriend van de Grondwet die langskomt, wel een vriend van Europa.

„Nederland wil een actieve en constructieve rol in Europa blijven spelen. Maar de Europese Unie moet voor de burgers wèl herkenbaar gemaakt worden’’, zegt Timmermans. „Luister maar goed naar de Europapassages in de regeringsverklaring die (vandaag, red.) wordt voorgelezen’’, houdt hij de Nederlandse europarlementariërs de volgende ochtend bij het ontbijt in Brussel voor. Aan een lange tafel in het ledenrestaurant van het Europees Parlement zijn ze met zeventien man sterk aangeschoven. Warme handdrukken en felicitaties. Paul van Buitenen overhandigt de minister een brief met zijn bevindingen van ruim twee jaar.

„We moeten in Nederland op een realistische en nuchtere manier weer het gesprek over Europa aangaan. Geen propaganda-apparaatjes, maar de problemen benoemen en inzetten op concrete projecten’’, zegt Timmermans. Hij ziet twee taken: in Europa meer voor elkaar zien te krijgen, maar vooral ook in Nederland. „Het is onze heilige plicht mensen erbij te betrekken, linksom of rechtsom.’’

Hoe? De staatssecretaris wil in ieder geval allerlei maatschappelijke organisaties bij het Europadebat betrekken. Laat ze maar vertellen waar ze tegenop lopen, wat Europees beter kan, en wat vooral niet Europees moet. Hij wil weten hoe vooral de Ieren, de Finnen en de Zwitsers de brug naar de burgers slaan. Van deze landen kan Nederland veel leren over het vertalen van ingewikkelde boodschappen in populaire campagnes.

„Ik voel me net Bob de Bouwer uit het kleurenboek van mijn zoontje’’, lacht Timmermans. Voordat de parlementariërs hun vragen afvuren, wil hij nog even kwijt hoe belangrijk hij het vindt bij hen te zijn. „Jullie zijn mijn ogen en oren, want jullie maken elke dag mee voor welke klussen we staan.’’ En vleiend, vond hij het commentaar van Erik Meijer (SP), die tegenover hem zit. Over zijn benoeming zei Meijer tegen de krant: hij heeft een grote nederlaag geleden, maar hij heeft ook de draai gemaakt en ziet het ‘nee’ in het referendum als een opdracht van de bevolking dat het anders moet.

Timmermans maakt er geen geheim van dat hij als initiatiefnemer van het referendum en deelnemer aan de Europese Conventie over de Grondwet even moest bijkomen van het „enorme pak slaag’’ dat op 1 juni 2005 door de Nederlanders werd uitgedeeld. „Ik wil ook dat we thuiskomen met een verdrag dat recht doet aan de zorgen van de Nederlandse bevolking’’, zegt hij.

Dan storten de Europarlementariërs een regen van vragen uit over de Europaminister. Hoe buig je het om: Europa als kans in plaats van als dreiging? Wat ga je doen aan het wantrouwen in de Tweede Kamer tegen Europa? En is de nieuwe statusvorm van partenariaat voor kandidaat-leden een truc om nu al af te zien van een volwaardig EU-lidmaatschap voor Turkije?

„Dat is zeker niet de bedoeling van de Nederlandse regering’’, reageert Timmermans. „Als Turkije voldoet aan de criteria kan het lid worden. Maar het kan lang duren en het kan ook nog mislukken. Het partenariaat is vooral bedoeld voor nieuwe landen, zoals de Oekraïne en Wit-Rusland’’.

Natuurlijk kan de Tweede Kamer meer doen dan alleen nee zeggen tegen allerlei Europese wetten. „Maar we moeten niet vergeten: we hebben enorm gefaald’’, reageert Timmermans, doelend op het referendum. En wat Europa als bedreiging betreft: „Dat is de grootste uitdaging waar de politiek voor staat’’, zegt Timmermans. „Kunnen we mensen vertrouwen en zekerheid bieden zodat ze weer nuchter naar de Europese samenwerking kunnen kijken? Daar gaat het om’’, vindt Timmermans.

„Europa is mensen te dicht op de huid gaan zitten. Dat zijn Polen die onze banen inpikken, dat zijn Fransen en Duitsers die zich niet aan de spelregels voor de euro hielden, dat zijn bedrijven die naar China en India gaan. Als er brand is uitgebroken moet je niet over preventie beginnen, maar mensen wel het gevoel geven dat de brandweer om de hoek staat”, zegt Timmermans.

Hij wijst op de regeringsverklaring, die perspectief voor de burger koppelt aan zekerheid. Een ‘heidense klus’ voor de komende jaren. „We moeten vooral duidelijk zien te maken, de pers ook, dat meer Europa niet minder Nederland betekent.’’ Dat moet volgens Timmermans ook uit een nieuw verdrag blijken. Zaken waar wij aan hechten, zoals onze woningsbouwverenigingen of gezondheidszorg, daarover gaat Nederland volgens hem.

Dan haast de Europaminister zich naar zijn volgende afspraken: met Franse, Britse en Duitse europarlementariërs, eurocommissarissen en zijn Belgische tegenvoeter. „Ik ben niet op een muur gestuit’’, zegt Timmermans na afloop. „Er zijn veel voetangels op de weg naar een nieuw verdrag, maar ik zie openingen – al zijn het muizengaatjes.’’

De ontmoeting met Elmar Brok, de Duitse christen-democraat en europarlementariër, was het openhartigst. Bestuurlijke hervormingen van de EU, een sociaal protocol met verwijzing naar het Handvest en jullie willen natuurlijk niet dat homohuwelijken door Europa kunnen worden verboden, zo had Brok gezegd. ‘Dat heb ik toch goed begrepen’, informeerde hij bij Timmermans. ‘Als we het daarover eens worden, kunnen we in 2009 een nieuw verdrag hebben.’