Stank

Stel, je hebt jezelf in het zweet gewerkt. Je hebt een waterleiding vervangen. Of, waarschijnlijker, naar een scherm gestaard met je zweterige handjes op het toetsenbord en de muis. Je kleren ruiken muf, je lekt oude koffie uit je poriën. Als je thuis komt, ben je een vieze versie van jezelf, een die je het liefst verborgen houdt. Dan moet je even uitstinken. Glaasje water drinken, douchen, scheren, tandenpoetsen, schoon hemd aan, haartjes in de gel, geurtje op. Zo word je weer ‘dat frisse mens’ waar iedereen zo dol op is. Als je stinkt, moet je even uitstinken.

Ander voorbeeld: neem een drol. Een drol stinkt. Maar als je de drol laat uitstinken en er een mooi vlaggetje insteekt dat jezelf hebt gehaakt wordt diezelfde drol onder de juiste omstandigheden een intrigerend kunstobject. De drol was vies, maar toen-ie eenmaal was uitgestonken, bleek het een fijn, fris voorwerp.

Of neem geld dat is verdiend over de misvormde ruggetjes van ondervoede kinderen. Laat dat geld een paar generaties uitstinken, dan kun je er schitterende dingen meedoen. Je financiert er een bibliotheekvleugel mee, of een anti-verkrachtingsinitiatief in Guatemala. Denk ook aan Bill Gates en zijn fijne stichting. Monopoliegeld werd hulpgeld, toen het was uitgestonken.

Of stel dat je – om aandacht te trekken – iemand met een dubbele nationaliteit ‘on-patriottisch’ noemt. Dan moet je even uitstinken en daarna word je weer je voorkomende zelf. Zeg je bijvoorbeeld: „goh, liggen daar jouw wortels? Interessant.”

Nou, zo keek ik dus naar het fenomeen Wilders. Onze politiek stonk na de onrustige periode die ontstond rond de moord op Fortuyn. Stinkende politiek trekt types als Wilders aan. De politiek moest even uitstinken en dan werd ze weer fris en hoopgevend. Maar we moeten natuurlijk niet van die stank gaan houden. Die onverdraagzame stank moet niet het nieuws en het debat gaan beheersen. Dan gaat haar nieuwswaarde kiezers bedwelmen die menen in stank een uitgesproken, eerlijke geur te herkennen. De PVV bestaat uit stinkerds en stinkerds moeten uitstinken voordat ze zich publiek vertonen.

Menno van der Veen

Publicist en programmamaker bij de Balie in Amsterdam.