‘Principes kosten nu eenmaal geld’

De Zorgverzekeringswet verplicht alle Nederlanders zich te verzekeren voor medische kosten. Ruim 11.000 mensen hebben daar bezwaren tegen vanuit hun geloofsovertuiging.

In de hal van het Van Weel-Bethesda Ziekenhuis in Dirksland wordt men opgeroepen zijn vertrouwen op God te stellen. (Foto Merlin Daleman) Dirksland ziekenhuis. Dirksland, 23-02-07 © Foto Merlin Daleman religie bijbelteksten Daleman, Merlin

„Ons bezwaar tegen verzekeringen is, dat het een solidariteit is op basis van rechten en plichten – wat leidt tot egoïsme en zelfzucht – en niet op basis van onderlinge mededeelzaamheid, die uit liefde voortkomt.” Fiscaal jurist mr. Wim van Vliet uit Langbroek is woordvoerder van de Stichting Gemoedsbezwaarden tegen Verzekeringen, die in augustus 2006 werd opgericht. De stichting geeft voorlichting aan mensen die zich op grond van hun geloofsovertuiging niet willen verzekeren, en komt waar nodig op voor hun belangen.

„Het moet goed duidelijk zijn, dat die financiële belangen niet voorop staan”, aldus Van Vliet. „Als principes je geld kosten, dan is dat niet anders.” Medebestuurslid Kees Ruijgrok, accountant in Opheusden, onderstreept dit: „Het gaat om een overtuiging en dan mag geld geen rol spelen.”

In Nederland zijn 11.139 personen om principiële redenen niet verzekerd, van wie 6.509 ouder dan 18 jaar en 4.630 jonger. In totaal gaat het om zo’n 3.400 huishoudens. Ze behoren tot het meest orthodoxe deel van de gereformeerde gezindte en zijn veelal lid van ‘bevindelijke’ kerken als de Gereformeerde Gemeenten in Nederland (22.000 leden), de Oud Gereformeerde Gemeenten in Nederland (18.000) of de Gereformeerde Gemeenten in Nederland Buiten Verband (3.000). Enkelen zijn lid van de Hersteld Hervormde Kerk (70.000) en de Gereformeerde Gemeenten (104.000). De leden van al deze kerken behoren tot de achterban van de Staatkundig Gereformeerde Partij (SGP).

Wie zich principieel niet wil verzekeren, moet dat melden bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB). Die stelt vast of iemand werkelijk gemoedsbezwaarde is. Zo iemand mag dan geen enkele verzekering hebben, ook geen brand-, inboedel of autoverzekering. Als dat het geval is, hoeven gemoedsbezwaarden geen premie te betalen voor de Zorgverzekeringswet. Wel houdt de Belastingdienst van hen een bedrag in dat even groot is als de zorgpremie. Dit bedrag komt op een aparte, op naam gestelde, rekening te staan bij het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) in Diemen. Onverzekerde gezinnen die medische kosten maken, kunnen hun eigen potje bij het CVZ aanspreken, tot het leeg is. Meerkosten moeten zij zelf betalen. Als het potje niet leeg is, gaat aan het einde van het jaar de helft van het ingelegde bedrag naar de algemene middelen. Met dat laatste hebben gemoedsbezwaarden wel moeite, omdat ziektekosten niet gelijkmatig over de jaren zijn verdeeld.

Johan Knollema is bij het CVZ belast met de afhandeling van de medische kosten van de gemoedsbezwaarden. „Het eerste jaar dat de Zorgverzekeringswet van kracht was, hebben wij zo’n 1.100 declaraties gehad”, aldus Knollema. „Als de nota’s bij ons zijn ingediend, controleren wij eerst of ze onder de Zorgverzekeringswet vallen. Als het om een ziekenhuisrekening gaat, dan is het duidelijk. In andere gevallen is soms een verklaring van een arts nodig dat bepaalde uitgaven om medische redenen noodzakelijk waren. Bij het CVZ zijn zes mensen vrijgesteld voor dit werk, maar dat heeft te maken met de aanloopfase. Op den duur zullen dat er minder worden, verwacht ik.”

Van Vliet realiseert zich dat hij de belangen behartigt van een minieme minderheid. Hij meent dat de uitvoering van de regelingen niettemin vatbaar is voor verbetering. „Vooral de diagnose-behandelcombinatie (DBC) is een probleem. Die kan gemoedsbezwaarden op kosten jagen. De DBC gaat uit van gemiddelde kosten. Ligdagen tellen vaak niet mee. Voor verzekeringsmaatschappijen is dat een praktische regeling, omdat zij nu eens duur en dan weer goedkoop uit zijn. Maar als geheel is dat systeem in evenwicht. Gemoedsbezwaarden moeten altijd dat gemiddelde betalen. Dat strijdt wel eens met het gevoel voor billijkheid. Daarnaast kunnen zij door de DBC geen kostenbesparing meer realiseren door terughoudend ziekenhuisgebruik. In de praktijk zie je dat zij in toenemende mate naar België uitwijken, waar je nog per behandeling kunt betalen.” Ruijgrok heeft dat aan den lijve meegemaakt: „Ik moest voor een hernia naar het ziekenhuis. Een eerste consult had me in een Nederlands ziekenhuis 478 euro gekost, in België kostte het 30 euro.” Terughoudendheid bij huisartsbezoek levert ook geen kostenbesparing op, aldus Van Vliet, omdat de huisarts sinds 2006 inschrijftarieven berekent. Ook dat zorgt voor onrust.

Van Vliet hoopt dat de gemoedsbezwaarden op termijn ook in aanmerking zullen komen voor de zorgtoeslag van de overheid. „Dat zou billijk zijn, aangezien de gemoedsbezwaarde weliswaar niet verzekerd is, maar wel zelf de medische kosten heeft.” Hij wil hiervoor aandacht vragen bij de nieuwe minister van Volksgezondheid, Ab Klink. Die is in Stellendam geboren, een plaats in de orthodox-gereformeerde bible belt.

Als medische uitgaven de draagkracht van gemoedsbezwaarden te boven gaan, kunnen zij een beroep doen op de diaconie van hun kerk, aldus een oud-gereformeerde diaken. „Maar hij kan niet met de rekening naar de diaconie stappen alsof hij recht op een uitkering heeft. ‘Recht hebben’ hoort in de verzekeringswereld thuis. Eerst probeer je onkosten zoveel mogelijk zelf te betalen. Als de nood te groot is, wordt het ‘draagt elkanders lasten’ zichtbaar in het meeleven en de offervaardigheid van buren, familie en vrienden. Dat geeft een onderlinge liefdeband.”