Boodschap is te veel: moeders, blijf maar thuis

Partijleider Femke Halsema van GroenLinks is blij dat de harde toon verdwijnt uit het regeringsbeleid. Maar de nadruk op samenhang moet niet ten koste gaan van individuele ontplooiing.

Halsema Foto Roel Rozenburg Den Haag:26.2.7 GL-fractievoorzitter Femke Halsema. © foto Roel Rozenburg Rozenburg, Roel

Het voelt enigszins bevrijdend. GroenLinks-leider Femke Halsema is blij dat Balkenende IV geen voortzetting is van Balkenende II en III. „De afgelopen jaren was er geen begin van een gesprek mogelijk met het kabinet.” Nu ziet Halsema wel aanknopingspunten. „Het kabinet moet een kans krijgen. Ik toets het aan de grote maatschappelijke problemen van deze tijd: klimaatcrisis, vergrijzing en internationale politiek. De richting is goed, maar concrete maatregelen blijven uit, met name op milieugebied.”

U klinkt betrekkelijk optimistisch over het regeerakkoord.

„Als er een golf van opluchting door het land gaat, dan deel ik daar in. Verdonk is vaarwel gezegd en de harde sociale hervormingen, die vooral kwetsbare mensen raakten, zijn voorbij. Ik vind het akkoord een uitdrukking van de tijd: een groot deel van de bevolking is op zoek naar zekerheid en rust. Daarom is het een gematigd akkoord, in toon, stijl en ambities.”

Premier Balkenende vindt zelf dat het akkoord juist veel ambitie uitstraalt, vooral op het terrein van sociale samenhang en ecologie.

„Dit kabinet toont op sociaal gebied inderdaad zorgen over tweedeling, armoede, buitensluiting. Daar kun je dus een gesprek over hebben, bijvoorbeeld over extra investeringen in onderwijs, in flexibilisering van de arbeidsmarkt en in de reïntegratie van mensen met een uitkering.

„Op klimaatgebied hoeven wij de crisis niet te agenderen, die agendeert zichzelf. Als het kabinet aan de eigen milieudoelstellingen tegemoet wil komen, zullen ze voor een deel onze maatregelen moeten overnemen, anders halen ze het gewoon niet.”

Dus u ziet openingen voor samenwerking?

„Ten dele. Ik maak me er zorgen over dat het project van de individualisering wordt gestopt. Ik heb ook behoefte aan gemeenschapszin, maar dat moet je preciezer formuleren. De regering vindt dat de gemeenschap dwingend moet worden opgelegd aan mensen in de probleemwijken – met weinig kansen en veel problemen – en dat de bevoorrechten hun individuele vrijheid mogen bewaren. Ik wil dat omkeren. Ik denk dat een 17-jarige Marokkaanse meid die worstelt met haar familie en de vraag of ze gaat studeren, het individuele burgerschap aangereikt moet krijgen. En de topmanager die net 14 miljoen euro geïncasseerd heeft, mag meer gemeenschapszin opgelegd krijgen.”

PvdA-leider Bos zegt garant te staan voor het vrijzinnige geluid in dit kabinet, ziet u dat terug?

„Veel te weinig. Ik vind het niet vrijzinnig en niet geëmancipeerd. De boodschap is te veel: jonge moeders, blijf maar thuis. Terwijl juist vrouwen die de boot missen en in de bijstand komen een grote kans hebben om in armoede te blijven hangen en hun kinderen daarmee ook. Het kabinet verruilt te gemakkelijk een links emancipatie-ideaal voor een conservatief gemeenschapsideaal. Ik denk nog steeds dat jonge generaties migranten een positief perspectief gegeven moet worden op soeverein staatsburgerschap.”

Wakkert dit kabinet de angst voor het buitenland aan?

„Je kunt twee dingen doen: de dijken optrekken en de angst versterken, of het buitenland dichterbij halen. Het kabinet kiest ervoor om de doofpot over de Irak-oorlog te laten bestaan. Die smet op de overheid blijft. In het regeerakkoord wordt internationale politiek behandeld in het licht van defensie, dat tekent de militarisering van de internationale politiek.”

Anders dan in de eerdere kabinetten Balkenende valt de oppositie nu in twee blokken uiteen: links en rechts. Maakt dat oppositievoeren lastiger?

„Ja, maar ik weet niet of dit aanlokkelijk is voor dit kabinet. Het nieuwe kabinet zoekt aansluiting bij oude tradities in Nederland, zoals we die kennen van het pre-Fortuyn-tijdperk. Ik vind het goed dat dit kabinet weer in gesprek treedt met het maatschappelijk middenveld, maar er zit ook het gevaar van bestuurlijk monisme in. Dit kabinet kan het te goed gaan vinden met andere bestuurlijke elites en zo te veel het machtige en regenteske midden gaan symboliseren. Dan dreigt nieuwe maatschappelijke onvrede.”

Met de Statenverkiezingen van volgende week verandert ook de samenstelling van de Eerste Kamer. Wat verwacht u daarvan?

„De nieuwe coalitie kan in de Eerste Kamer straks afhankelijk worden van steun van GroenLinks en de SP. Het betekent dat ook in de Tweede Kamer PvdA en ChristenUnie bereid moeten zijn met ons te onderhandelen. Als ze niet willen praten, wordt het erg ingewikkeld tussen regering en oppositie. Daar wordt niemand beter van.”

Eerdere interviews met oppositie op nrc.nl/binnenland