Harder werken, minder zekerheid

We werken langer, krijgen overuren niet betaald en bouwen minder pensioen op.

Maar klagen bij de baas gaat moeilijk, want die woont in Londen of Mumbai.

Bij de NXP-fabriek in Nijmegen maken ze de chips die de globalisering vooruit stuwen. Hightech geheugenchips voor slimme apparaten.

De werknemers in de fabriek deden dat een jaar geleden nog in diensten van acht uur. Maar meteen nadat Philips vorig jaar zijn chipdivisie had verkocht aan een groep buitenlandse investeerders, werden die diensten opgerekt – van acht naar twaalf uur.

Twee jaar geleden was het voor winkelpersoneel nog lucratief om op koopavond te werken. Dat leverde 33 procent extra loon op. Maar in de nieuwste Nederlandse cao voor de kledingwinkels zijn de toeslagen voor de doordeweekse koopavond en de zaterdagmiddag afgeschaft. Pech voor 100.000 werknemers in de detailhandel, van wie 40 procent jonger is dan 24 jaar.

Het zijn twee voorbeelden van de nieuwe soberheid. Vroeger werd er heel goed voor je gezorgd als je ergens in dienst kwam. De rechten van werknemers bij een mkb-bedrijf, een grote multinational of een ministerie, werden geregeld in een cao, een collectieve arbeidsovereenkomst. Dat waren goudgerande afspraken, die in het Nederlandse poldermodel zijn uitonderhandeld tussen de werknemers en de werkgevers, met de minister van Sociale Zaken als toezichthouder.

Maar de luxe, collectieve arbeidsvoorwaarden staan onder druk, zo blijkt uit gesprekken met vakbonden, wetenschappers en advocaten. Ja, er komt ‘krapte op de arbeidsmarkt’ – en bedrijven zullen de mensen die ze echt nodig hebben weer gaan belonen met dure lease-auto’s en bonussen. Maar bedrijven willen af van de collectiviteit, van de starheid en de hoge kosten van regelingen over pensioenen, overwerk of ziekte, die ze verplicht aan al hun werknemers moeten aanbieden.

De katalysator van deze ontwikkeling is de globalisering. Internationale concurrentie dwingt het Nederlandse bedrijfsleven om het vaste, inflexibele deel van de arbeidskosten te verlagen. Ze moeten wel, anders verhuist die chipfabriek uit Nijmegen volgend jaar naar het buitenland. De bedrijven hoeven dat niet eens hardop te zeggen, want de vakbonden én de werknemers weten inmiddels zelf ook wat er in Polen, India en China mogelijk is.

Onder druk van die globalisering is in Nederland de afgelopen jaren al heel veel sociale zekerheid afgebroken. Het vaste salaris is omlaag. Het pensioen is lager. Overwerk moet zonder toeslag. Het ziektegeld is lager. Ontslaan moet makkelijker worden en overleg met de baas wordt juist moeilijker. De nieuwe soberheid in zes onderdelen:

1 Minder vast salaris. Bonussen en prestatiebeloning zijn gangbaar geworden. Driekwart van alle werknemers kreeg afgelopen jaar een bonus, gemiddeld zo’n 7 procent van het salaris. Werkgevers betalen liever eenmalige beloningen dan vaste salarisverhogingen: over bonussen hoeven ze geen sociale lasten te betalen. Ook kunnen bonussen vervallen als het minder goed gaat met het bedrijf. Voor werknemers is er het nadeel dat bonussen niet meetellen voor de hoogte van het pensioen en een eventuele werkloosheidsuitkering.

De nieuwste mode is demotie: oudere werknemers zouden, zodra ze minder productief worden of weer op een lagere functie terechtkomen, met minder salaris genoegen moeten nemen. Demotie staat in het plan van werkgeversorganisatie VNO-NCW, over hun inzet in de cao-onderhandelingen. Nog veel ingrijpender is het voorstel van de werkgevers om de automatische jaarlijkse loonsverhoging op basis van dienstjaren te schrappen uit cao’s – en die dan alleen in te voeren in jaren dat het goed gaat.

2 Een lager pensioen. Een later pensioen. Om ooit uit te komen op een pensioen van 70 procent van het laatst verdiende loon, is bijsparen tegenwoordig noodzakelijk. Pensioenen zijn al in veel bedrijfstakken versoberd. Bijna overal zijn de regelingen voor vut en prepensioen afgeschaft (of moeten werknemers die nu helemaal zelf betalen als ze toch van vut-regelingen gebruik willen maken).

Ook is het pensioen dat was gebaseerd op het eindloon – 70 procent van het salaris dat een werknemer verdiende op zijn 65ste – grotendeels van de baan en ingeruild voor een pensioen dat is gebaseerd op het gemiddelde loon tijdens een loopbaan. Dat kan voor iemand die na 40 jaar werken eindigt met een salaris van 100.000 euro, 10 procent schelen.

Bovendien verschuift het risico. Vorig jaar ingevoerde boekhoudregels maken het voor bedrijven onaantrekkelijk om vaste pensioenuitkeringen te garanderen. Liever zeggen bedrijven een pensioen toe dat uitsluitend is gebaseerd op het rendement van de gespaarde pensioenpremie. Als aandelenkoersen dalen – veel pensioengeld wordt belegd in aandelen – hebben werknemers pech en hoeft het bedrijf niet meer bij te storten als de pensioenkas een tekort heeft.

3 Minder overwerk. Sinds de invoering van de koopzondag en de avondopenstelling van supermarkten, wordt gesleuteld aan het overwerk. We leven tenslotte in een 24-uurseconomie. Dus willen werkgevers niet meer extra betalen voor lange diensten, avonden en weekeindes. Bij de chipfabriek in Nijmegen werken ze nu twaalf uur achter elkaar. Werktijden zijn een groot strijdpunt in cao-onderhandelingen in de bouw en de horeca. In de horeca besloten de werkgevers vorig jaar om die reden zelfs buiten de traditionele vakbonden om een cao te sluiten met een nauwelijks in de sector vertegenwoordigde bond.

Wat betreft de arbeidstijden is er soms een rechtstreeks verband te leggen met de overname van een Nederlands bedrijf door een buitenlandse investeerder of een buitenlands bedrijf. Bij bedrijven met een Amerikaanse aandeelhouder zie je langere werktijden. Dat zijn vaak cao-loze bedrijven in de dienstverlening.

4 Minder geld bij ziekte. Ziekte deed vroeger geen financiële pijn. De werkgever betaalde het eerste jaar 100 procent van het salaris door – nu vaak nog maar 85 procent. Belangrijker is de versobering van de WAO, wat vroeger een verzamelplaats was voor zowel de echte gehandicapten als ‘mensen met problemen’. De regels zijn nu veel strenger, met soms grote gevolgen. Bij ziekte komen werknemers eerst twee jaar in de ziektewet en daarna in de WAO. Maar wie ‘slechts’ voor 35 procent ongeschikt is, moet samen met zijn werkgever op zoek naar een geschikte baan binnen het bedrijf. Van de 19.000 mensen die vorig jaar naar zo’n andere baan moesten zoeken, is de helft ontslagen omdat zo’n baan niet intern te vinden was. Die mensen komen daarna al snel in de ‘bijstand’ terecht. Die bedraagt 618 euro per maand voor een alleenstaande.

5 Makkelijker ontslag. We hebben geen recht meer op een baan (de baan die we hebben), maar recht op werk, zei oud-premier Kok onlangs nog eens op een groot congres. Dat wordt ook het centrale punt de komende vier jaar onder het nieuwe kabinet: hoe maken we de arbeidsmarkt flexibeler (lees: hoe maken we het ontslaan van mensen makkelijker, want dan durven bedrijven ook sneller nieuwe mensen aan te nemen). De vakbonden en het bedrijfsleven waren bijna akkoord, eind vorig jaar, over nieuwe afspraken. Waarschijnlijk wordt sowieso de procedure om werknemers te ontslaan vereenvoudigd. Ook zal de standaardvergoeding bij ontslag omlaag gaan. Die is nu ruwweg één maand salaris per gewerkt jaar.

6 Minder poldermodel. De old boys die vroeger de Nederlandse bedrijven controleerden, kwamen hun tegenspelers en hun werknemers overal tegen. Bij institutionele overlegorganen als de SER en de besturen van pensioenfondsen, maar ook in het voetbalstadion en bij de supermarkt in Amstelveen. Een deel van de verklaring voor de nieuwe soberheid is de hausse aan buitenlandse overnames in Nederland. Eén op de vijftig Nederlandse werknemers is inmiddels in dienst bij een bedrijf met buitenlandse eigenaren.

„Als we het vroeger niet eens waren met het beleid van Hoogovens, liepen we twee straten verder, en zaten we bij het bestuur”, zegt bestuurder Anja Jongbloed van vakbond FNV Bondgenoten. In 1999 ontstond Corus, met een hoofdkantoor in Londen. En nu is Corus overgenomen door Tata, met het hoofdkantoor in Mumbai.

Die buitenlandse bazen hebben geen last van polderballast. Zij denken soms net als Jack Welch, de oud-topman van het Amerikaanse General Electric, dat ook meer dan 1.500 werknemers in Nederland heeft. Welch is de meest bewierookte topmanager van het afgelopen decennium. Hij is nu met pensioen en schrijft onder meer columns, die ook in Het Financieele Dagblad verschijnen. Een citaat: „Feit is dat vakbonden bij een goed functionerend management helemaal niet nodig zijn”.

Meer informatie over arbeidsvoorwaarden is te lezen in de rubriek ‘loopbaan’ op de website www.leren.nl. Over pensioenen is veel te vinden op www.pensioenkijker.nl.

Rectificatie / Gerectificeerd

In het artikel Harder werken, minder zekerheid (26 februari, pagina 4 en 5) is sprake van twaalfuursdiensten bij de NXP-fabriek in Nijmegen. Dat is onjuist. Het bedrijf wil dat werknemers in twaalfuursdiensten gaan werken, en onderhandelt daarover, maar heeft ze nog niet ingevoerd.