Zij gaan niet langer voor niets op de foto

Met foto’s wordt veel geld verdiend, maar geportretteerden uit de Derde Wereld zien daar vaak niets van terug. World Portraits van het ANP betaalt de modellen, ontdekt Mirjam Keunen

FAIR OP DE FOTO: modellen van World Portraits, resp. uit Mongolië, Senegal, Ghana, India en Burkina Faso Foto's Robin Utrecht, Hein van den Heuvel 2 keer, World Portraits, Hein van den Heuvel 2003-10-21 Heuvel, Hein van den

Een als rapper geklede zigeuner in de Roemeense hoofdstad Boekarest kijkt zelfbewust de camera in. Een serene weduwe uit India poseert in een witte sari. Ruisende schoolrokken van Colombiaanse schoolmeisjes zijn gevangen in een ander beeld. World Portraits, de nieuwe collectie van het Algemeen Nederlands Persbureau, bevat 2500 portretten van mensen uit vrijwel alle continenten.

Bijzonder is dat de nieuwsorganisatie elke geportretteerde betaalt. Het ANP beschikt inmiddels over gegevens van zo’n 1100 mensen uit Afrika, Azië, Zuid-Amerika en Europa. Een model krijgt handgeld (tien tot vijftien euro) en een deel van de opbrengst bij verkoop van een foto. „Dat gebeurt nu vaak niet, zeker niet in de Derde Wereld. We worden de Max Havelaar van de fotografie’’, zegt Bas van Beek, directeur fotografie van het ANP en bedenker van World Portraits.

Prinses Máxima lanceert op 5 maart de nieuwe beeldbank in het Museon in Den Haag. Diezelfde dag opent daar ook de expositie World Portraits.

geen winstoogmerk

De fotografen van World Portraits gaan op pad met een producer die mensen benadert voor een contract. Na ondertekening stemmen modellen in met publicatie van hun portret in weekbladen, advertenties, jaarverslagen of op billboards. Van de opbrengst krijgt de gefotografeerde twintig procent, de fotograaf veertig procent en de organisatie ANP Photo Foundation veertig procent. Dat geld wordt in nieuwe projecten gestoken. De organisatie heeft volgens Van Beek geen winstoogmerk. „Hoe lager de sociale klasse hoe moeilijker het is om geld op de juiste plek te krijgen. Uitbetaling is de grootste uitdaging van dit project. We werken met cheques en microbanking (zie kader). In Ghana hebben we al achthonderd euro uitbetaald, in Mongolië bijvoorbeeld twintig euro.’’

De geportretteerde heeft geen zeggenschap over de reis die zijn foto gaat maken over de wereld. „Daar gaan wij over”, zegt Van Beek, „maar we gebruiken het materiaal natuurlijk niet voor ranzige doeleinden.” Maar een gefotografeerde zou bijvoorbeeld uit religieuze overtuiging bezwaar kunnen maken tegen publicatie in een medium als een reisgids vol zonaanbiddende vrouwen in bikini. „Het kan wel eens voorkomen dat het voor een gefotografeerde controversieel is, maar door het tekenen van het contract stemt het model in met elke publicatie”, zegt Van Beek.

sloppenwijken

Fotografen en producers worden veelal ter plekke gezocht om ook op die manier mensen financieel te ondersteunen. Zo is er een Afrikaanse fotograaf beschikbaar voor de sloppenwijken van Nairobi. Ook Nederlandse fotografen gaan op reportage voor World Portraits. De arbeidsintensieve manier van werken is niet geschikt voor persfotografen die naar de brandhaarden in de wereld trekken. „World Portraits is ook maar een onderdeel van onze fotografie”, zegt Van Beek. De beeldbank van het ANP bevat in totaal 3,5 miljoen foto’s.

Zilveren Camera-winnaar Robin Utrecht maakte afgelopen najaar voor World Portraits een serie portretten van bewoners uit Colombia, Peru en Bolivia. Hij wilde wel op een journalistieke manier kunnen werken. „Ik fotografeerde eerst en sprak daarna de mensen pas aan over geld’’, zegt Utrecht. „Ik wilde ze niet paaien, ze moesten ook niet gaan poseren.”

Het werken met een producer die contracten afsluit was tijdrovend. Zo maakte Utrecht een foto van een oude man op een akker in Columbia, die er een vriend bij moest gaan halen om het contact te kunnen tekenen. „Toen we zijn adres vroegen was dat iets in de trant van drie straten over de heuvel en dan naar rechts”, vertelt de fotograaf.

Modellen reageerden verschillend als ze hoorden dat ze betaald werden, maar het merendeel was volgens Utrecht positief. „Een familie in Columbia was zichtbaar geroerd. Ze hadden tranen in de ogen. Dertig euro was veel geld voor hen. Maar prostituees vonden het bedrag niet hoog genoeg. Ik had toestemming gevraagd om hen te mogen fotograferen. Toen ze achteraf hoorde dat ze geld kregen, wilden ze drie keer zoveel. Daar bedankten wij voor.”

kleurrijke wereld

De online beeldbank heeft wel wat weg van een moderne en commerciële variant van The Family of Man, het beroemde humanistische fotoproject uit de jaren vijftig, samengesteld door Edward Steichen, dat de wereld als één grote familie verbeeldde. (zie kader). World Portraits toont vooral een kleurrijke wereld vol mensen met veerkracht. Het idee ontstond toen Van Beek ooit een portretfoto van een Indiër verkocht aan een bank voor reclamedoeleinden. „Later bleek dat die man nooit was betaald.”

Stichting Doen heeft het project een startsubsidie van 300.000 euro toegekend. „We beschouwen het portretrecht als een basisrecht”, zegt directeur Mechtild van den Hombergh. Zelf gebruikte haar organisatie ooit een foto van een Afrikaanse boer. Op billboards hing zijn beeltenis door heel Nederland. Op verzoek van een journalist liet Homburgh uitzoeken of de geportretteerde dat ook wist en of hij betaald was. Dat bleek niet het geval. „Dit initiatief is een eerste stap in de richting van bewustwording”, zegt ze, „Bovendien is het goed voor de eigenwaarde van de geportretteerde.”

Fair Trade Original, de grootste aanbieder van Max Havelaar koffie en thee, vindt „het niet meer dan fair dat ook mensen in ontwikkelingslanden portretrecht hebben.” Woordvoerder Paula van de Kamp somt wel een aantal verschillen op tussen World Portraits en het principe van fair trade. „Fair trade richt zich op het versterken van de economische en sociale positie van kansarme producenten en arbeiders in ontwikkelingslanden door handelsrelaties aan te gaan voor de lange temrijn.’’ Fair Trade Original streeft volgens Van de Kamp ook naar een faire beloning, maar kijkt daarnaast naar aspecten als arbeidsomstandigheden, vrijheid van organisatievorming en milieu. „Verder zijn consumenten als doelgroep heel belangrijk bij fair trade, omdat zij bij hun dagelijkse boodschappen eerlijke producten kunnen kopen. De afnemers van World Portraits zullen hoofdzakelijk professionele beeldgebruikers zijn.”

Buitenlandse zaken

Stockfotografie kent vele afnemers: van reclamebureaus tot overheid. Het ministerie van Buitenlandse Zaken bijvoorbeeld zet nu zelf fotografen in voor foto’s die worden gepubliceerd op de website of in het externe relatiemagazine IS. Ook koopt ze fotomateriaal van stockbureaus. „Als de prijs-kwaliteitverhouding voldoet zullen we zeker gebruik gaan maken van World Portraits”, zegt H. van der Woude, hoofd communicatie.

De collectie omvat portretten in de breedste zin van het woord: van groepsportretten tot silhouetten. „Het zou mooi zijn als een sportmerk als Nike beelden van voetballende jongens zou opnemen in een reclamecampagne”, zegt Van Beek. Hij zou ook graag beeldmateriaal terugzien in jaarverslagen van ngo’s. „Het is bizar dat fondsenwervers op billboards of in advertenties foto’s gebruiken waarvoor ze de geportretteerde niet betalen. Er zou een omslag in denken moeten plaatsvinden.”

Novib Oxfam gebruikt portretten van mensen uit de ontwikkelingslanden voor de website, voorlichtingsmateriaal én voor kalenders en agenda’s die in de webwinkel worden verkocht. „Wij krijgen die foto’s van partnerorganisaties. Ze zijn eigendom van Oxfam”, zegt een woordvoerder. „Ik kan me weinig voorstellen bij het initiatief van het ANP en wil me onthouden van verder commentaar.’’

Ontwikkelingsorganisatie Cordaid vindt het „een goed teken” dat de modellen van World Portraits staan afgebeeld als „sterke mensen die meer te vertellen hebben dan ellende.” De gefotografeerden in hun eigen voorlichtingsmateriaal nemen vaak deel aan projecten die Cordaid financieel ondersteunt. Ze krijgen daarvoor nooit geld. Cordaid zet vraagtekens bij de wenselijkheid en haalbaarheid van betalingen. „Onze lokale partners zeggen: dat moet je niet doen. Zo creëer je ongelijkheid. Investeren in de lokale gemeenschap is effectiever”, zegt persvoorlichter Karen Mol. „Ons lijkt het ook schier onmogelijk om het geld op de juiste plek te laten komen. Creëer je daardoor niet een vals verwachtingspatroon en speel je ook niet te veel in op het individuele gewin? Poseren voor een camera kan zo een makkelijke inkomensbron zijn.’’