‘Hoe ver ga je om opera te promoten? Heel erg ver.’

Zo’n zevenhonderd operamakers en -liefhebbers kwamen dit weekend bijeen in Parijs om te praten over de toekomst van het genre. „Opera moet meer zijn dan bourgeois nostalgie.”

Het amfitheater van de Opéra Bastille zit vol. De pr-vrouw van de Letse Staatsopera legt contact met de marketingman van de opera in Polen; een groeimarkt, zo blijkt. In de wandelgangen is het dringen voor tasjes met vakbladen als Opera Now en Magazine Opéra. Zevenhonderd operamakers, vertegenwoordigers van opera-vriendenverenigingen en jongerenclubs zijn naar Parijs gekomen voor de European Opera Days. Om te praten over het werven van jong publiek, om na te denken over nieuwe manieren om het genre te verbreden of gewoon om contacten te leggen.

Opera is een bloeiend genre. In Nederland, en ook elders in Europa. „Maar we moeten anticiperen op de toekomst”, zegt de Franse Minister van Cultuur, Rennaud Donnedieu, in zijn openingsrede. „Mensen zijn vaak al bang voor opera’s van honderd jaar geleden, omdat ze die te modern vinden”, beaamt Gerard Mortier, intendant van de Parijse Opéra. „Dat kan niet de bedoeling zijn. En dan is er de kwestie van het geld. Opera is duur; het is een genre dat is ontwikkeld om macht en welvaart mee te etaleren. Maar hoe lang blijven onze overheden dat nog stimuleren? Mensen moeten ontdekken dat opera geen tempel is, maar een plaats voor het laten stromen van de Grote Emoties die door een overkill aan informatie in het dagelijks leven soms moeilijk te voelen zijn.”

De belangrijkste spreker van de openingssessie is Jacques Attali – natuurwetenschapper, self-made filosoof en historicus, ex-presidentieel adviseur en (in 1991) oprichter en eerste directeur van de Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling. Attali is ook de auteur van een boek over muziek als indicator van maatschappelijke verandering. „Globalisering en technologische vooruitgang zullen de vraag naar uitzonderlijke kwaliteit doen toenemen”, voorspelt hij. „Opera wordt de reminiscentie van een voorbije schoonheid. Europa is in crisis, en opera ook. De concurrentie met andere kunstvormen is moordend. Entertainment doet het goed, creativiteit niet. Nóg zitten de zalen vol. Maar opera dreigt een genre te worden voor de opgeleide middenklasse, die afkomt op de façade, op het beeld van het bloeiende Europa dat klinkt uit opera’s uit het verleden; een soort nostalgie naar een bourgeois verleden. Waarom worden er geen libretto’s meer geschreven? Waarom wordt Vietnam wel de musical Miss Saigon, en geen opera? Opera moet naar het publiek toe.”

Maar hoe ver ga je daarin? Pogingen nieuwe toeschouwers te trekken en opera dichter bij het publiek te brengen, staan centraal op een van de vele discussiefora op het congres. „Heel ver”, vindt Peter Maniura, hoofd Arts & Culture van de BBC. „Opera is – net als Big Brother – een format. Het gaat over menselijke emoties. Wij denken allen in het verkeerde hokje, of beter: kastje. Televisie als medium is passé, daar moet je niet op inzetten. Nee, mensen moeten struikelen over opera. Gewoon, in het dagelijks leven. De English National Opera heeft de derde akte uit Die Walküre gebracht op het Glasbury Rock Festival. En live-opera op Paddington Station tijdens het spitsuur werkte óók. Duizenden misten hun trein en we trokken 1,5 miljoen kijkers, van wie de helft jonger dan 30. Normaal trek je met opera een marginaal kijkerspubliek, waarvan zeventig procent ouder is dan 55.”

Vanuit de zaal klinkt gemor. „Is dat nog wel opera, dan”, vraagt Elaine Padmore, algemeen directeur van het Royal Opera House aan Covent Garden. „Het operapubliek is grijs, maar dat was het altijd al. Toch komen er steeds nieuwe grijsaards die er belang in stellen.” Een vertegenwoordiger van de Finse Opera valt haar bij. „Wervende initiatieven zijn leuk, maar ontstaat daardoor nu ook een ander publiek dat daadwerkelijk een kaartje koopt voor de opera?”

Maar Peter Maniura van de BBC blijft bij zijn werkwijze. „Wat wij doen is pure agitprop. Natuurlijk moet je daarnaast bedenken hoe je het enthousiasme dat je kweekt vervolgens in goede banen leidt. De BBC organiseert nu bij voorbeeld een mammoetproject rondom Tsjaikovski. Maar in beginsel moet je je niet afvragen of je middelen wel deugen. Als je je bedient van goede muziek, who cares? Het doel heiligt die middelen. En opera is sowieso altijd een bastaardkunst geweest. ”

Meer informatie over opera in Europa en vriendenverenigingen via www.vriendenvdopera.demon.nl en www.fedora-opera.org