Extra ogen en oren voor agent

In Nieuwegein kan de politie burgers bellen om ze te laten helpen bij het opsporen van bijvoorbeeld autodieven. Het kabinet wil dit project Burgernet snel landelijk invoeren.

Een inbraak aan de Markt in Nieuwegein. Een buurtbewoner ziet een man uit een raam klimmen en belt het signalement door naar de politie. Minuten later krijgen 120 inwoners van Nieuwegein die in de omgeving van de braak wonen, automatisch een telefoontje van de politie. Of ze willen uitkijken naar de verdachte. Een paar kilometer verderop ziet een vrouw hem lopen. Hij klimt over een schutting om zich in een tuin te verstoppen. Dankzij de melding houdt de politie de 20-jarige man even later aan.

Dat is Burgernet. Onder het motto ‘Een echte held belt’ hebben 1.654 van de 60.000 inwoners van Nieuwegein zich aangemeld als „ogen en oren” van de politie. Ze worden ingezet bij „urgente” zoekacties, in de hoop criminelen op heterdaad te betrappen of bijvoorbeeld vermisten op te sporen. De deelnemers wonen verspreid over de gemeente. Nieuwegein is de proeftuin voor het idee dat ooit bij een Rotterdamse agent ontstond om burgers bij opsporingswerk te betrekken. In Rotterdam kon hij dat idee niet kwijt, bij het politiekorps Utrecht wel.

Door de betrokkenheid van wijkbewoners bij Burgernet moet „het veiligheidsgevoel in de samenleving toenemen”. Zowel overheid als burger zal minder het gevoel hebben er alleen voor te staan. Daardoor ontstaat meer begrip. „Normen en waarden worden nu niet opgelegd en repressief gehandhaafd, maar ontstaan nu, zoals het hoort, vanuit de maatschappij die ze ook, gesteund door de overheid, handhaaft.” Zo omschrijft de stuurgroep – in de business case waarin het plan uitgewerkt is voor een landelijke invoering – de ambitie van Burgernet. Het trefwoord: gemeenschapszin.

Voor wie het nieuwe regeerakkoord van Balkenende IV heeft gelezen is het een bekend geluid. „Veiligheid is geen zaak van politie en justitie alleen”, zo staat er in te lezen. „Burgers, bedrijven en organisaties zijn medeverantwoordelijk.” De verdere verspreiding van Burgernet over Nederland – ook al de bedoeling onder het vorige kabinet – past naadloos in het motto van de nieuwe coalitie.

Als Burgernet „landelijk uitgerold” wordt, kan iedere burger de politie gaan helpen bij zoekacties. De stuurgroep denkt dat zo’n 450.000 mensen mee gaan doen. Geschatte kosten: 8,3 miljoen bij de start en 2,2 miljoen jaarlijks.

De politie moest wel wennen, zegt Rob Konijnenberg, die de dagelijkse leiding over de meldkamer heeft. Maar nu genieten agenten ervan. Konijnenberg vertelt hoe hij eens op de politiemotor door een parkje reed, op zoek naar jongen die een ruit zou hebben ingegooid. Burgernet was ingeschakeld. „Normaal wordt je door burgers dan toch wel raar aangekeken.” Nu riep een buurtbewoner naar Konijnenberg: „Ik heb hem hier niet gezien hoor!”

Is de politie niet bang voor overijverige deelnemers? De Utrechtse korpschef Stoffel Heijsman maakt zich daar niet druk om: „Natuurlijk is het een enkele keer gebeurd dat mensen enthousiast met hun gsm de straat op gingen, om een verdachte te volgen. Maar dat heeft niet tot vervelende situaties geleid.” Om risico’s voor deelnemers zo klein mogelijk te houden, wordt bij bepaalde incidenten Burgernet niet ingeschakeld. „Bij een gewapende roofoverval doen we bijvoorbeeld geen melding.”

Maar werkt het ook? Uit een overzicht van de „de meest memorabele burgernetacties” op de website www.burgernet.nl blijkt dat er in vijf gevallen aanwijzingen kwamen die tot aanhouding leidden. Burgernet heeft een rendement van 5 procent, zo staat er in de business case voor het landelijke project.

De feitelijke bijdrage aan het opsporingswerk van de politie is „beperkt”, geeft korpschef Heijsman toe. Maar dat wordt beter, voorspelt hij. De techniek om een eerste signalering onder burgers te verspreiden, is nu nog te langzaam. „Dat moet echt secondenwerk zijn.” Hoe sneller een signalement verspreid wordt, hoe groter de kans dat wat de politie zoekt, nog in de buurt is. Ook kunnen nu in Nieuwegein alleen mensen met een vaste telefoonlijn meedoen. In het landelijke project moeten mensen ook via hun mobiele telefoon bereikt kunnen worden. Dat leidt hopelijk ook tot een evenwichtiger leeftijdsopbouw van de deelnemers – nu vooral 35-plussers.

De burger moet een grotere rol gaan spelen in het politiewerk, zegt korpschef Heijsman. Alleen dan kan de politie erin slagen om de doelstelling van het nieuwe kabinet te halen: binnen twee jaar moet de criminaliteit 25 procent minder zijn dan in 2003. Verdere verbeteringen in het politiewerk alleen leveren te weinig op dat te halen, denkt Heijsman.

Voorlopig lijkt Burgernet vooral een bijdrage te leveren aan de gemoedsrust van de deelnemers in Nieuwegein, zo blijkt uit onderzoek. Dat hoeft, zegt korpschef Heijsman, niets met een feitelijke toename van de veiligheid te maken te hebben. „Mensen voelen zich serieus genomen, hebben meer het gevoel dat ze weten wat er speelt.”

    • Derk Stokmans