WEEKBOEK 8

‘Opzij’ op de bres voor de vrouwenprijs

Opzij wil de literaire prijzenwereld emanciperen. Daarom gaat het feministisch maandblad de voorheen tweejaarlijkse Annie Romeinprijs – exclusief voor vrouwelijke auteurs – voortaan jaarlijks uitreiken.

Het is alweer zeven jaar geleden dat een grote literaire prijs naar een vrouw ging. Eva Gerlach won toen de P.C. Hooftprijs voor haar gehele oeuvre. Die prijs werd 65 keer uitgereikt, waarvan slechts achtmaal aan een schrijfster. Connie Palmen was in 1995 de laatste vrouwelijke laureaat van de AKO-literatuurprijs, die in zijn 17-jarig bestaan slechts drie keer aan een vrouw werd toegekend.

Wat is hier aan de hand? Schrijven vrouwen dan geen goeie boeken? ,,Juist wel”, licht redactiechef Emely Nobis per telefoon toe, ,,de reden voor het uitreiken van deze prijs is nu net dat wij zien dat er veel kwaliteitsschrijfsters zijn, maar dat zij op miraculeuze wijze niet worden genomineerd.” Volgens Nobis komt dat doordat in de literaire jury’s mannen structureel zijn oververtegenwoordigd. ,,Uit onderzoek blijkt dat mannen niet zo geïnteresseerd zijn in vrouwenlevens”, zegt cultuurredacteur Vivian de Gier. Welke onderzoeken dat zijn heeft zij overigens niet paraat. Casino van Marja Brouwers is volgens De Gier een boek dat eventueel bekroond had kunnen worden. ,,Of de boeken van Esther Gerritsen.” Ook haar lijkt het interessant om te kijken of het er de literaire prijzenwereld eerlijker aan toe gaat wanneer de juryplaatsen gelijk tussen mannen en vrouwen verdeeld zijn.

De Annie Romeinprijs, waaraan een bedrag van 5000 euro is verbonden, zal één keer in de vijf jaar aan een schrijfster worden toegekend voor haar hele oeuvre. In de tussenliggende jaren gaat de prijs naar het beste boek van een schrijfster in dat jaar.

Multatuli's oer-Havelaar komt beschikbaar

De Nachtwacht van de Nederlandse literatuur, de Max Havelaar, krijgt een facsimile-editie. De uitgave van het originele handschrift door uitgeverij Bas Lubberhuizen is wat vertraagd, en komt waarschijnlijk uit in september.

Bijzonder aan het manuscript van Max Havelaar, of de koffij-veilingen der Nederlandsche Handelsmaatschappij, is dat de bezorger van de eerste druk, Jacob van Lennep, de tekst censureerde. Om de bovenklasse niet tegen de schenen te schoppen, moest de politieke boodschap van het in 1859 voltooide boek worden afgezwakt, vond Van Lennep. Daarom verving hij persoons- en plaatsnamen door puntjes. Ook kwam er toen een hoofdstukindeling. Pas bij de vierde druk kreeg Multatuli de gelegenheid de veranderingen terug te draaien.

De uitgave van de facsimile is voortgekomen uit een samenwerking tussen uitgeverij Bas Lubberhuizen, de afdeling Bijzondere Collecties van de Universiteitsbibliotheek van Amsterdam, het Multatuli Genootschap en het project Metamorfoze, een landelijk programma ter conservering van zeldzaam bibliotheekmateriaal. Het boek gaat 145 euro kosten.

Multatuli’s handschrift is vrij goed leesbaar, zegt redacteur Wieneke ’t Hoen. ,,Het gaat dan ook om het nethandschrift; het kladhandschrift is spoorloos verdwenen is.”

Het manuscript, een van de pronkstukken van de Bibliotheek Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, ligt in april op een tentoonstelling bij de opening van de nieuwe behuizing van deze bibliotheek op de Oude Turfmarkt.