Verdiaans drama bij Capitalia

Het dramatische gevecht om de macht bij Capitalia deze week maakt duidelijk dat opereren in de Italiaanse financiële sector nog altijd een hachelijke zaak is. „Het spijt mij zeer dat er een breuk in onze vriendschap is ontstaan.”

Dolkstoten in de rug, gekonkel en een dramatische oproep tot verzoening. Het gevecht om de macht bij Capitalia de afgelopen dagen leek veel op een Italiaanse opera. In de slotscène werd de ruzie bijgelegd, maar de littekens die het gevecht heeft veroorzaakt zullen de toekomst van de bank zeker beïnvloeden.

De ontwikkelingen bij Capitalia zullen hoofdschuddend zijn bekeken op het hoofdkwartier van ABN Amro, met 8,6 procent de grootste aandeelhouder in de Romeinse bank. Het is toch al een turbulente week voor ABN Amro dat geconfronteerd wordt met de speculatieve aandeelhouder TCI die via een brief eist dat de bank zich opsplitst of verkoopt omdat het aandeelhoudersrendement achterblijft. TCI sprak zich bovendien uit tegen een overname van Capitalia door ABN Amro. Vervelend, want de Amsterdammers hebben er in het verleden geen geheim van gemaakt interesse te hebben om de derde bank van Italië in te lijven. Zo wil ABN Amro haar positie in het land dat zij ziet als een thuismarkt versterken.

Een mogelijke overname van Capitalia, door wie dan ook, stond aan de basis van de openbare ruzie tussen bestuursvoorzitter Matteo Arpe en president-commissaris Cesare Geronzi. Een belangrijke bijrol was weggelegd voor Ripa di Meana, de voorzitter van het aandeelhouderspact dat 31 procent van Capitalia bezit en waarvan ook ABN Amro deel uitmaakt.

Dat Geronzi (72) en Arpe (42) ruzie hadden was al enige tijd publiek geheim, maar de twist werd openbaar in de aanloop naar de aandeelhoudersvergadering gisteren. In een open brief in de zakenkrant Il Sole 24 Ore stelde Arpe deze week dat er door onder meer Ripa di Meana „psychologische intimidatie” werd uitgeoefend. Deze voorzitter, zo bleek uit de brief, wilde dat Arpe zijn functie zou neerleggen tegen een financiële vergoeding en had zelf al een opvolger benaderd. Arpe, die er de afgelopen jaren voor zorgde dat Capitalia weer een winstgevend bedrijf werd, weigerde. Maar hij wist dat hij weinig kans maakte als het pact en Geronzi hem weg wilden hebben.

Arpe en zijn voormalige beschermheer hadden gisteren een ontmoeting van twee uur en in een nieuwe brief ging Arpe diep door de knieën. „Het spijt mij zeer dat recente ontwikkelingen voor een breuk hebben gezorgd in onze vriendschap”, schrijft Arpe, die vergiffenis vraagt als de indruk was ontstaan dat hij geen goede bedoelingen had. Geronzi aanvaardde de excuses en de bestuursvoorzitter mocht blijven.

Het meningsverschil tussen Geronzio en Arpe ging vooral over strategie. Capitalia is de derde bank in Italië, maar staat ver achter de nummer één Unicredito en de combinatie van Sanpaolo en Intesa, de nummer twee en drie van het land die onlangs fuseerden. Capitalia wordt gezien als doelwit. Geronzi verwelkomde onlangs interesse van de Spaanse bank Santander, een actie waar Arpe niet achter stond. Arpes weerstand tegen Geronzi, die hem in 2001 binnenhaalde, leek hem de kop te kosten. Geronzi is een van de machtigste mannen in de Italiaanse financiële sector. Onlangs wist hij de aandeelhouders zover te krijgen hem zijn functie terug te geven toen hij daaruit was gezet na een veroordeling wegens fraude bij een projectontwikkelaar.

Geronzi en Arpe mogen dan officieel hun ruzie hebben bijgelegd, de band tussen de twee is beschadigd. Geen goed voorteken voor een bank die opereert in een markt die flink in beweging is. ABN Amro brak de Italiaanse bankensector in 2005 open met de moeizame overname van Antonveneta, maar Geronzi maakte vorig jaar duidelijk voorlopig niets te willen weten van een overname door ABN. De belangstelling van Europese banken voor de lucratieve sector neemt toe. ABN Amro zit tot 2008 vast in het aandeelhouderspact, maar het is mogelijk dat Capitalia al eerder een fusie wil aangaan of een overnamebod kan verwachten. Het is de vraag of Arpe en Geronzi het daar over eens worden.