‘Nederlander komt vooral voor tennis’

Op het tennistoernooi van Richard Krajicek staat de speler centraal. In de hal blijft het entertainment bescheiden. „Ik zou er een hele zoo van maken.”

„Let me entertain you”, klinkt het zachtjes uit de luidsprekers van het Rotterdamse sportpaleis als Robin Haase en Igor Sijsling aantreden voor hun dubbelspel tegen Alexander Waske en Andrei Pavel. Het overgrote deel van de toeschouwers bevindt zich dan nog in de coulissen van Ahoy. Mensen vermaken zich in het vipdorp met een hapje en een drankje, proberen de snelheid van hun eigen opslag te meten, graaien in kledingrekjes naar koopjes of lopen gewoon wat rond. Het vermaak buiten de baan wint het duidelijk van het sportieve optreden van de twee Nederlandse tennistalenten.

Proftennissers zijn nog altijd de hoofdrolspelers op de internationale toernooien. Zo ook op het World Tennis Tournament van toernooidirecteur Richard Krajicek. De Wimbledonkampioen van 1996 weet als geen ander waar spelers behoefte aan hebben. De deelnemers laten zich elk jaar lovend uit over het spelersrestaurant, het transport van en naar het hotel en ze prijzen de trainingsfaciliteiten. Op en rond het centre court staat de sporter centraal. In de hal blijft het entertainment – al dan niet bewust – bescheiden. Spelers worden bij hun opkomst niet in de spotlights gezet, tijdens de baanwissels klinkt geen muziek en tussen twee partijen worden geen miniconcerten gehouden. Uitleg over Hawk Eye (een elektronisch oog dat bepaalt of de bal in of uit is) en de supertiebreak ontbreekt.

Als het aan Haase ligt, zou iedere speler bijvoorbeeld zijn eigen begeleidende muziek kunnen kiezen. „Zoals de darters opkomen als ze moeten spelen. Ik zou er dan een goede knaldreun ingooien”, zegt de prof na zijn verloren partij tegen de Rus Mikhail Joezni.

Stanley Franker, voormalig toernooidirecteur a.i. van het World Tennis Tournament, is van mening dat in de eerste plaats de spelers voor entertainment moeten zorgen. „Als je naar een tennistoernooi gaat hoor je te weten wat de regels zijn”, stelt Franker in het vipdorp waar hij dagelijks aan genodigden tennistips geeft. „De kwaliteit op de tennisbaan bepaalt de kwaliteit van het evenement. Zo hebben de mensen hier deze week kunnen kijken naar een aardige partij van Martin Verkerk. Met Rik de Voest had hij een gouden loting. Verkerk had alleen de handicap dat hij twaalf kilo te zwaar is. Wat dat betreft had hij het publiek meer kunnen bieden.”

Profspeelster Brenda Schultz heeft als inwoner van de Verenigde Staten geleerd dat het Amerikaanse publiek vooral vermaakt wil worden. „In Nederland hebben we daar wat minder oog voor”, stelt de voormalige nummer negen van de wereldranglijst. „Als een speler met de status van iemand als Verkerk in de VS terug zou keren, zou daar een hele show van worden gemaakt. Zo’n tennisser zou zelf ook roepen dat hij helemaal klaar is voor een terugkeer. Hier is dat veel minder. Verkerk zei dat hij over een paar maanden op zijn oude niveau hoopt te zijn. ‘Nou dan ga ik tegen die tijd wel eens kijken’, denken de fans dan. Nederlands publiek is nuchter. Die komen vooral voor het tennis.”

Als Schultz zelf toernooidirecteur in Rotterdam zou zijn geweest, had ze wel voor meer show gezorgd. „Ja, ik zou er een hele zoo van maken”, zegt ze lachend. „Maar ik snap ook wel dat Richard Krajicek bij zijn eigen missie blijft. Hij is wat conservatiever dan ik.”

Het World Tennis Tournament kreeg deze week bezoek van Etienne de Villiers, de hoogste baas van de spelersvakbond ATP. De Zuid-Afrikaan, die vijftien jaar lang in verschillende functies voor The Walt Disney Company werkzaam was, benadrukt in Rotterdam dat toernooidirecteuren met de ogen van de fans naar tennis moeten kijken. Hij is lovend over het World Tennis Tournament. „Als fan kan ik me hier een hele dag amuseren en niet eens teleurgesteld zijn als ik geen kaartje voor het centre court zou hebben”, stelt De Villiers verwijzend naar het ‘omlijstende’ programma in Ahoy. Over het gebrek aan amusement rond het centre court laat hij zich niet uit.

Volgens Marcella Mesker, oud-prof en toernooidirecteur van Scheveningen, kan ‘Rotterdam’ nog aantrekkelijker voor het publiek worden. „Het avondprogramma leent zich voor wat meer show. Je kunt zangers laten optreden, T-shirts het publiek in schieten of beelden van tennissers laten zien.” Op de vraag of modellen de ballen zouden moeten rapen, reageert Mesker afwijzend: „Nee, dat moet je niet doen. Want dat heeft echt invloed op het spel.”