Liefde voor Friesland op ’n sticker

Met snypsnaren voert de Fryske Nasjonale Partij campagne voor de Provinciale Staten-verkiezingen. De partij wil geen aparte Friese staat, maar versterking van de Friese taal en cultuur. „En we zijn ook tegen de zoutwinning.”

Demonstratie van de FNP tegen de gemeentelijke herindeling (linkerspandoek) en tegen een vorostel voor samenbundeling van de drie noordelijke provincies. Foto FNP FNP

Een grote luchtballon moet er komen. De afdeling noordoost-Friesland van de Fryske Nasjonale Partij (FNP) ziet dit als een goede ‘fyt’ (Fries voor verkiezingsstunt) en een mooi protest tegen mogelijke opslag van kernafval in de provincie. „Maar die ballon moet wel uit Berlijn komen en kost een hoop geld”, vertelt FNP-statenlid Pytsje de Graaf tijdens een campagneoverleg met ongeveer 35 statenleden, kandidaatstatenleden en campagnecoördinatoren. Ze zijn bijeen in een bovenzaaltje van hotel Duhoux in het Friese dorp Wirdum, de vaste vergaderplek van de FNP’ers.

Campagneleider Germ Gerbrandy, wethouder in Wymbritseradiel, reageert enthousiast: „Fantastisch. Dit moet op de voorpagina van de Ljouwerter! (Leeuwarder Courant red.)” Hij meldt dat de ‘snypsnaren’ (promotiemateriaal) al haast op zijn. De FNP-krant is bijna gereed, meldt pr-medewerkster Silvia Hania. In een oplage van 270.000 wordt die anderhalve week voor de verkiezingen huis aan huis in Friesland verspreid door partijvrijwilligers. De krant kan bij iedereen door de brievenbus, ook als daar een nee/nee-sticker op geplakt is, benadrukt Gerbrandy. „Want dit is nieuws, geen reclame.” Ook de FNP-sticker („I love Fryslân”) – met het pompeblêd, de waterlelie als symbool van Friesland, als „houden van” – wordt bijgevoegd.

Want liefde voor Friesland is waar de FNP voor staat. Het „nasjonale” is synoniem met „voor en van de Friezen”, maar de FNP wil geen aparte Friese staat. „We zijn niet van de slagbomen en de paspoorten”, beklemtoont lijsttrekker Johannes Kramer (39). „We zijn juist voor samenwerking en pro-Europees. We waren ook voor de Europese grondwet.” De partij is met zeven statenzetels de derde partij van Friesland – vier jaar geleden bleef de FNP buiten het college, ondanks drie zetels winst – en heeft sinds zijn deelname aan de statenverkiezingen in 1988 nooit zetels ingeleverd. Ook nu gokt Kramer op winst.

De FNP werd 45 jaar geleden opgericht en beoogt een sterk en autonomer Friesland. „We willen als provincie meer bevoegdheden en meer zeggenschap over het onderwijs en de woningbouw. Nu bepaalt Den Haag dat.” De FNP is voor versterking van de Friese taal en cultuur. De positie van de tweede rijkstaal staat onder druk, stelt Kramer. „Steeds minder kinderen spreken de taal. Daarom zijn we voor drietalig basisonderwijs. De lessen in de benedenbouw moeten in het Fries en Nederlands worden gegeven. In de bovenbouw kan dat ook in het Engels.” Het regeerakkoord wijdt een zin aan het Fries. Kramer vindt dit echter te karig. „Als het Nederlands in de Grondwet komt, zoals het kabinet wil, dan ook het Fries. Het rijk moet erkennen dat het Fries een uniek Nederlands cultuurbezit is en geen aparte eigenaardigheid van de Friezen.”

De FNP is niet louter een taalpartij, zoals tegenstanders beweren, onderstreept de lijsttrekker. „We hebben een breed programma. We zijn tegen herindeling, tegen de omstreden zoutwinning in Noordwest-Friesland, tegen verrommeling van het landschap. Verder willen we dat er meer gasbaten naar Friesland vloeien.”

Tijdens de vergadering klaagt Gerbrandy dat er in de landelijke media weinig animo is voor de FNP. „Het nieuws over de kabinetsformatie dreigt de provinciale verkiezingen weer te overschaduwen. Dat gesodemieter moet eens zijn afgelopen.” Kramer sussend: „We moeten het niet van de landelijke tv hebben. Wij zijn aanwezig in de buurten, bij de gewone man in de straat. Daar ligt onze kracht.”

Johannes Kramer is bij een verkiezing van dagblad Trouw en de Vrije Universiteit uit 826 statenleden gekozen is tot het op een na beste statenlid van Nederland. Op een debatavond van vijf lijsttrekkers van het Friese Waterschap, waar Kramer aan deelneemt, krijgt hij veel felicitaties. Kramer, getooid met donkerblauwe FNP-sjaal, zit met de armen over elkaar op het podium en kijkt ietwat getergd de zaal in. Hij ergert zich, vertelt hij in de pauze: de stellingen van waterschapmedewerkers zijn te lang en te vaag.

Lolke Folkertsma, nummer zeven op de FNP-lijst, is in een beter humeur. De dag ervoor deelde hij met statenlid Pytsje de Graaf in Dongeradeel 2500 Valentijnskaarten en stickers uit. „Die sticker ‘I love Fryslân’ wil iedereen wel opplakken”, grijnst hij. De FNP is, net als de PvdA, voor opheffing van het Friese waterschap. „Het waterschapsbestuur kun je onderbrengen bij de provincie. Dat is goedkoper en democratischer”, verkondigt Kramer. Martsje Haitsma van de actiegroep ‘Laat het zout maar zitten’ strijdt al jaren tegen de zoutwinning bij Pietersbierum. De bodem daalt, de woningen krijgen scheuren en dalen in waarde. Ze klaagt dat zoutfabriek Frisia geen deugdelijk waterhoudingsplan heeft en eist sluiting van de zoutmijn. Kramer geeft haar gelijk: „De overheid moet zijn verantwoordelijkheid nemen en de concessie afkopen. Het rijk moet ook alle schade vergoeden.”

Douwe Bijlsma, nummer twee op de lijst, voorspelt dat de zoutwinning een breekpunt kan worden bij collegebesprekingen. De FNP is desalniettemin toe aan besturen, zegt hij. „Je ziet dat andere partijen onze punten overnemen als wij groter worden. Op zich mooi, maar je wilt zelf ook wel eens verantwoordelijkheid nemen.”

Kramer werd gisteren in een verkiezing van het Friesch Dagblad door zijn collega-statenleden uitgeroepen tot beste statenlid en beste redenaar. Hij vindt het „aardig”, „maar de echte overwinning is als we de stem van de kiezer krijgen”. „Vier jaar geleden haalden we bijna 14 procent van de stemmen. Ik hoop dat dat weer lukt. Het zou mooi zijn als we in de nieuwe staten zes zetels halen.”

Rectificatie / Gerectificeerd

In het artikel Liefde voor Friesland op ’n sticker over de Fryske Nasjonale Partij (FNP) (23 februari, pagina 2) staat dat de partij blij zou zijn met zes zetels. Het aantal Statenleden gaat in Friesland terug van 55 naar 43. In de huidige Staten heeft de FNP zeven zetels. Omgerekend zou de FNP dus met zes zetels winst boeken – en daar hoopt de partij op.

    • Karin de Mik