De winnaar

Er zijn tijden geweest dat wij Nederlanders maar een braaf volkje waren. Als vertegenwoordigers van onze volkssport nummer één naar het buitenland trokken, vervulde dat de natie met een cocktail van dedain en ontzag. Vooral Zuid-Europa leek een oord van duisternis en gemene trucs, van vernuftige dribbels en een haast criminele spelbenadering. Wilde Nederland ooit een topland worden, dan diende het daar een beetje in mee te gaan, vonden avant-gardisten als Rinus Michels. Geschrokken keken we naar een foto van Johan Cruijff die op de grond zat en aan zijn haren werd getrokken. Op een bepaalde manier verbeeldde de dader, ik meen van Benfica, de toekomst: immoreel en professioneel.

We wonnen een serie internationale bekers en toch zijn we erin geslaagd een reputatie hoog te houden van een betrekkelijk, nou ja, fatsoenlijk voetballand. Met een streep onder betrekkelijk: we leerden te schoffelen en tijd te rekken, en sinds eind jaren negentig versieren we al bijna net zoveel vrije trappen door middel van fopduiken als in Zuid-Europa. Noem het vooruitgang.

Zo beschouwd is Mark van Bommel een futuristische voetballer. Geen Nederlandse topspeler die zoveel energie spendeert aan provocaties als hij. Met je volle gewicht op de tenen van een tegenstander staan als de scheids even de andere kant opkijkt: laat dat maar aan Van Bommel over. Trappend en knijpend gaat Onze Mark door het leven, hij geniet daar zichtbaar van. Typeer hem als een smeerlap en hij kijkt je glimlachend aan: helemaal mee eens. Tijdens het WK 2006 bleek hij de schwalbe nog niet helemaal onder de knie te hebben – na een vederlicht kopstootje in zijn richting zakte hij ongeloofwaardig laat en langzaam ineen – maar ook dat gaat inmiddels een stuk beter.

In de jaren tachtig wonden we ons vreselijk op over de aanstellerij van Lothar Matthäus. Nu noemen we zo iemand een winnaar.

Het minifilmpje dat de NOS deze week van hem maakte, gaf een inkijk in de nieuwe wereld. Namens Bayern München leefde de vroegere middenvelder van PSV zich helemaal uit, als een dolle stier draafde hij over het gras. Medespelers die blijkbaar iets verkeerd hadden gedaan schold hij op een verschrikkelijke manier uit, duwend, gebarend, schreeuwend, echt een lekker potje voetbal. Omdat de wedstrijd in Madrid werd gespeeld en Mark de Winnaar een seizoen eerder nog onder contract stond bij aartsrivaal Barcelona vierde hij zijn doelpunt tegen Real met een weids fuck you-gebaar.

Maar het mooiste moment in het filmpje was toch wel de Madrileen die op de grond zat en Mark van Bommel die hem eens lekker aan de haren trok. Het signaal was duidelijk: de emancipatie van Nederland voetballand is eindelijk een feit.