And the winner is... a grand old lady!

Een filmleven houdt voor vrouwen niet meer op bij 35.

Maar liefst drie oudere actrices zijn genomineerd voor een Oscar. Dat is bijzonder.

Judy Dench in Notes on a Scandal Judi Dench in NOTES ON A SCANDAL. Photo Credit: Clive Coote Coote, Clive

Met filmdiva’s was het lange tijd net als met primaballerina’s: als ze te zwaar werden om op te tillen, dan was het afgelopen met hun carrière. En het zijn hier natuurlijk niet de kilo’s die de weegschaal aangeeft die tellen, maar de jaren. En die tellen dubbel.

Als Judi Dench (72), Helen Mirren (61) of Meryl Streep (57) dit weekeinde de Oscar wint voor Beste Actrice voor hun rollen in respectievelijk Notes on a Scandal, The Queen of The Devil wears Prada, dan horen zij bij het handjevol actrices dat ooit boven hun vijftigste een Academy Award gewonnen heeft.

Het feit dat er dit jaar maar liefst drie actrices van boven de 35 (de leeftijd waarna de kans op een Oscar statistisch gezien flink afneemt) zijn genomineerd, is een duidelijke trendbreuk in de Hollywood-doctrine van the young and the beautiful. Maar is het ook een trend?

Het lijkt er wel op. Op het afgelopen Filmfestival Berlijn liepen maar liefst drie sterren over de rode loper op wie de tijd geen vat lijkt te hebben gekregen. Sharon Stone (49) was ongeschminckt te zien in When a Man falls in the Forest. Marianne Faithful (60) speelde in Irina Palm een 50-jarige weduwe die in een seksclub gaat werken om een operatie voor haar kleinzoon te betalen en was lange tijd favoriet voor de Zilveren Beer voor Beste Actrice. En Lauren Bacall (82) was te zien als één van de societydames die gebruik maakten van de diensten van gigolo Woody Harrelson in Paul Schraders The Walker, het vervolg op American Gigolo.

Dat waren niet zomaar rollen van Miss Marple-achtige omaatjes die in wolken van roze wol breiend hun dagen doorbrengen, maar zware, niet glamoureuze optredens, waarin de camera de aanblik van hun lichaam niet spaarde.

Toch ging het in de onderschriften bij de sterrenfoto’s in de Duitse kranten nooit over hun leeftijd. En al helemaal nooit vergoelijkend over het feit dat ze er desondanks nog steeds heel mooi uitzagen. Het ging over hun schoonheid. Punt. En daarna over de krachtsinspanning die ze als actrice hadden geleverd. Alsof ze Clint Eastwood waren. Of Robert de Niro. Ze werden, kortom, serieus genomen.

Ook de Françaises Catherine Deneuve (64) en Jeanne Moreau (79) hebben al jaren niet over rollen te klagen. Je zou zelfs kunnen zeggen dat de waardering voor hun werk er alleen maar groter op geworden is, sinds ze niets meer te verliezen hebben en in zee gaan met de meest gedurfde regisseurs van déze generatie: Lars von Trier bijvoorbeeld, of François Ozon.

Het zijn trouwens deze dames die de beste tip hadden voor wie wil overleven in de filmwereld nadat zij kinderen heeft gekregen: of je kiest voor je gezicht (Deneuve) en hebt er vrede mee dat zich in andere lichaamsdelen ook wat natuurlijk vulsel vastzet, of je kiest voor je lichaam (Moreau) met als gevolg dat de rimpels vat krijgen op je gelaat.

Of je blijft natuurlijk van top tot teen aantrekkelijk, zoals Helen Mirren, die zelfs in de stijve mantelpakjes van Koningin Elizabeth nog sexy is. Dat is misschien wel de reden dat zij de grootste kanshebber voor die Oscar is.

Het winnen van een Oscar wordt in Amerika en de veramerikaniseerde delen van de filmwereld zo’n beetje gezien als het hoogste dat je op je vakgebied kunt bereiken. Maar dat kun je beter maar zo snel mogelijk in je carrière doen. Want een Oscar is een marketingmiddel. ‘Met Oscar-winnaar zus of zo’ komt dan op de poster van je volgende film te staan. Een nominatie helpt trouwens ook al enorm.

Een Oscar is dus niet de bekroning van een lang en werkzaam leven, of een imposant oeuvre. Daar zijn de ere-Oscars voor, die in de praktijk meestal worden uitgereikt aan filmmakers die daarvóór om een of andere reden ‘overgeslagen’ werden, toen het had gekund of gemoeten. In hun dankwoord beklemtonen ze steevast dat deze ereprijs niet als eindpunt van hun stokoude, met wandelstok en draagbare zuurstoftank het podium opgeduwde werkzame leven moet worden beschouwd. Maar dat is het natuurlijk meestal wel.

Toen de Amerikaanse regisseur Robert Altman (1924-2006) vorig jaar die troost-Oscar won, ‘biechtte’ hij in zijn speech op al eens een harttransplantatie te hebben ondergaan. En vertelde hij op de set van A Prairie Home Companion zijn jongere collega Paul Thomas Anderson om verzekeringstechnische redenen standby te hebben gehouden, voor het geval hij niet in staat zou zijn geweest de film te voltooien.

De tragiek van de situatie is natuurlijk dat de tachtigplusser zoiets eigenlijk geheim had moeten houden. Geacht werd te houden. Want de droomfabriek van Hollywood kan niet goed tegen ouderdom. Ongetwijfeld omdat ouderdom staat voor een heleboel archaïsch in ons brein geïmplanteerde dingen zoals: gebrek aan energie, daadkracht en vruchtbaarheid. Of, in andere woorden: gebrek aan geld en succes.

Maar dit alles begint zoals gezegd te kenteren. Een filmleven houdt voor vrouwen niet meer op bij 35 jaar. Toch zijn de beste kansen om een Oscar te winnen nog niet eerlijk verdeeld. Meer dan 65 procent van de Academy Awards voor Beste Actrice werd gewonnen vóór het 40ste levensjaar, terwijl dat bij mannen slechts 30 procent is. Voorlopig kun je als man in Hollywood dus met een gerust hart grijs worden, een buikje en een kop vol rimpels krijgen – en nog steeds filmisch uitgehuwelijkt worden aan de jongste meisjes. Woody Allen kwam er bij zijn laatste film weliswaar achter dat hij voor Scarlett Johansson maar beter een vaderfiguur dan een minnaar kon spelen, maar dat was dan ook echt op het randje.

De belangrijkste inhaalslag moet natuurlijk van de rollen komen. Interessante vrouwenrollen zijn er nog veel te weinig. Alle actrices ouder dan 35 klagen over het gebrek aan fatsoenlijke rollen. Die worden niet geschreven. De reden? Het merendeel van de scenarioschrijvers is man. Zo simplistisch seksistisch zit het soms in elkaar. Of nog eenvoudiger: de rolverdeling in Hollywood-films weerspiegelt de (Amerikaanse) maatschappelijke verhoudingen.

Wie een Oscar wint, wordt bepaald door de leden van de Academy of Motion Picture Arts and Sciences, die sinds 1927 jaarlijks de prijzen uitreikt. Hoe word je lid? Onder meer doordat je een Oscar hebt gewonnen. Wie winnen Oscars? Al die cameramannen (m.), editors (m.), regisseurs (m.) die het smoel van de Amerikaanse filmgeschiedenis mede hebben bepaald. Die leden stemmen allemaal in hun eigen categorie (scenarioschrijvers op scenarioschrijvers etc.).

Voor actrices als Jody Foster, Sandra Bullock, Reese Witherspoon en Drew Barrymore is dat bijvoorbeeld een reden zich naast het spelen ook op het produceren van films te richten. Zo kunnen zij er tenminste actief voor zorgen dat er wél films over eigenwijze, stoere, tegendraadse, vrijgevochten, vervelende, gevaarlijke en andere rolpatroon-doorbrekende vrouwen komen.

En dan moeten dit ook nog Oscar-winnende rollen zijn. Ook dat is niet zo eenvoudig. Niet dat er een recept voor is, maar de geschiedenis heeft uitgewezen dat de stemgerechtigde leden van de Academy graag kiezen voor films waarvan de boodschap niet te controversieel is. Daarom maakt Helen Mirren als Engelse royalty meer kans op een Academy Award dan Judi Dench, die verrukkelijk politiek acorrect een gemene lesbo speelt, of Meryl Streep, als bitchy hoofdredactrice van een modeblad.

Hoe vooruitstrevend Hollywood zich het hele jaar ook mag voordoen, op 25 februari is het gewoon een spiegel van de Amerikaanse maatschappij. Daarom is het een goed teken dat uit de nominaties blijkt dat het dit jaar even niet gaat om wie de mooiste in het land is, maar wie de beste actrice. Tenzij Penelope Cruz met haar nepborsten en nepbillen uit Volver wint.