Van Geel beloofde te veel

Loes Schutte-Postma is universitair docent milieurecht.

In januari 2007 hebben we een Wet luchtkwaliteit, dan kan er weer gebouwd worden in Nederland, aldus toenmalig staatssecretaris Pieter van Geel (Milieu, CDA) afgelopen zomer. Honderden grote bouwprojecten, waaronder de aanleg van snelwegen en woonwijken, lagen toen al anderhalf jaar stil. Bij realisering zouden ze tot overschrijding van EU-normen voor fijnstof en stikstof leiden. Ondertussen is het februari 2007, wordt Van Geel fractievoorzitter van het CDA, maar is er nog geen Wet luchtkwaliteit. En als die er wel was, zou er nog niet gebouwd kunnen worden. „Dat was heel erg wishful thinking”, zegt Loes Schutte-Postma, universitair docent milieurecht aan de TU Delft. Zij evalueerde het wetsontwerp luchtkwaliteit.

Is de Wet luchtkwaliteit er al?

„Nee, de afhandeling in de Eerste Kamer laat nog op zich wachten. Maar ook mét de Wet luchtkwaliteit kan er niet direct worden gebouwd.”

Waarom niet?

„Omdat het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL), dat met die nieuwe wet in werking treedt, een juridisch wankele basis heeft. Dat komt door de grote risico’s die Van Geel heeft genomen. Hij is er bij het opstellen van het NSL vanuit gegaan, dat hij in Brussel twee keer uitstel zou krijgen voor het toepassen van de Europese normen. Zoveel uitstel kwam er niet. Dat was ook wel heel erg wishful thinking.”

Wat betekent dat voor die projecten?

„Dat de geplande maatregelen tegen luchtvervuiling om ze, onder de nieuwe wet Luchtkwaliteit, te kunnen hervatten volstrekt onvoldoende zijn om te kunnen voldoen aan de EU-normen. Er moeten dus meer maatregelen in het NSL worden opgenomen en er moet meer geld bij.”

Wat verwijt u Van Geel?

„Een enorme onderschatting van het dossier luchtkwaliteit. Hij ging pas aan het werk toen de rechter hem tot de orde riep. En hij schermde maar met dat NSL. Daarmee gaf hij een veel te positief beeld.”

Wat is uw advies aan zijn opvolgster, PvdA-minister Jacqueline Cramer?

„Maatregelen nemen tegen luchtvervuiling en niet teveel juridische trucjes uitproberen.”