‘Maar hoe zit het dan als je je ouders vermoordt?’

De rechtbank in Arnhem laat kinderen kennismaken met de rechtszaal, onder meer door hen een zitting na te laten spelen. „Ik wil later rechter worden. Dan zie je echte criminelen.”

Kinderen in een zittingszaal van de rechtbank in Arnhem spelen verdachte, rechter of officier van justitie. Ze staan daarbij onder leiding van een echte rechter. (Foto Flip Franssen) Nederland, Arnhem, 21-2-2007 Kinderen spelen rechtbankje. Daniel kijkt een klasgenoot vriendelijk aan als deze een straf moet voorstellen. Foto: Flip Franssen Franssen, Flip

De fantasie van Daniël Youssef slaat op hol als hij zich voor de rechtbank moet verantwoorden voor diefstal van een rode Ferrari bij het zwembad in Arnhem. „Ik heb het niet gedaan”, zegt hij tegen rechtbankvoorzitter Hetty Kester. „Maar ik weet wie het wel gedaan heeft. Zij daar”, zegt hij met priemende vinger richting een andere rechter. „Ze durft het alleen niet te zeggen”. Commotie op de publieke tribune. Na enig doorvragen geeft Daniël toe dat hij wel een Ferrari heeft gestolen, maar dan een róze.

Omdat ook zijn advocaat niet bijdraagt aan een geloofwaardige verdediging – „ik was erbij” – wordt Daniel ‘veroordeeld’ tot twee maanden gevangenisstraf en een boete. Zijn voorstel om tussen een taakstraf en een gevangenisstraf te loten, wordt afgewezen.

Eigenlijk maakt het Daniël niets uit, want de zitting is nep. Zelf is hij nog maar acht jaar en ook de officier van justitie, de griffier, twee rechters en de advocaat zijn niet ouder dan elf. Het zijn kinderen uit Arnhem die op initiatief van de Stichting Jeugdland op excursie zijn in de rechtbank. Ze mogen zich laten fotograferen in toga, vragen stellen aan de rechter, plaats nemen in een arrestantenbus en een kijkje nemen in een zittingszaal. Het hoogtepunt is het het naspelen van een rechtszitting, waarbij de hoofdrolspelers zich net als rechter Kester hullen in zwarte toga.

Stichting Jeugdland organiseert sinds 1971 in de schoolvakanties educatieve, recreatieve en culturele activiteiten voor kinderen van vier tot twaalf. Dit jaar staat voor het eerst een bezoek aan de rechtbank op het programma. De belangstelling is groter dan het aantal plaatsen.

De Arnhemse kinderen hebben een redelijk idee wat zich afspeelt in een rechtbank. Ze blijven het antwoord schuldig op de vraag wat een officier van justitie is, maar daarna gaan de vingers snel de lucht in. Een rechter is iemand „die zegt hoe lang criminelen in de gevangenis moeten”, zwijgrecht betekent „dat je niet hoeft te praten” en een advocaat is iemand „die het voor een boef opneemt”.

Kennen jullie een advocaat?, vraagt rechtbankvoorlichter Eddy Lamers. „Dick Advocaat”, zegt een jongen. Niet duidelijk is of hij een grap maakt. „Milosevic”, roept een ander. „Bijna goed, jullie bedoelen denk ik Moszkowicz”. Die kennen ze wel. „Van de zaak-Holleeder” en „van radio en televisie”.

Rechter Kester deelt dikke wetboeken uit en zegt dat je „heel veel moet leren, wel tot je dertigste”, voordat je rechter bent. De kinderen vinden het een geruststellende gedachte dat ze, totdat ze twaalf zijn, onder de verantwoordelijkheid van hun ouders vallen. Maar hoe zit het dan als „je je ouders vermoordt als je nog geen twaalf bent”, vraagt iemand bloedserieus. „Dan kom je in een internaat terecht”, weet de rechter.

Ook Jan Rikken van de parketpolitie moet een spervuur van vragen doorstaan als hij voor de rechtbank een arrestantenbusje showt. De geblindeerde ramen vinden de kinderen „cool”, maar de ruimte binnenin is „te klein”. Joost van Uem (8) heeft wel eens zo’n busje zien rijden, maar hij wist niet dat er „boeven” in zaten. Dat zij in afwachting van de rechtszaak in een cellencomplex in de kelder worden opgesloten, is voor zijn vriendje Cas Kroeze nieuw en „wel leuk om te weten”.

„Ik hoop jullie nooit terug te zien in de bus”, zegt Rikken. David Huibers (8) heeft andere plannen. „Ik wil later misschien rechter worden”, zegt hij. „Omdat je dan echte criminelen ziet. Spannend.”