Wintersalade II

voor 4 personen als voorgerecht:2 struikjes witlof1 geroosterde biet, velletje verwijderd1 zoetzure appel, gewassen en uitgeboord20 gepelde halve walnoten, in stukjes3 eetlepels fijngehakte gladde peterselie100 g roquefort, in stukjes1 eetlepel rodewijnazijnzout en fijngemalen zwarte peper3-4 eetlepels olijfolie extra vergine

De basis van deze snel te bereiden salade is dat heerlijk krokante witlofblad, dat evenals de benodigde bietjes lang goed blijft in de groentelade. Kant-en-klaar gekookte biet kan ook worden gebruikt maar geroosterde biet is lekkerder.

Leg daartoe 4-6 afgespoelde bietjes (wortel nog niet wegsnijden) van ongeveer dezelfde grootte in een op 200 graden Celcius voorverwarmde oven. Rooster ze vijf kwartier (of iets langer) tot ze gaar zijn. Bewaar de bietjes na afkoeling, afgedekt door folie, in de ijskast; ze blijven zeker een week goed en kunnen na te zijn afgepeld, voor allerlei worden gebruikt.

Bereiding: Snijd de struikjes witlof overdwars in vier stukken, haal het blad los en doe het in een ruime slakom. Het onderste compacte stukje witlof is moeilijk los te halen, zodat het beter over de lengte in flinterdunne plakjes kan worden gesneden. Waar het om gaat is dat de salade handzame stukken witlofblad bevat en geen tot prut gesneden reepjes die snel verkleuren doordat ze door al dat snijden te veel zijn gekneusd.

Het bietje wordt in plakken van 1 cm dik, vervolgens in repen en ten slotte in korte stukjes gesneden. Snijd de appel in kwarten en snijd de ongeschilde partjes overdwars in plakjes. Strooi bietjes, appel, walnoten, peterselie en roquefort over het witlofblad.

Maak een dressing door de azijn en zout en peper naar smaak door elkaar te roeren tot het zout is opgelost. Roer er vervolgens de olie door en giet de dressing over de salade. Schep alles met twee houten vorken om tot de salade voldoende is aangemaakt. Geef er (geroosterd) brood en roomboter. Klaar.

De appel kan voor de variatie – de winter duurt lang – vervangen worden door een peer en de roquefort door gorgonzola piccante.

Florine Boucher

Morgen: Dubudibi