Oorlogsglamour in Beiroet

Verontwaardigd zijn ze, de vertegenwoordigers van de jeunesse dorée van Beiroet, vereeuwigd op de foto van Spencer Platt die dit jaar de World Press Photo won. In plaats van als een soort sjieke ramptoeristen, die op 15 augustus 2006 in een open cabriolet gingen kijken wat er over was van de door Israëlische bommen vernietigde, sji’itische wijken in het zuiden van de Libanese hoofdstad, willen ze zelf ook als slachtoffers worden aangemerkt. Dit hebben ze gisteren in interviews laten weten. Het was immers ook hun stad, die daar in puin lag.

Ze zullen het wel eerlijk menen. Maar tegelijkertijd is onduidelijk, waartegen hun bezwaren zich nu precies richten. Ze zijn zeker ter plaatse geweest, in die cabriolet, in hun modieuze kleren. Dus richt hun verontwaardiging zich eerder tegen een veronderstelde receptie van de foto: dat hun glamour, op die tijd en plaats, iets obsceens had, omdat zij niet paste in de zee van ellende van een plat gebombardeerde stadswijk. Of de jury van World Press Photo de foto van Spencer Platt ook zo heeft gezien en bekroond, wordt uit de woorden van jury-voorzitster Michele McNally overigens niet geheel duidelijk: „Het is een foto waar je naar blijft kijken. Hij heeft de complexiteit en de tegenstrijdigheid van het echte leven, te midden van chaos. Deze foto richt de blik voorbij het vanzelfsprekende”.

‘Tegenstrijdigheid’ waarmee eigenlijk? Met de puinhopen op de achtergrond? Nee eerder, denk ik, met al die andere foto's die je kent uit deze en andere oorlogen: schreiende moeders met hun levenloze kind op schoot, vluchtelingen met de schamele bezittingen die ze hebben weten te redden en de dood nog in de ogen van het overhaast vertrek.

Niets van al deze traditionele elementen van de oorlogsfoto is hier te zien – zelfs de t-shirts van de mannen die op de achtergrond tussen de puinhopen staan, maken een schoongewassen indruk. Er is hoogstens die tegen de neus gedrukte zakdoek van de vrouw op de achterbank van de auto die naar de gruwel van oorlog verwijst – naar de door alles heen dringende lijkengeur.

Wat is de waarheid over de oorlog? De verbeelding van de ellende uit de traditionele oorlogsfoto’s of dit beeld van aantrekkelijke jonge mensen in een auto? Verre van een vreemde eend in de bijt, geven deze jongeren denk ik een onverwacht beeld van een aspect van oorlog dat je zelden behandeld ziet, en misschien wel een taboe vormt: dat oorlog ook wel lekker is, ergens.

„Oorlog is een kracht die ons betekenis geeft”, heet (vertaald) een boek van Chris Hedges, een van de weinige die ik ken die een beeld geeft over wat je de lustvolle kant van de oorlog zou kunnen noemen. Het geweld, het gevaar, de noodzaak van grote sentimenten om te overleven of jezelf wijs te blijven maken dat je zult winnen of deel hebt aan een collectief slachtofferschap van hoog moreel gehalte – stuk voor stuk zijn het krachtige impulsen: het bloed stroomt sneller, je gevoelens zijn heftiger en in het kader van de compensatie is zelfs seks beter.

Dat straalt dit groepje uit: seks en glamour. Jongeren op een hoogtepunt van hun bestaan.

Het lustvolle van oorlog, dat laat de bekroonde foto heel goed zien – geen tegenstrijdigheid dus, maar eerder hyperrealisme. Dat maakt hem ook zo verontrustend, maar er is niets om je voor te schamen.

Raymond van den Boogaard

Voor Spencer Platts foto en een interview met de Libanese jongeren zie www.nrc.nl/media

    • Raymond van den Boogaard