Wat hij zei, bedoelde en of hij gelijk heeft

Waartegen fulmineerde Moszkowicz gisteren precies en is zijn kritiek terecht?

Vier opvallende punten uit Moszkowicz’ betoog.

Bram Moszkowicz tijdens zijn persconferentie. Foto Bas Czerwinski Czerwinski, Bas

1Het strafdossier van Willem Holleeder is doorspekt met suggesties, insinuaties, verdachtmakingen en infame beschuldigingen aan het adres van Bram Moszkowicz, zegt hij zelf.

Er staan inderdaad veel én opmerkelijke details over Bram Moszkowicz in het strafdossier van Willem Holleeder. En Moszkowicz is geen verdachte in de strafzaak. In een uitgebreide toelichting op dit punt heeft het Openbaar Ministerie verklaard dat men „niet heen kon om de positie van Moszkowicz”.

Zo is Willem Endstra, de vermoorde vastgoedhandelaar die zaken deed met Holleeder, naar eigen zeggen op het kantoor van Moszkowicz bedreigd. Informatie daarover moest wel in het dossier worden opgenomen, aldus het OM. Ook informatie over de werkwijze van Holleeder (‘inpalmen, vastbijten en uitknijpen’) is in het dossier opgenomen.

Uit deze informatie zou kunnen worden afgeleid dat „Holleeder ongepaste controle zou uitoefenen over en gebruik zou maken van zijn raadsman en zijn kantoor”.

Ook zou uit deze informatie kunnen blijken dat Holleeder „zijn raadsman chantabel zou hebben gemaakt”. Zo verklaarde Moszkowicz’ voormalige secretaresse: „Ik denk dat Bram ook bang voor hem is. Hij staat altijd voor Holleeder klaar. Hij moet, of hij wil of niet.”

2Moszkowicz heeft geen diensten voor Holleeder verricht die buiten de grenzen van zijn beroepsoefening vallen, zegt hij. Moszkowicz: „Ik heb geen vervoermiddelen op mijn naam gehad. Ik heb niet als postadres gefungeerd en hij heeft niet bij mij kantoor gehouden.”

Het is in eerste instantie aan de advocaat zelf om te bepalen wat allemaal binnen de grenzen van zijn beroepsuitoefening valt. Zo is bijvoorbeeld het ontvangen van post van een cliënt niet verboden (maar wel aan regels verbonden).

De stelling van Moszkowicz dat zijn kantoor „niet als postadres heeft gefungeerd” en er geen „bankafschriften op zijn kantooradres zijn gesteld”, staat echter op gespannen voet met stukken in het strafdossier en eerdere uitlatingen van de advocaat in de Volkskrant.

Op 18 maart 2003 verklaarde Moszkowicz: „Holleeder heeft op een gegeven moment domicilie gekozen bij mij op kantoor voor al zijn contacten met de overheid. De man heeft geen vaste woon- of verblijfplaats. Dat geldt voor gevallen waarin hij wordt gedagvaard op verdenking van een overtreding of misdrijf tot en met de fiscus.”

3Het vonnis van de kortgedingrechter waarin wordt geconcludeerd dat Bram Moszkowicz een ‘maffiamaatje’ mag worden genoemd, „is infaam en abject”, zegt de advocaat.

Het vonnis van rechter Poelmann is opmerkelijk. Zij noemt de kwalificatie van maffiamaatje „diffamerend en voor een advocaat uiterst schadelijk”. Hetzelfde geldt volgens rechter Poelmann „voor de uitlating dat hij te nauwe banden heeft met de onderwereld, namelijk vriendschappelijke betrekkingen.” Maar de ernst van de beschuldiging maakt hem nog niet onjuist. Volgens Poelmann is in het beschikbare feitenmateriaal voldoende steun voor de uitlatingen van hoofdredacteur Jort Kelder van Quote. Daarbij baseert zij zich op gegevens die blijkbaar bij de behandeling in kort geding door Moszkowicz niet zijn weersproken of niet zijn weerlegd.

4Er is volgens Mozkowicz sprake van „een tripartite kongsi” tussen het Openbaar Ministerie, de erven Endstra en Jort Kelder.

Moszkowicz doelt hiermee op een samenloop van omstandigheden die zich begin dit jaar voordeed. Allereerst kwam Jort Kelder, hoofdredacteur van Quote, met een aantal provocerende opmerkingen over de rol van Moszkowicz.

Kort daarop zeiden de nabestaanden van Willem Endstra dat zij een klacht bij de orde van advocaten gingen indienen tegen Moszkowicz. Reden: uit diens kantoor zou gevoelige informatie zijn gelekt over Willem Endstra, met de bedoeling de vermoorde vastgoedhandelaar zwart te maken.

Kelder ontkent een afspraak te hebben gemaakt met de erven Endstra. Maar de door Kelder aangesneden vraag of Bram Moszkowicz eerst Willem Endstra als advocaat kan bijstaan en daarna Willem Holleeder speelt al sinds de arrestatie van Holleeder, nu ruim een jaar geleden. Endstra is het bekendste van afpersingspraktijken. In die zin was de kritiek van Kelder niet nieuw, al ging hij in zijn formulering (‘maffiamaatje’) wel ver.

Lees de volledige tekst van Moszkowicz’ persconferentie op www.nrc.nl

Zie ook de beschouwing over de media-aandacht op pag. 27 en het commentaar op pag. 19.