Over de mythes van beamer en internet

Student rechten en Italiaans Lodewijk Pessers eindigt zijn artikel `Stop infantilisering onderwijs` (nrc.next, 12 februari) met de zin: `Het parlementaire onderzoek, als het er komt, zal uitwijzen dat de kunst van beter onderwijs de kunst is van de beperking.` Prachtig, stilistisch gaaf, maar wat ís de kunst van beperking?

Als eerstejaarsstudent geschiedenis kan ik het moeilijk oneens zijn met de eerste twee punten van Pessers (verbreed het hbo en versmal de universiteit, beperk de invloed van onderwijsvernieuwingen). Zaken als de Tweede Fase en `Het Nieuwe Leren` zijn totaal overbodig en dragen niets bij. Om deze misstappen geheel aan onderwijskundigen te wijten is niet helemaal eerlijk: naar hen wordt juist niet geluisterd, pseudo-wetenschappers en rekenkamers hebben het oor van politici!

Maar zijn volgende punt begint ietwat vaag te worden. Pessers stelt dat de moderne media geen `doel op zich` moeten worden in het onderwijs (zoals zelfstandig informatie zoeken op internet). `De oplossing is een ontmythologisering van de beamer, de computer en het internet` stelt hij. Hij vergeet echter dat kennis en kunde ook overgedragen kunnen worden met behulp van `moderne media`: het één sluit het ander - klassikaal les - niet uit. Met behulp van mythes als de beamer, de computer en internet kan zelfs meer kennis efficiënter worden overgedragen.

Verder stelt Pessers dat `de beleving van de student niet het uitgangspunt [mag] zijn bij de vormgeving van het onderwijs`. Daarmee haalt hij zijn eigen artikel onderuit. Want wat is de kritiek die hij als student uit dan waard? De `beruchte belevingswereld` van studenten waarover hij zo neerbuigend schrijft, is immers ook zijn wereld. Bovendien, wat is er mis met de belevingswereld van studenten? Zij maken het onderwijs dagelijks mee. Je zou dus juist naar hen moeten luisteren.