Flauwe seksgrapjes en dronken patiënten

Eén op de vijf co-assistenten is slachtoffer van seksuele intimidatie in het ziekenhuis. Dat blijkt uit een onderzoek van het studentenplatform van de artsenorganisatie KNMG. „In operatiekamers worden veel seksueel getinte grappen gemaakt”, zegt Anne Hermans, die deze maand debuteerde met de ‘doktersroman’ De co-assistent, gebaseerd op haar ervaringen als geneeskundestudent.

Zijn artsen zulke geilneven?

„Artsen zijn niet anders dan advocaten. In elk vak met sterk uit elkaar liggende machtsverhoudingen spelen zulke problemen. In de operatiekamer stond ik als co-assistent eens een buik dicht te hechten. Ging de gynaecoloog opeens lichtjes achterover staan, handen over elkaar, en zei met een grijns tegen de anesthesist: ‘Moet je kijken, díe kan naaien.’ Toen ik hem een fronsende blik toewierp, zei hij haastig: ‘Ehhh... dat soort dingen zei míjn eigen opleider altijd, bedoel ik.’ Het gaat er om hoe sterk je in je schoenen staat. Als co-assistent sta je onderaan de hiërarchie, dat maakt sommige studenten onzeker.”

Volgens het onderzoek zijn patiënten de grootste boosdoeners.

„Dronken mannen op de eerste hulp, die graaien snel naar een blonde co-assistente. Tijdens de studie leer je wat je moet doen als patiënten een erectie krijgen. ‘Kan gebeuren meneer, ik kom straks wel terug’, zeg je dan. Misschien moet tijdens de opleiding méér aandacht worden gegeven aan seksuele intimidatie door artsen.”

Deelt u de conclusie van de onderzoekers dat dit een ‘belangrijk landelijk probleem’ is onder co-assistenten?

„Dat 40 procent van de artsen-in-opleiding emotioneel uitgeput blijkt, is een groter probleem. Het schokkendst vind ik dat de meeste slachtoffers niet officieel melden wat hun is overkomen. Dat moet anders.”