Boycot van Palestijnen blijft in stand

De Verenigde Staten en Israël zullen de nieuwe Palestijnse regering blijven boycotten als de joodse staat niet wordt erkend en niet alle vormen van geweld worden afgezworen.

Dat hebben de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Condoleezza Rice en de Israëlische premier Ehud Olmert vanochtend tijdens „informeel beraad” in Jeruzalem duidelijk gemaakt aan de Palestijnse president Mahmoud Abbas.

Zowel de VS als Israël zijn ontevreden over het Akkoord van Mekka, dat de basis moet vormen voor een nieuwe Palestijnse regering van Hamas en Fatah. In dat akkoord wordt niet gesproken over de erkenning van Israël, maar over het „respecteren” van eerder gesloten vredesverdragen. President Abbas had gehoopt dat dit akkoord en de aanstaande vorming van een eenheidsregering onder leiding van Hamaspremier Haniyeh zou leiden tot doorbreking van het isolement waarin de Palestijnse Autoriteit zich bevindt.

Voor de ontmoeting had de Israëlische premier in een telefoongesprek met president Bush al duidelijke afspraken gemaakt. De te vormen regering van Hamas en Fatah moet voldoen aan de internationale voorwaarden – erkenning van Israël, stopzetting van alle aanvallen – willen de geldstromen en de politieke contacten hersteld kunnen worden.

Dat was een teleurstelling voor president Abbas, die er vanochtend bij de VS en Israël op aandrong vooral naar de positieve kanten van het summiere Akkoord van Mekka te kijken. Abbas wil ook op korte termijn beginnen met finale vredesonderhandelingen met Israël. De Palestijnse president zei dat er onder de gegeven omstandigheden geen betere overeenkomst tussen Fatah en Hamas mogelijk is. Hij waarschuwde voor een Palestijnse burgeroorlog.

Het twee uur durende beraad, vanochtend in het hotel van minister Rice in Jeruzalem, werd echter afgesloten met een korte verklaring waarin geen enkele vooruitgang werd gemeld. Minister Rice kondigde wel aan op korte termijn te zullen terugkeren naar het Midden-Oosten.

De Palestijnse president had ook gehoopt dat Israël opnieuw een deel van de ingehouden Palestijnse douanegelden – ongeveer 600 miljoen dollar – zou vrijgeven, maar ook daarover werd in de slotverklaring niet gesproken.

Via zijn woordvoerder zei premier Olmert dat over financiële zaken, maar ook kwesties als het vrijlaten van gevangenen pas gesproken kan worden als de nieuwe Palestijnse regering Israël erkent en als de gegijzelde Israëlische soldaat Shalit door Hamas wordt vrijgelaten.

Olmert is van plan om na de vorming van een nieuwe Palestijnse coalitieregering ook president Abbas en Fatah verantwoordelijk te stellen voor de ontvoering van de soldaat.