Nieuwe beloften in de olie

De grote energieconcerns behaalden vorig jaar recordwinsten. Maar bij vele daalt de productie en verslechteren de vooruitzichten. Toch overheerst optimisme.

En daar was deze week dan ook nummer zes. Met de publicatie van de jaarcijfers maakte de Franse oliemaatschappij Total het traditionele lijstje van de grote beursgenoteerde oil majors – Exxon Mobil, Royal Dutch Shell, BP, Chevron, ConocoPhillips en Total – compleet.

Het algemene beeld: nóg hogere winsten dan in 2005. Belangrijkste oorzaak was een verdere stijging van de olieprijzen naar een jaargemiddelde van circa 65 dollar per vat. Ook de gasprijzen gingen verder omhoog.

Dat vertaalde zich bij het Amerikaanse Exxon Mobil voor een jaarwinst van bijna 40 miljard dollar, de hoogste die ooit is behaald door een Amerikaans bedrijf. Ook de winst van landgenoot ConocoPhillips steeg fors, maar dat had vooral te maken met de overname van Burlington Resources.

Toch is 2006 niet alleen maar het jaar van halleluja. De energiereuzen voerden hun investeringen in nieuwe technologie, en het vinden en exploreren van nieuwe olie- en gasvelden, weer met vele miljarden dollars op. Maar doordat iedereen in dezelfde vijver vist, zijn de prijzen voor materieel en personeel omhooggeschoten en ontwikkelen projecten minder snel dan vaak gehoopt.

Verder stagneert bij sommige concerns de olie- en gasproductie. Met name de Europese energiereuzen kampen met dit probleem. Een eenduidige oorzaak daarvoor is niet aan te wijzen.

Bij Royal Dutch Shell daalde de olie- en gasproductie licht naar 3,5 miljoen vaten olie-equivalent per dag. Aanhoudende problemen in Nigeria, waar rebellenlegers de infrastructuur in de olierijke Niger-delta blijven saboteren en personeel ontvoeren, waren een belangrijke oorzaak van de productiedaling. Volgens Shell zal ook dit jaar de productie niet stijgen, terwijl nog niet zo heel lang geleden werd gesproken over een dagproductie van 3,5 tot 3,8 miljoen vaten.

Bij Total daalde de productie naar 2,5 miljoen vaten olie-equivalent per dag. Naast onderhoudswerkzaamheden aan platforms speelden hier, net als bij Shell, problemen in Nigeria een rol. Bovendien haalt Total verhoudingsgewijs veel van zijn olie uit OPEC-landen, die het afgelopen jaar besloten hun productie terug te schroeven.

Bij het Britse BP daalde de productie met 6 procent naar 3,8 miljoen vaten olie-equivalent. In Alaska moest het concern belangrijke pijpleidingen tijdelijk sluiten wegens lekkages, die waren ontstaan door slecht onderhoud. Verder viel de productie in de Noordzee tegen. Daarnaast kampt een aantal projecten met vertragingen, zoals het grote Thunder Horse-project in de Golf van Mexico – dat in 2005 eigenlijk al had moeten draaien.

Voor dit jaar zijn de verwachtingen van analisten positief, ondanks het feit dat de olieprijzen het afgelopen halfjaar zijn gedaald, de energieconcerns in sommige landen hogere belastingen zijn gaan betalen, en de bedrijven door geopolitieke ontwikkelingen moeilijker toegang tot energiebronnen hebben. „De hoge investeringen beginnen hun vruchten af te werpen”, zegt Marc van der Holst van Iris Research. Als voorbeeld noemt hij het Dalia-olieveld voor de kust van Angola, dat energiebedrijf Total eind vorig jaar in productie heeft genomen.

Opvallend zijn volgens Van der Holst de bedrijven uit opkomende economieën, zoals het Braziliaanse Petrobras en het Russische Lukoil. Zo profiteert Petrobras van diepgelegen olie- en gasvelden die de afgelopen twintig jaar voor de Braziliaanse kust zijn ontdekt en ontwikkeld.

Lukoil heeft zijn succes te danken aan de gestage productie-uitbreiding in Rusland en de Kaspische Zeeregio. Met name dat laatste gebied beleeft een revival sinds het uit elkaar vallen van de Sovjet-Unie.

Over de vooruitzichten van Shell zijn analisten positief, ondanks de tegenslagen in Nigeria en ook Rusland, waar het concern eind vorig jaar onder politieke druk zijn aandeel in het enorme Sachalin II-project gehalveerd zag. Credit Suisse schreef eerder deze maand een lovend rapport, met als conclusie: „we hebben de indruk dat de groep echt begint te verbeteren”. Dat is volgens de Zwitserse bank te danken aan veelbelovende proefboringen in de diepzeeën van Nigeria, Australië en Brazilië, aan de uitbreiding van de winning van oliezanden in Canada en aan de snelle groei van de LNG-tak (LNG staat voor liquified natural gas, vloeibaar gemaakt gas). Ook publiceerde Shell in 2005 in totaal 275 nieuwe technologie-patenten. Op Exxon Mobil na was dat het meeste van alle concurrenten.

    • Marcel aan de Brugh