Heidehuizen – Petersburg

Joyce Roodnat wandelt door Nederland en de rest van de wereld. Deze week in Friesland

Meestal houdt regen vrij snel op. Maar vandaag niet. En het valwater wordt ook niet af en toe minder. Het daalt gestaag, in constante hoeveelheden. Het maakt in de greppels en de geulen tussen de eiken en sparren het bruine water hoger. Het slaat gaatjes in het inktdonkere oppervlak van de sloten langs de weilanden. Die zijn leeg op wat schapen na, ze zien er honds uit met hun zwartbemodderde buiken en poten en hun energiek geheven kop. De regen vult de lange plassen bij die zich voegen naar de barsten in de rechte asfaltpaden, hij verdiept de poelen in het zand van de veldwegen. Hij maakt watervallen van alle slootsluisjes die midden-Friesland rijk is, soms zijn ze streng, dan weer snoezig, van beton en van hout, sommige met schuim in hun kraag, andere met een lading waterplant tussen hun tanden.

De regen wint het altijd. Uiteindelijk sluipt het water toch rond in jas en broek en schoenen, ondanks gesealde naden en goretex.

Is dat erg? Welnee.

Een jogger komt me tegemoet, stiers gedrongen. Hij begeleidt zijn groet met een vermaakte blik: ‘Wat een regen, geinig he.’

Ja, wat zal je je ergeren? Wie wandelt weet dat je geen andere keuze hebt dan het weer te nemen zoals dat weer komt. Dat biedt oog voor de kracht van het water, voor de roest die het suggereert op de berkenstammen, voor het groene blozen van de sparren, voor het rosse goud van de afgevallen larixnaaldjes en de koperglans van het dorre beukenblad.

De regen heeft de sneeuw gereduceerd tot rustieke randjes langs omgewaaide stammen, smachtende penseelstreken, elegant gedrapeerd over bergjes dor blad, nat-in-natwit. „Bob Ross”, mompelt man, en het is niet moeilijk om een tekst aan te vullen van die schilderende tv-held annex crypto-zenmaster: „Just some happy little white, there, and there...”

In de rommelhoeken van de erven bij de hoeves slapen landbouwvoertuigen, meest in geel en rood, hun roes uit. In de bermen voor de hoeves groeien kluiten sneeuwklokjes, de eerste die ik dit jaar zie.

De hoeves en hun groene gronden maken nu plaats voor een wintersgeel heidegebied, het is vergeven van melancholieke vennen met loden golfjes. Omdat een deel van het pad versperd is door de kronen van omgewaaide bomen, moet er een spoor over de hei gevolgd worden. Normaal een paadje, nu een vaartje.

De regen vervalt. Daar is de zon. Hij staat op de hoge duikplank.

15,5 km. Kaarten 18 + 23 t/m 25 uit: Zevenwoudenpad. Uitg Wandelplatform-LAW, Amersfoort, 2001. Voor verbinding tussen begin- en eindpunt: tel. taxi 0516 22222.
    • Joyce Roodnat