Geen genetisch bepaalde labiliteit bij burn-out

In een interview in NRC Handelsblad van 14 februari zegt promovenda Saar Langelaan dat mensen met burn-out een genetisch bepaalde labiliteit bezit. Dit is gevaarlijke onzin.

1. Mensen die opgebrand zijn, zijn inderdaad labiel. Maar als ze herstellen, verdwijnt die labiliteit weer. Veel stabieler zijn de volgende kenmerken: plichtsgetrouw, loyaal en hardwerkend. Deze eigenschappen komen zowel voor als na de burn-out voor. Waarmee niet is gezegd dat ze aangeboren zijn.

2. Burn-out is geen medische diagnose en staat niet in het algemeen gebruikte psychiatrisch handboek voor diagnostiek, de DSM IV. Wat wij burn-out noemen is een verzamelbegrip van verschijnselen, zoals uitputting, slapeloosheid, concentratieverlies, interesseverlies, onzekerheid over je capaciteiten en een aantal lichamelijke klachten. De onderzoekster zal, zoals dat meestal gebeurt, mensen die een bepaalde score vertonen op een vragenlijst, als burn-out bestempelen. Maar de verschijnselen die deze mensen vertonen, zoals extreme vermoeidheid, kunnen uiteenlopende oorzaken hebben, zoals te hoge werkdruk, falend management, depressie, posttraumatische stress-stoornis, angststoornis, onverwerkte rouw, of gewoon een arbeidsconflict. En dat je in dat soort situaties labiel bent, wil ik geloven. Maar daarmee is niet gezegd dat labiliteit burn-out veroorzaakt.

3. Het argument: de burn-out ligt aan jou, komt werkgevers en verzekeraars goed uit. Als een burn-out aan je genen ligt, kan de werkgever in ieder geval zijn handen in onschuld wassen. De onderzoekster is naïef als ze de hoop uitspreekt dat werkgevers zich niets van haar onderzoek zullen aantrekken. Zij zullen het krantenartikel met graagte citeren.