Geen beslag op collectie Goudstikker

Op de kunstwerken van de Goudstikker-collectie mag in ieder geval tot 2 maart 2007 geen beslag worden gelegd. Dat heeft de rechtbank in Den Haag gisteren bepaald in een kort geding.

Marei von Saher, erfgename van kunsthandelaar Jacques Goudstikker, wilde met het kort geding voorkomen dat haar voormalige advocaat Roelof van Holthe tot Echten beslag zou leggen op de 202 schilderijen die zij vorig jaar heeft teruggekregen van de Nederlandse staat. Van Holthe, die de erven-Goudstikker sinds 1998 juridisch bijstond, eiste 12 miljoen euro aan honorarium. Von Saher was bereid een bedrag van 1,3 miljoen te betalen.

Volgens de Haagse rechtbank moet Von Saher de advocaat uiterlijk 2 maart een voorschot van bijna 1,9 miljoen betalen. Ook moet zij voor die tijd een bankgarantie hebben gegeven voor een bedrag van bijna 8 miljoen euro. Het honorarium komt daarmee uit op bijna tien miljoen euro. „Een redelijk bedrag”, vind Jan Loorbach, de advocaat van Van Holthe. Het bedrag is gebaseerd op een declaratie van 5.800 uur, maal een uurtarief van 325 euro. De rechter vermenigvuldigde dit bedrag met een factor 4 vanwege „de zware belasting die de behandeling van de zaak jarenlang op de praktijk van Van Holthe heeft gelegd”.

Van Holthe kan nu via de bodemrechter verder procederen om de precieze hoogte van zijn honorarium te laten vaststellen. „Deze uitspraak is een belangrijke ruggesteun voor het vervolg”, aldus Loorbach.

Ook Rob Polak, de huidige advocaat van Marei von Saher, is blij met de uitspraak. „Ik ben zeer tevreden met de beslissing om beslag op de collectie te verbieden”, zegt hij. „Al lijken de bankgarantie en het voorschot mij aan de hoge kant.” Het belangrijkste is, zegt Polak, „dat Marei von Saher haar plannen met de collectie, zoals die voor een reizende tentoonstelling, nu kan verwezenlijken”. De 202 kunstwerken, die nog staan opgeslagen bij het Instituut Collectie Nederland, kunnen nu ook fysiek worden overgedragen. Polak verwacht dat in de komende weken meer duidelijkheid zal komen over welke werken in Nederland zullen blijven.

Uit het vonnis blijkt verder dat veilinghuis Christie’s in New York een schatting heeft gemaakt van de waarde van de collectie op basis van een ‘first-hand inspection’. Voor de totale groep van 198 schilderijen gaat het om een bedrag tussen de 72 en 110 miljoen dollar (54,8 tot 83,7 miljoen euro). Vier schilderijen zullen door Von Saher aan de Nederlandse staat worden geschonken of verkocht.