De dames Dot en andere comebacks

Marc Hijink verbaast zich over de comeback golf die door de Nederlandse media en zalen spoelt. ‘De Dolly Dots willen het sjiek houden’

De Dolly Dots anno 2007 Foto Nick van Ormondt Ormondt, Nick van

In 1979 waren Patty, Esther, Angéla, Angela, Anita en Ria zes jonge Hollandse meiden. Als de Dolly Dots zongen ze over rolschaatsen, toupeerden hun haar en scoorden dertien top-10 hits. Nu, bijna twintig jaar na het laatste optreden in 1988, zijn de dames een eind in de veertig „maar nog steeds rock ‘n’ roll”, verzekert Robin Groenveld.

Nu doen de Dots mee aan het grote comebackvirus dat momenteel heerst in de media, concertzalen en theaters in Nederland. Zelfs tv-presentator Ad Visser (59) kondigde deze week aan om het succes van tv-popprogramma Toppop uit de jaren zeventig op het digitale kanaal Cultura te laten herleven.

Groenveld is de concertpromotor die de meisjesgroep de Dolly Dots weer bij elkaar kreeg tijdens Vrienden van Amstel Live. Er volgen in mei nog drie optredens in Ahoy, waarvan de eerste avond razendsnel werd uitverkocht. Dat is deels een marketingtruc, geeft Groenveld toe: „Het persbericht over de uitverkochte show lag al klaar voordat de verkoop begon. Aan de andere kant: ik had geen flauw idee hoe de Dots zouden aanslaan. Voor hetzelfde geld ga je compleet het schip in.”

De concertpromotor is verbaasd over de belangstelling voor een meidengroep die twee decennia geleden van de aardbodem verdween. Natuurlijk was de comebackprimeur in het Privé-katern van De Telegraaf te lezen en waren de Dots bij RTL Boulevard te zien. Groenveld: „Maar we konden opeens bij Pauw & Witteman en bij De Wereld Draait Door terecht. Nog steeds worden we platgebeld. Zelfs Omroep Max en 3FM willen de Dolly Dots.”

Groenveld heeft zijn vermoedens waarom media zich zo gretig op artiesten uit het verleden storten. „Misschien hadden de redacteuren en redactrices van die programma’s vroeger zelf een poster van de Dolly Dots op hun kamer hangen. Blijkbaar zijn de Dots onderdeel van ons cultuurgoed. Ze slaan aan bij een breed publiek.”

exit hokjesdenken

Toen Groenveld, van huis uit rockliefhebber, lang geleden zelf het zestal live ging bekijken was dat not done. „Maar de tieners van toen denken nu niet meer zo in hokjes over muziekstijlen. Na twintig jaar luister je op een andere manier naar de liedjes uit je jeugd. Als de liedjes goed zijn, is de artiest ook lang houdbaar.” Zo houdbaar zelfs, dat er straks 30.000 mensen in Ahoy komen meezingen met Do Wah Diddy Diddy en Do you Wanna Wanna.

De comeback van de Dolly Dots past in de reünie-hausse die al enkele jaren aan de gang is. „Er is niets mis met een artiest die achter de geraniums vandaan wordt getrokken en met een rollator het podium opkomt”, zegt Piet Bakker, hoofddocent communicatiewetenschap aan Universiteit van Amsterdam. Hij is gespecialiseerd in popmuziek en populaire cultuur. „Ik heb vorig jaar nog James Brown zien optreden. Gelukkig gaan de meeste artiesten op tijd dood – vanuit muzikaal oogpunt dan.”

Op tv is het comebackverhaal onverminderd in trek. Bakker: „Vroeger kwam je als Nederlands artiest een keer in de Privé en na twee weken was iedereen je vergeten. Maar tegenwoordig heb je een rondzingend circuitje zodat je behalve bij RTL Boulevard opeens ook bij het semi-serieuze De Wereld Draait Door terecht komt.”

NIEUWE ACTS OP INTERNET

,,De creative industries lijken meer op imitating industries.” vindt Bakker. Nieuwe acts zoeken hun heil liever op internet, bij portals als Youtube en MySpace. Die zijn gratis en bieden meer mogelijkheden dan zuinige platenmaatschappijen. Oude artiesten leveren echter nog wel veel geld op. Bakker: „In de Verenigde Staten zijn de best verdienende acts de bands uit de jaren zestig en zeventig, vaak hele of halve comebacks. Ze vragen daar dan ook veel meer geld voor een ticket dan in Nederland: in de VS betaal je snel 500 tot 800 dollar voor een premium seat met een glaasje champagne.”

Concerten, en niet de albumverkoop, zijn voor bands de belangrijkste bron van inkomstenbron. In 2004 verkochten The Eagles 1,1 miljoen cd’s, goed voor 5 miljoen dollar. Maar de concerten brachten bijna 25 miljoen dollar op. Afgelopen jaar bleek de Rolling Stones de best verdienende band: 150 miljoen dollar aan inkomsten, waarvan 138 miljoen afkomstig was van hun Bigger Bang-tour. Ook Nederlandse artiesten moeten het van optreden hebben. Bakker: „Als je vier keer in Het Patronaat in Haarlem speelt levert dat meer op dan een top-10 hit in dit land.”

Dat maakt de comeback-industrie tot een levendige sector, want oude artiesten krijgen nog voldoende publiek bij elkaar om Ahoy’ of zelfs de Arena uit te verkopen. Vorig jaar beleefde bijvoorbeeld Luv’, een andere meidengroep uit de jaren zeventig een reünie. Het was Koos ‘coach’ van Dijk, manager van wijlen Herman Brood, die Patty Brard op RTL5 herenigde met José Houbee en Marga Scheide. De dames werden gebotoxt en gelift in voorbereiding op twee optredens in de Amsterdam Arena met De Toppers (René Froger, Gerard Joling en Gordon) en schnabbelen er sindsdien lustig op los. Van Dijk: „Dolly Dots of Herman Brood: het is het gevoel van een generatie. Het zijn merken, een stuk makkelijker te verkopen dan een onbekend bandje.”

In Duitsland is het nog erger, aldus Van Dijk: „Als je daar ooit een hit gehad kun je nog eeuwen mee op revivalparties. Kijk maar naar Heino. Daar hoef je je niet voor te schamen.” De jeugdherinnering is de beste verkooptruc die er is, zegt Van Dijk. „Ik durf er gif op in te nemen dat we over twintig jaar een reünie van K3 krijgen.” Maar de grootste klapper komt pas als je dood bent en de media-aandacht op het hoogtepunt is. „Herman scoorde zijn eerste nummer één hit pas nadat ie gesprongen was.”

docusoapies

Om Luv’ opnieuw in de markt te zetten bleek de docusoap (Back in Luv’) een geschikt vehikel. Dat tv-genre, een kijkje achter de schermen in het leven van een artiest, werd in Nederland in 2003 geïntroduceerd door Frans Bauer (De Bauers) en is sindsdien gekopieerd door veel artiesten, waaronder Jan Smit. Ook Toppers Gerard Joling en Gordon legden op tv hun ruzie bij. Om te voorkomen dat Nederlandse tv-kijker bezwijkt aan een overdosis docu-soap, doen De Toppers dit jaar iets nieuws: de concertreeks wordt ondersteund door een reclamecampagne in samenwerking met supermarktketen C1000. Benno de Leeuw, organisator: „Dat is geen marketing, ik noem het merketing. We hebben de artiesten naadloos geïntegreerd met het merk van de sponsor. De Toppers, dat staat voor ouderwetse gezelligheid. Lekker meezingen met bekende hits van vroeger.” Vandaar dat C1000-klanten ook „lekker ouderwets” zegeltjes kunnen gaan plakken om een toegangskaartje voor de Arena te verdienen. De multinationals staan ervoor in de rij om zich „crossmediaal” aan een artiest te binden, zegt De Leeuw. „Ik heb geen artiestenbureau meer, ik noem het liever ‘belevingsmarketing’.”

Die beleving van oude muziek blijft niet beperkt tot de oude generatie. De Leeuw: „Je ziet dat artiesten van vroeger niet alleen de tieners van toen trekken, maar ook de jeugd. Bij de reünie van Doe Maar stonden de oude fans, maar ook hun kinderen in de zaal mee te zingen.” Doe Maar, de musical, gebaseerd op oude Doe Maar hits, is ook een succes, na de premiere vorige maand.

De Dolly Dots zullen bij hun comeback geen nieuwe muziek uit gaan brengen, denkt Peter van Asten. Als producer stelde hij de Dots in 1979 samen en schreef het gros van hun hits, samen met Richard De Bois. Een beetje armoedig is de comebackrage wel, vindt Van Asten. „Radiostations zijn bang om marktaandeel te verliezen en daarom draaien ze graag oude artiesten. Maar door die risicoloze radioformats is het ongelooflijk moeilijk om er nieuwe dingen doorheen te krijgen.”

Ook Robin Groenveld denkt niet dat de Dots met nieuw repertoire op de proppen zullen komen. De dames hebben voorwaarden gesteld aan hun comeback, vertelt hij. ,,Ze willen het sjiek en stijlvol houden.” Met andere woorden: alles behalve een comeback à la Luv’. „Geen soap, geen botox, geen polonaise.” Ook geen beenwarmers en felgekleurde leggings, want op de publiciteitsfoto staan de Dolly Dots in stoere spijkerbroeken, met de handen in de zakken. De danspasjes op het podium blijven ook achterwege (Groenveld: „misschien een paar dan”). En geen flauwe meezingtape maar een stevige rockband, de begeleidingsband van Anouk. Ook geen stiekem geschnabbel in de marge meer: na de drie optredens in Ahoy en een live-dvdbox in het najaar is het definitief afgelopen met de Dolly Dots. Echt.