Bizar ballet met sensuele freaks

Dans: Heartland door Scapino Ballet Rotterdam. Tournee t/m 19/5. Inl.: www.scapinoballet.nl

Hoe imposant kan een mannentorso zijn? De borst is vaak al imposant, maar in handen van de Duitse choreograaf Marco Goecke wordt ook de rug spectaculair. De schouders en armen worden machtige vleugels, langs de flexibele ruggengraat ontstaan welvingen, de handen wapperen. Vanuit een wijde beenpositie schuift de man met onzichtbare trilpasjes als een vreemd wezen naar voren, in de richting van het publiek.

De openingssolo van Goecke’s mannenballet Beautiful Freak is ronduit verbijsterend. Het ballet, dat hij in 2005 maakte voor het Hamburger Ballett, maakt onderdeel uit van het programma ‘Heartland’, van het Scapino Ballet dat ook nieuw werk bevat van Ed Wubbe en George Reischl.

In Beautiful Freak dansen twaalf mannen met blote torso’s. Ze slingeren hun armen en handen geregeld om hun eigen hals en gelaat, in een mengeling van verleidelijkheid en vertwijfeling. De nadruk op dat fysieke geeft het ballet iets sensueels; een zwaar soort sensualiteit want de mannen stralen tegelijkertijd iets beangstigends uit, soms iets mafs. Ze wisselen gestileerde gebaren – discovingertjes – af met dramatische gestes en groteske grimassen. Daarvan blijft de betekenis ongewis. Tussen de acrobatische en esthetische balletpassen door wiebelen de mannen als rupsen over het podium, bij wijze van vervreemdingseffect. Schemerlicht houdt de dansers gevangen in dit even bizarre als intrigerende dansstuk, dat op abstracte wijze het dansexpressionisme nieuw leven inblaast.

Hierbij steekt Reischls Die Suche nach dem Kleid ingetogen af. In een witpapieren kader dansen zes paren op kousenvoeten grillige bewegingen. De dansfrasen met haken en ogen, geknakte hoeken en halve cirkels lopen mooi parallel met Michiel Jansens ijle, soms schurende muziek. Wanneer de dans te introvert dreigt te worden komt Tsjaikovski’s ‘Wals’ uit Serenade deze oppeppen. Dat de vijf strijkers op het podium spelen geeft Reischls ballet levendigheid,

‘Heartland’ sluit af met Wubbe’s De bruiden, dat is gezet op Strawinsky’s Les Noces. Wubbe transformeerde het thema van een traditioneel Russisch bruiloftsritueel in een strijdlustige dans voor vrouwen. Een enkele keer refereert hij aan Nijinska’s oerballet van 1923; in de driehoekige grondpatronen, in de korte sprongetjes, in de accenten van het hoofd. Vaker staat zijn ensembledans met afwisselende solo’s door onder meer Bonnie Doets en Bryndis Brynjolfsdottir volkomen los van dat thema. Met die abstracte benadering van de muziek doet Wubbe de dans evenwel te kort. Want hoe vurig en tintelend licht zijn opstandige bruiden ook dansen, de meeste indruk maakt het wél gedramatiseerde ‘Lament’, met danseres Sherida Lie in smeekbede op de hurken.