Zaken met Stalin

Hij ging ermee naar veilinghuis Christie’s. „Wij verkopen geen Stalins en ook geen Hitlers”, zei een mevrouw. „Maar als ik u nu zeg dat Damien Hirst de neus van Stalin rood wil schilderen en dan het doek signeren, wat zegt u dan?” „Dé Damien Hirst? Zelf?” „Absoluut.”

Dit leerzame verhaaltje zou evengoed in het economiekatern kunnen staan, maar omdat het ook over kunst gaat leest u het hier. Korte inhoud van het voorafgaande. De bekende Britse kunstkenner en criticus A.A. Gill had een lange poos geleden op een veiling in de provincie een geschilderd portret van Iosif Stalin op de kop getikt. Het zal in de tijd geweest zijn dat dergelijke stukken in het Westen nog courant waren. Ze werden door Russen in de voormalige Sovjet-Unie opgekocht, geëxporteerd en gingen in deze contreien voor een prikje van de hand. Als historische curiositeiten, nog vóór de tijd van de euro.

Gill hing dit portret van de dictator-massamoordenaar boven zijn bureau. Had hij geen ethische bezwaren? Kennelijk niet. Die vraag zou je misschien een Rus moeten stellen maar niet aan een Brit. Toen ging Gill verhuizen. Van zijn vrouw mocht Stalin niet mee. Wat te doen? Hij ging ermee naar veilinghuis Christie’s. „Wij verkopen geen Stalins en ook geen Hitlers”, zei een mevrouw.

„Aha”, zei Gill. „En ook geen Napoleons, Idi Amins, Nero’s? Mag een portret van Mao, geschilderd door Andy Warhol?”

Ze zou het aan de directie vragen. Of Gill de volgende dag wilde terugbellen.

Nu werd Gill doorverbonden met het hoofd Naoorlogse en Eigentijdse Kunst. „Nee. Geen Stalins.”

„Maar als ik u nu zeg dat Damien Hirst de neus van Stalin rood wil schilderen en dan het doek signeren, wat zegt u dan?”

„Dé Damien Hirst? Zelf?”

„Absoluut.”

„Als u dan bewijzen voor de authenticiteit hebt, zouden we dat bijzonder op prijs stellen, en dan is ons antwoord ‘ja’. Dan zullen we uw Damien Hirst graag in de verkoop nemen.”

Het zou Gill benieuwen. Hij schreef deze wederwaardigheden alvast op. What Christie’s won’t sell heet dit verhaal; het staat in Vanity Fair van november vorig jaar. De dag nadat hij het bij de redactie had ingeleverd belde hij Damien Hirst en vroeg hem of hij Stalins neus rood wilde schilderen. Maar natuurlijk! Zo gezegd zo gedaan en hij signeerde het. Damien Hirst had voor heter vuren gestaan.

Gill en Hirst gingen deze keer naar veilingshuis Sotheby’s waar ze het ter gelegenheid van Red Nose Day in consignatie gaven. De dag van de Rode Neuzen is een soort feestdag ter gelegenheid waarvan je een plastic rode neus opzet en iets leuks voor de armen doet. Comic Relief. In 2003 werden in het Verenigd Koninkrijk 5.800.000 neuzen verkocht. De veilingmeester schatte dat de roodneuzige Stalin tussen de 8.000 en 12.000 pond zou opbrengen. Het bieden begon, het werd steeds verbitterder. Tenslotte bleef de wijzer staan op 140.000 pond. Een Italiaanse dame was de nieuwe eigenaresse. Hirst die in Californië een tentoonstelling voorbereidt, werd op de hoogte gebracht. „F*** me”, mailde hij terug. Het staat allemaal in The Sunday Times van 11 februari.

Het bewerken van andermans schilderijen is niet nieuw. Sinds in 1919 Marcel Duchamp een reproductie van de Mona Lisa van een snor en een sikje voorzag en dit vernieuwde werk L.H.O.O.Q. noemde, pleegt iedereen die zijn voorbeeld volgt een beetje plagiaat. Vind ik. Maar met Hirst is het misschien anders. Haai op sterk water, Insectocutor, chirurgisch gereedschap in vitrines. Ik beschouw hem meer als een vondstenaar dan een kunstenaar. Gewichtig en indrukwekkend knutselen is zijn geheim. Maar aan de andere kant, wat hindert het als rijke mensen er een vermogen voor willen betalen.

Het kan nog beter. Vorig jaar januari, op de Dada-. expositie in het Centre Pompidou, slaagde de 77-jarige kunstenaar Pierre Pinoncelli erin met een hamer de Fontein (1917), de gesigneerde pisbak van Duchamp, licht te beschadigen. In 1993 had hij al geprobeerd, er een plasje in te doen. Pinoncelli specialiseert zich in dergelijke happenings. De ervaring leert dat niet híj daardoor beroemder wordt, maar het door hem behandelde kunstwerk. Ik pleit er niet voor, het ligt in de lijn van de verwachting dat de vernieuwde Stalin de volgende artist tot een creatieve daad prikkelt, laten we hopen zonder het werk zwaar te beschadigen. Deze Stalin gaat een gouden tijd tegemoet.