Tot de laatste snik

In het buitenland schitteren ze op het witte doek. Maar in Nederland is steeds minder werk voor oudere actrices. „Ik kan toch met goed fatsoen geen vrouw van twintig meer spelen?”

Willeke Van Ammelrooy (50) als Antonia (88) in 1995 foto AFP L'actrice Willeke Van Ammelrooy (Antonia) interprète une scène du film "Antonia et ses filles" de la cinéaste hollandaise Marleen Gorris, qui sortira sur les écrans le 16 avril. AFP

Het grijze haar watergolft tot in haar nek; haar gezicht is getekend door vele lijnen. Onder het twinsetje met parelketting steken een paar platte schoenen. Ze loopt wijdbeens, alsof ze op de brug van een schip op volle zee staat. Haar gebaren zijn afgemeten, evenals haar emoties, maar laten tegelijk een innerlijke strijd zien. En dan is er die lipstick, die zich in de diepe vouwen van haar mond ophoopt.

In de film The Queen vertolkt Helen Mirren op magistrale wijze de rol van koningin Elizabeth II ten tijde van de dood van prinses Diana, in de zomer van 1997. Daarvoor moest ze in de huid kruipen van een vrouw die ruim twintig jaar ouder is dan zij. Dat is gelukt – de 61-jarige Mirren won de afgelopen weken een Golden Globe en een Bafta. Ze is zelfs genomineerd voor een Oscar.

Ze is de enige niet. Maar liefst drie 55-plussers zijn voorgedragen voor de Oscar voor beste actrice: Meryl Streep (57), Helen Mirren (61) en Judi Dench (72). In Groot-Brittannië heeft men lyrisch gereageerd op de voordracht van ’s lands gerenommeerde actrices, Mirren en Dench, beiden Dame. ‘Hollywood’s new first ladies’, juichte The Observer; ‘In praise of older women’, kopte The Independent.

Is de oudere actrice bezig aan een comeback? Daar lijkt het op als je naar de internationale glamourwereld kijkt. Meryl Streep laat anderen achter zich als bitchy baas in The Devil Wears Prada; Judi Dench speelt – al jaren – de felbegeerde rol van James Bonds chef M.; filmster Raquel Welch werd op haar 66ste het uithangbord van een make-upmerk.

Maar wie naar Nederland kijkt,

ziet eerder het omgekeerde: jongere actrices pikken de rollen van hun oudere collega’s in.

In de tv-serie Evelien bijvoorbeeld. Martin Brils personage Evelien (40-plus-plus) uit de serie in weekblad Vrij Nederland, is op televisie ineens een energieke dertiger, gespeeld door de 33-jarige Kim van Kooten. Of in de kinderfilm Polleke (2004). Halina Reijn speelt de moeder van het 11-jarige ondeugende meisje Polleke. Ze was op dat moment 28 jaar oud. Of in de tv-film Medea (2004). De toenmalige 24-jarige Tara Elders moet in de serie doorgaan voor een doorgewinterde campagneleider.

Is Helen Mirren dan niet meer de uitzondering die de regel bevestigt? Kunnen actrices van boven de veertig met pensioen? Een ding is zeker; wint Mirren op 25 februari de Oscar, dan is het voor het eerst in tien jaar dat een actrice-op-leeftijd er met het felbegeerde beeldje vandoor gaat. De laatste was Susan Sarandon, in 1996, voor haar rol in Dead Man Walking. Ze was toen 49 jaar oud.

Het verschijnsel is niet alleen van deze tijd. De Nederlandse filmdiva Annie Bos werd op haar 33ste te oud bevonden voor het witte doek – dat was in 1920. Ze zette vervolgens een punt achter haar (korte) filmcarrière. Willeke van Ammelrooy, 62 jaar, speelde vorig jaar een theatervoorstelling over Annie Bos, mede „omdat ik veel van mijzelf in haar herkende”. Zelf werd Van Ammelrooy ook op jonge leeftijd ‘afgeschreven’, door een Amerikaanse producent, in Amsterdam. Dertig was ze. „Hij zat achter een groot bureau, met een dikke sigaar in zijn mond en bekeek me van top tot teen. Het was echt gênant. Toen zei hij: ‘Jij moet het binnen vijf jaar maken, anders hoeft het niet meer’.”

Ruim twintig jaar later won de film Antonia, waarin zij de hoofdrol speelde, een Oscar. „Toen heb ik wel even aan die verschrikkelijke man gedacht.”

Toch krijgt ze de laatste jaren amper nog rollen aangeboden. Ja, vorig jaar speelde ze in de Amerikaanse film The Lakehouse, in de regie van Alejandro Agresti. Die rol bedacht de Argentijnse filmregisseur, een oude bekende, speciaal voor haar. „Maar dat komt zelden voor.”

Het zijn de Hollywoodwetten, zegt ze. De grootste groep bioscoopbezoekers is tussen de 15 en 25 jaar oud. En dus maken scenaristen, regisseurs en producenten vooral films door en voor jonge mensen. Daar valt immers het geld te verdienen.

Dat geldt nog meer voor televisie. Daar heerst de ijzeren wet van het doelgroepenbeleid, vooral bij de commerciële omroepen. Een zender heeft adverteerders nodig. En die weten dat 40-plussers merkvast zijn – die laten zich geen ander wasmiddel meer aansmeren. Dus richten adverteerders zich bij voorkeur op jongeren – net als de omroepen.

„In de optiek van de omroepen kijken jongeren het liefst naar leeftijdsgenoten”, aldus Job Gosschalk, directeur van castingbureau Kemna Casting. Die opvatting wordt, zegt hij, tot in het absurde doorgetrokken. Zoals in de soapserie Goede Tijden Slechte Tijden, waar „jongens van achttien de vader spelen van jongens van veertien.” Belachelijk, noemt hij dat.

Op een doordeweekse avond

schuifelt het publiek door de Schouwburg van Rijswijk. Sommigen helpen elkaar op de trap naar hun plaats. Uit luidsprekers klinken The Beatles: „Will you still need me, will you still feed me, when I’m 64?” Vanavond kijkt het publiek naar Oud Vuil, een tragikomedie over het seniorencircuit. Een gepensioneerd stel, gespeeld door Jules Croiset en Nelly Frijda, verhuist naar het platteland. Zij verheugt zich op „samen leuke dingen doen”: wandelen, salsadansen, tennissen, bridgen. En hij? Hij belt nog eens met het kantoor dat hij nog maar zo kort geleden achter zich heeft gelaten. „Kan ik iets doen?”

De kritieken waren vernietigend, maar de zaal zit vol, voornamelijk met 55-plussers die om hun eigen, herkenbare sores lachen. Het publiek ziet vooral zichzelf, zegt Ingeborg Elzevier enkele dagen na de voorstelling in haar huis in Amsterdam. „En ze hebben het naar hun zin.”

Zelf speelt Elzevier (70), met een glas ‘bessen rood’ in haar hand en een Burberryplaid over haar knieën, de rol van de buurvrouw die ervan droomt nog eenmaal uit de sleur te breken, het liefst aan de arm van een échte man. Die denkt zij te herkennen in een aangewaaide zwerver. „Ik ben geen oude vrouw”, zegt ze op het podium. „Misschien ziet mijn lichaam er zo uit, maar dat is maar schijn.” En de zwerver antwoordt: „Eigenlijk heb je een mooi gezicht, je moet alleen een beetje zoeken tussen de rimpels.”

De vrouwen in de zaal lachen hard.

In het theater zouden de zaken anders moeten liggen. Het publiek is er ouder en de adverteerder staat grotendeels buiten spel – in ieder geval als het gaat om gesubsidieerd toneel. Maar ook over het theater klagen oudere actrices over het gebrek aan werk.

Zo heeft Ingeborg Elzevier de rol in Oud Vuil onder meer aangenomen omdat „het werk voor actrices van mijn leeftijd niet voor het oprapen ligt.” Om nog maar te zwijgen van góede rollen. „En ik ga geen brief meer opbrengen.” Voorstellingen, zegt ze, gaan steeds vaker over jonge mensen, met een toekomst. Met conflicten. Met strijd. „Men vergeet dat het verleden ook interessant kan zijn.”

Het is, deels, een probleem van vraag en aanbod. De toneelacademies leveren steeds meer vrouwen dan mannen af. Maar het theater kent meer rollen voor mannen dan vrouwen. „Het aanbod is vele malen groter dan de vraag. De verhoudingen zijn zoek”, zegt ook castingdirector Gosschalk. Hij zag de toneelscholen de afgelopen decennia van sekse veranderen. „Sommige klassen tellen nog maar één man.” Dat leidt tot problemen op de arbeidsmarkt.

Het ligt ook aan de gezelschappen. Vroeger waren er grote gezelschappen met een vaste bezetting. Tegenwoordig zijn er meer kleinere gezelschappen, met een kleine kern. Voor hun stukken huren ze spelers van buiten in. Omdat de subsidie over meer (kleinere) groepen moet worden verdeeld, krimpen de budgetten. Geld om een gerenommeerde oudere actrice te betalen, is er dan ook vaak niet. „Ze willen me wel hebben, maar ze ontberen de poen”, zegt actrice Elsje de Wijn (63).

Ook zij moppert over een gebrek aan goede rollen. „Maar je moet niet te veel klagen, anders ben je zo gauw een oude zeur.” De Wijn speelde afgelopen tijd onder meer in de voorstelling Dorst. Een vorm van werkverschaffing; het idee voor Dorst ontstond nadat ze thuis „weer eens tegen een leeg seizoen zat aan te kijken”. Ze besloot daarop een eigen groep op te zetten, samen met Petra Laseur, Trudy de Jong en Theo de Groot – ook de jongsten niet meer. „Het eerste geriatrische toneelgroepje”, schatert ze. Ze deden alles zelf, zoals het een beginnende groep betaamt. Theo de Groot bijvoorbeeld, verkocht de voorstelling, speelde, en reed na afloop het busje weer terug naar Amsterdam. „Ik dacht dan: als hij maar niet in slaap valt achter het stuur.”

Dat oudere actrices moeilijk aan het werk komen, zou ook aan de producenten en schouwburgdirecties liggen. Die zijn steeds vaker geïnteresseerd in jonge en mooie mensen op het toneel, het liefst een bekende film-of soapster. Die genereren de aandacht van de media en trekken een groter, jonger publiek.

In die kritiek valt vaak de naam van Ivo van Hove, regisseur/directeur bij de Toneelgroep Amsterdam. Hij regisseerde vorig jaar Opening Night, gebaseerd op de gelijknamige film van John Cassavetes uit 1977. Opening Night draait om een oudere actrice die de grip op haar vak dreigt kwijt te raken: de geest van een jong meisje verschijnt voortdurend in haar kleedkamer om haar aan haar jongere ik te herinneren.

Van Hove had een oudere cast moeten kiezen, net als in de film, luidt de kritiek. Zelf begrijp hij daar niets van. „Ik heb een aantal rollen om inhoudelijke redenen veranderd; een ouder personage is jonger geworden, een jonger personage ouder”, reageert hij telefonisch vanuit Gent. Dat hij meer op heeft met jonge mensen, zit vooral in de hoofden van zijn critici, meent hij.

De kritiek kan wortelen in het aannamebeleid van Van Hove. De afgelopen jaren breidde hij zijn stal uit met een flink aantal jonge acteurs en actrices. Dat deed hij volgens eigen zeggen om het evenwicht in het gezelschap te herstellen. „Toen ik in 2001 aantrad, telde toneelgroep Amsterdam weinig jongeren. Vervolgens heb ik een vernieuwing doorgevoerd, waarbij ik alleen op kwaliteit heb gelet. En nu verwijt men mij dat ik vooral jonge mooie mensen aanneem.”

De discussie bevindt zich op glad ijs, vindt hij. „Want wat is jong? Ik ben 48 en voel me nog heel jong. En wat is mooi? Wat ik mooi vind, vinden anderen wellicht spuuglelijk.” Bovendien, benadrukt hij, van de 22 spelers in zijn gezelschap zijn er negen ouder dan 45 jaar.

Is het dan kinnesinne?

En moeten de actrices ook niet de hand in eigen boezem steken? Bij theatergroep Baal, waar Elsje de Wijn ooit speelde, namen ook jonge spelers de oudere rollen voor hun rekening. „Inderdaad, maar dat was onze visie op een stuk”, reageert ze. „Daar was de achterliggende gedachte niet, we hebben geen geld voor een oudje, dus zetten we zelf een pruik op.”

In de film liggen zulke zaken weer anders. Daar weegt realiteit zwaarder dan fantasie. Bovendien is de kijker minder snel te bedotten – immers, de camera zit dicht op de actrice. „Ik kan met goed fatsoen toch geen vrouw van 20 meer spelen”, zegt Willeke van Ammelrooy.

Maar met het omgekeerde heeft de film aanzienlijk minder problemen. Daarvan is Halina Reijn als Polleke’s moeder het bewijs.

In de film en op televisie hebben oudere actrices het moeilijk, beaamt Job Gosschalk. „Er zijn nauwelijks series met rollen voor oudere vrouwen, op ’t Schaep, Bergen Binnen en, lang geleden, Oppassen na.” Dat heeft, zegt hij opnieuw, alles te maken met dat vermaledijde doelgroepenbeleid.

Toch dringt de vraag zich op of het niet tijd is te stoppen. Overal immers, gaan mensen met vut of pensioen. Waarom zou dat voor actrices anders moeten zijn? Moeten ze geen plaats maken voor een nieuwe generatie?

De actrices vinden zelf van niet. Elsje de Wijn: „Ik ga door tot mijn laatste snik. Bovendien, de pensioengerechtigde leeftijd van 65 jaar is toch achterhaald. Mensen zouden zelf mogen beslissen wanneer ze stoppen met werken.” Ingeborg Elzevier: „Ik ben oud, maar voel me niet zo.”

Maar ze worden ingehaald door de jaren. Zo heeft De Wijn steeds meer moeite met het onthouden van teksten en kreeg Elzevier, die tot voor kort niet aan ouder worden dacht, vorig jaar een nieuwe heup en onderging ze twee operaties.

Ook Van Ammelrooy denkt niet aan stoppen. De rollen liggen weliswaar niet voor het oprapen, de Oscarnominaties geven hoop. „In Hollywood moet je altijd jong blijven, daar spuiten en smeren ze de hele dag. Maar soms hebben ze een oudere actrice nodig, en dan wijken ze uit naar het buitenland. Naar Engeland, waar de actrices niet bang zijn oud te zijn in een film.”

Helen Mirren in The Queen, met haar grijze haar, rimpels en lipstick in haar lipplooien, is het beste voorbeeld. Haar durf zou op 25 februari in Los Angeles moeten worden beloond.