Topcoureurs met zicht op Alcatraz

De internationale wielerunie doet pogingen om de sport te mondialiseren.

Tour of California begint zondag voor tweede keer.

De bewoners van Californië zijn alvast gewaarschuwd. Highway 1 zal volgende week een paar uur dicht zijn als gevolg van de Tour of California die zondag begint. „De mensen zullen aan de kant worden gezet en dan moeten ze wachten tot de race voorbij is”, zo legt een woordvoerder van de California Highway Patrol uit in de The San Luis Obispo Tribune. Onder de kop ‘Meer wegen open dit jaar tijdens Tour of California’ legt hij uit dat motoragenten auto’s tegen zullen houden. „Het is dezelfde procedure als wanneer bijvoorbeeld de president langsrijdt. En wielrenners die te ver achterop raken worden opgepikt door wagens uit de koers.”

Nee, heel veel begrip voor wielerkoersen is er nog niet in Amerika, geeft Pelle Kil toe. Als beroepsrenner is hij vijf jaar in de VS actief geweest. „Mensen vinden het fantastisch, maar over de achtergronden van het fietsen, weten ze weinig. Just great zeiden ze als Lance Armstrong weer de Tour de France had gewonnen. Ik heb tijdens een wedstrijd wel eens meegemaakt – ik moest toen samen met Armstrong lossen uit een kopgroep en reed net voor het peloton – dat een auto zomaar tegen het peloton in reed. Gelukkig werd niemand geraakt.”

Met de tweede editie van de Tour of California zal het begrip voor het wielrennen wellicht weer iets toenemen. De pogingen van de internationale wielerunie (UCI) om de sport te mondialiseren zijn in elk geval serieus. Deze week verklaarde voorzitter Pat McQuaid nog dat de Tour of California wel eens deel kan gaan uitmaken van de ProTour, de hoogste divisie wielerwedstrijden.

„Dat is ook de manier om de wielersport verder te internationaliseren. In Amerika is de belangsteling voor het wielrennen heel groot. Maar wedstrijden voor het ProTour-klassement worden alleen nog maar in Europa gehouden”, zegt bondscoach Egon van Kessel. Vorige maand werd er door de profs al in Australië gekoerst, begin deze maand streek het peloton neer in Qatar. Niemand kijkt er meer van op. „Toen Joop Zoetemelk in 1980 de Tour de France won, kwamen de eerste twintig rijders uit vier landen. Nu komen ze uit twaalf verschillende landen”, zegt Van Kessel die als assistent-ploegleider twee jaar in Amerika actief was. Aan enthousiasme voor het wielrennen ontbreekt het volgens hem niet. „Ik heb wedstrijden meegemaakt waar op één dag een half miljoen mensen kwamen kijken.” Vorig jaar trok de Tour of California volgens de organisatie één miljoen toeschouwers. ‘Non-paying’ voegt de Sacramento Bee eraan toe.

Aan de startlijst van de Tour of California, die in acht dagen wordt verreden, zal het niet liggen. Europese toppers als Paolo Bettini, Michael Rasmussen en Jens Voigt doen mee. Ook maakt Ivan Basso als lid van de Discovery-ploeg zijn opwachting, wat zijn eerste serieuze optreden wordt na zijn voortijdige verbanning uit de Tour de France (vanwege geruchten over bloeddoping). En natuurlijk rijden Amerikaanse renners mee als David Zabriskie, Bobby Julich en George Hincapie. Alleen de winnaar van vorig jaar, Floyd Landis ontbreekt, nadat hij in de Tour de France positief getest is op testosteron.

„Voor de Amerikaanse coureurs is het een droom om in Europa te mogen rijden. Maar vergis je niet in de kwaliteit van de Amerikaanse renners daar. Een aantal zal zeker met de besten meerijden, alleen al omdat zij bijvoorbeeld geen tijdsverschil hoeven te overbruggen”, zegt ex-renner Kil.

In Europa trekken slechts een handvol Amerikaanse wedstrijden de aandacht zoals Tour de Georgia en die in Californië. „Maar van januari tot en met oktober kan je in de VS koersen”, zegt Kil, vaak eendaagse wedstrijden die niet over de grote wegen gaan. Los van de ploegen die zich bij de UCI hebben aangesloten, zoals Discovery en Navigators, zijn er nog veel teams die alleen in Amerika actief zijn. „Ik heb daar altijd met Harmen Jansen gereden en hij is nu ploegleider van Toyota United. Dat is een goede ploeg hoor, rijdt ook in Californië mee. Weet je dat daar gemiddeld beter wordt betaald dan bij de Rabobank-ploeg? Voor hun sponsor is het helemaal niet nodig om naar Europa te gaan.”

De successen van Lance Armstrong (zevenvoudige Tourwinnaar), van Floyd Landis (de verdachte Tourwinnaar van 2006) en eerder van Greg LeMond (Tourwinnaar in 1986, 1989 en 1990) zijn geen toeval, zegt Kil. „Bijna geen wedstrijd is vlak in Amerika. Dat is een heel goede leerschool. Zelf heb ik nog met Floyd Landis gereden die als mountainbiker is begonnen. Die jongen heeft zich verschrikkelijk goed ontwikkeld.”

Volgens Van Kessel is het Amerikaanse wielrennen op één punt absoluut niet met de sport in Europa te vergelijken. „Het is daar echt een rijkeluissport, zoals hier golf. Heel vaak is het een zoontje van de dokter die fietst en niet de boerenzonen zoals hier. Je moet als beginnende coureur veel reizen, zelf de hotels betalen en vaak moet je ook betalen om aan wedstrijden mee te doen.” Mede door de kosten zie je volgens Van Kessel dat veel wielrenners een korte carrière hebben. „Sommigen proberen het een paar jaar. Breken ze niet echt door, dan gaan ze iets anders doen.”