De laatste keer dat het niet botert

Minister Verdonk nam gisteren in stijl afscheid. Weer botste ze met de Tweede Kamer, die geen heil zag in haar wetsvoorstel voor een verbod op meervoudige nationaliteit van Nederlanders.

Kamervoorzitter Gerdi Verbeet overlegt tijdens een schorsing met Kamerlid Sietse Fritsma (PVV) over diens motie. Links Dion Graus en Hero Brinkman, ook PVV. Foto WFA WFA35:OPHEF IN KAMER OVER VOORSTEL PVV:DEN HAAG:15FEB2007- In de Tweede Kamer is ophef ontstaan over een voorstel van de PVV (Partij van Geert Wilders). Het kamerlid Fritsma wilde de benoeming blokkeren van de kandidaat-staatssecretarissen Albayrak en Aboutaleb. Volgens hem is het onwenselijk dat er mensen in het kabinet zitten met een dubbele nationaliteit. Andere kamerleden noemden zijn woorden schandalig. Voorzitter Gerdie Verbeet dreigde hem het woord te ontnemen en schorstte de vergadering tijdelijk waarna de gewraakte passage alsnog uit de motie werd geschrapt. De PVV blijft overigens tegen de dubbele nationaliteit. Politiek leider Wilders vond dat Verbeet partijpolitiek bedreef. Foto 4: Fritsma krijgt tijdens de schorsing een boze kamervoorzitter bij zijn bankje. Achtergrond: de griffier Mevr. Biesheuvel-Vermeijden wordt erbij gehaald. WFA/wc/str. Frank van Rossum WFA WFA

Het was een afscheid in stijl voor demissionair minister Verdonk (Integratie, VVD). Ruzie met de Tweede Kamer, een veel bekritiseerd wetsvoorstel dat „ernstig gehavend” of „een lege huls” is, en een minister die met een bijna volledige Kamer tegenover zich blijft volhouden dat zij gelijk heeft.

Het was haar laatste debat als minister. En ondanks, of misschien dankzij haar neiging om nooit toe te geven, liet Verdonk aan het eind van haar ambtstermijn veel onvervulde beloften achter. Gisteren was het de laatste keer dat zij met een door haar ingediend wetsvoorstel in de problemen kwam. Gefrustreerd door de tegenstand van de Kamer wilde ze aan het eind van een lange debatdag haar wetsvoorstel dat een verbod op meervoudige nationaliteit voor Nederlanders regelt weer intrekken. Dat mocht niet van Kamervoorzitter Verbeet.

Er waren de afgelopen jaren meer teleurstellingen voor Verdonk. Bijna achthonderdduizend immigranten zouden verplicht moeten inburgeren. Maar de Inburgeringswet die zij twee jaar later dan gepland indiende, geldt maar voor zo’n 250.000 immigranten. De pardonregeling voor oude immigranten waartegen ze altijd streed, heeft ze niet kunnen tegenhouden.

Twee rechterlijke uitspraken in de afgelopen maanden slaan volgens juristen grote gaten in het asielbeleid. Verdonk weigerde steeds om criteria te formuleren voor haar zogeheten discretionaire bevoegdheid, die zij gebruikte om ‘schrijnende gevallen’ na afwijzing toch een verblijfsvergunning te geven. Jarenlang werd ze door juristen en oppositie gewaarschuwd dat ze die beslissingen moest motiveren zodat de afwegingen getoetst zouden kunnen worden door de rechter. Verdonk was haar portefeuille Vreemdelingenzaken al kwijtgeraakt – als gevolg van de crisis over de pardonregeling – toen de Raad van State die kritiek bevestigde.

In de tweede uitspraak oordeelde het Europees Hof voor de Rechten van de Mens dat Nederland met de voorgenomen uitzetting van een Somalische asielzoeker het verbod op martelen en onmenselijk straffen schond. In die uitspraak klinkt scherpe kritiek door op de wijze waarop de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) asielaanvragen toetst en de rechter die toetsing controleert.

De werkwijze van de IND werd niet alleen in de rechtelijke uitspraken tegen het licht gehouden. Ook de Nationale Ombudsman, de Adviescommissie Vreemdelingenzaken, asiel- en immigratiejuristen, vluchtelingenorganisaties en gemeenten hadden kritiek op de kwaliteit en snelheid van de Dienst. Die problemen wist Verdonk niet naar bevrediging op te lossen.

De zoektocht naar een restrictief immigratiebeleid en een streng integratiebeleid lijkt Verdonk weinig meer te hebben opgeleverd dan een stroom kritiek van mensenrechtenorganisaties, adviserende en controlerende instanties in binnen- en buitenland en weerstand van andere partijen (zoals vluchtelingenorganisaties en gemeenten en geregeld ook de Tweede Kamer). Deels lijkt dat het gevolg van de meestal mislukte tactiek om juridische grenzen te verleggen, deels ook van de houding van minister Verdonk, die zich weinig lijkt aan te trekken van kritiek op haar handelen.

Met het vertrek van Verdonk (en de VVD) uit de regering lijkt de nieuwe coalitie afstand te nemen van de manier waarop de voorgaande kabinetten Balkenende vreemdelingenzaken en integratie vorm gaven. Ook in het nieuwe regeerakkoord staan harde eisen over integratie. Maar zoals ook uit de verkiezingsprogramma’s van de coalitiepartijen blijkt, is het thema er meer een van sociale en culturele emancipatie en wijkverbetering geworden, waar overheid en maatschappij een helpende hand moet bieden. Voor Verdonk waren het vooral de migrant en zijn kinderen zelf die – zonodig gedwongen – zijn Nederlanderschap moest omarmen. Het tekende Verdonk dat zij klachten van allochtonen over discriminatie op de arbeidsmarkt beantwoordde met de opmerking dat die discriminatie volgens haar nog nooit bewezen was.

Critici verweten de minister dat zij meer werk maakte van hard vreemdelingenbeleid, en dat zij, behalve de invoering van een Inburgeringswet, weinig moeite deed om de integratie tussen verschillende bevolkingsgroepen te bevorderen. Het is mogelijk met die ervaring in het achterhoofd dat de nieuwe coalitie de twee beleidsterreinen weer uit elkaar haalt, en integratie onder het ministerie van Volkshuisvesting brengt – met een minister van Integratie en Wijken als verantwoordelijke.

Het CDA, dat ondanks uitvoerige kritiek minister Verdonk uiteindelijk altijd steunde, heeft definitief afscheid genomen van haar gedachtengoed, zo bleek gisteren. Het was het Tweede Kamerlid Mirjam Sterk van het CDA, die twee jaar geleden in een motie nog vroeg om het verbod op meervoudige nationaliteit. Diezelfde Sterk stelde zich gisteren achter de partijen op die het wetsvoorstel volgens de minister torpedeerden. Verdonk kon het nog niet geloven: „Ik val bijna om van verbazing.”

Die verbazing wist Verdonk overigens ook vaak bij haar tegenstanders op te roepen. Ze kwam enkele keren in de problemen omdat ze de Kamer onvolledig informeerde. Haar politieke optredens droegen twee keer bij aan een kabinetscrisis (de naturalisatie van Hirsi Ali, en de pardonregeling).

Tussen de Tweede Kamer en de minister boterde het in de beste tijden niet echt. Haar afscheidsoptreden als minister gisteren in de Kamer was daarop geen uitzondering.