Niet weer de fouten maken van Srebrenica

`Bot hoopt op Noren in Uruzgan` kopt deze krant op 9 februari. Nederland wil daar volgend jaar weg en zoekt aflossing. Het is gebrek aan realisme.

Senator Van Middelkoop, de aantredend minister van Defensie, zal de situatie herkennen: Srebrenica begin 1995. Voor de parlementaire-enquêtecommissie zei hij daarover: ”de vraag was of er een Dutchbat IV moest komen. Toen dat debat begon ontstond het gevoel dat het beter was er vanaf te komen en om met andere landen te overleggen om het over te nemen, Oekraïne bijvoorbeeld. Op hetzelfde moment zaten we (al) in een fuik. Alle gepraat over alternatieven was toen loos gepraat geworden.”

Ook nu is er geen alternatief voor blijven, maar het ontkennen daarvan kost militaire voorbereidingstijd en geeft internationaal verkeerde signalen. Tegelijk tonen we zelfgenoegzaamheid en hebben kritiek op anderen. Het bericht van minister Bot over zijn contacten met Noorwegen getuigt er weer van, de Noren zouden ”zeer onder de indruk” zijn van het Nederlandse optreden. Volgens onze bewindslieden doen alle bondgenoten het verkeerd, Nederland niet.

Minister Bot maakt voortdurend overal aanmatigende ophef over de `Dutch Approach` en wat er later voor verzonnen is. Nu mag men wel kritisch meedenken, maar toeter dat niet rond. Zeker niet richting bondgenoten van wie je afhankelijk bent terwijl je zelf nog niet met echt grote gevaren geconfronteerd bent. Het wekt internationale wrevel. Het interview in NRC Handelsblad van 7 februari met de Canadese generaal Fraser toont dat weer.

We irriteren door onze zelfgenoegzaamheid en tegelijk vertonen we politiek vluchtgedrag.