Melaatse monsters

Meijers (1963) groter dan levensgroot geschilderde figuren zijn low-lifes, freaks.

Alles komt aan bod: agressie, seks, poep en pies.

Rood-geel-groen gestreepte vlaggen banen de weg naar Museum Het Domein in Sittard. Het is bijna carnaval. Bij binnenkomst in de tentoonstellingsruimte is de gedachte aan het gekostumeerde volksfeest nog heel even vast te houden. Maar dan vervliegt al gauw elke koddigheid. Een carnaval macabre van de onderwereld, daar heeft het meer van weg. Meijers (1963) groter dan levensgroot geschilderde figuren zijn low-lifes, freaks. Het zijn de onbegrepenen, de verstotelingen der aarde. Doelloos ronddolend met een wezenloze blik in hun ogen en bierglas en peuk in de hand, alsof ze zojuist het nachtcafé zijn uitgeveegd.

Onder de titel Doe dat niet meer is een overzicht van Meijers werk te zien. Zijn schilderijen zijn grimmig en grof. Verf, lak, glasscherven, vogelzaad, pek en veren zijn op het linnen met elkaar vermengd tot een groezelige, dikke brei. Daarin zijn kralen, kurken en buttons gedrukt. Voor de nieuwste, metershoge schilderijen heeft Meijers goudverf gebruikt. De vermenging met de andere materialen maakt de goudkleur dof en dat belet elk gevoel van glitter of glamour. Bovendien zijn de voorstellingen zelf weinig glamoureus. Zo heeft in Couple II (2006) een vergulde vrouw een skelet aan een halsbandje vast. Bizar, en tegelijk afstandelijk. Veel gevoel roepen deze schilderijen niet op.

De rauwheid van Meijers voorstellingen brengt het werk van onder anderen Folkert de Jong en Bas de Wit in herinnering. Beide jonge kunstenaars worden eveneens door directeur Stein Huijts van Het Domein gevolgd en gepresenteerd. De pijnlijke uitwassen en misstanden van de moderne tijd lopen als een rode draad door het tentoonstellingsprogramma. Maar bij De Wit en De Jong verlichten zoete pastelkleuren en lichte materialen de donkere ondertoon van hun werkNet als Meijers nooit eerder vertoonde met inkt en verf bewerkte polaroids. Behalve agressie en seks krijgt daarin ook platte humor ruim baan. Piemels, billen, poep en pies: het is er allemaal.

Verwijzingen naar alcoholgebruik zijn er legio in Meijers oeuvre. Buiten de talloze afgebeelde glazen bier zijn de lichamen en gezichten van de figuren afgezet met kurken en flessendoppen. Daarbij komen met onheilspellende gezichten beschilderde flessen, ook voor het eerst te zien op deze tentoonstelling. Nuchtere titels als Couple I en Couple II geven geen commentaar of morele oordelen prijs. En tegen een monochroom geschilderde achtergrond staan de figuren bovendien telkens geïsoleerd, zonder verhaal, zonder context. Meijers geeft de zelfkant weliswaar een gezicht, maar het is een gezicht zonder uitdrukking. De expressie zit besloten in de techniek. De gelaagdheid van de ongebruikelijke materialen geeft de figuren hun zeggingskracht.

Dat lukt het best in de serie Mystieke Portretten, de leidraad in het oeuvre van Meijers. Met hun opgeblazen, vormeloze koppen en buitenproportioneel kleine oogjes, lijken zij wel melaatse monsters. De smurrie waarmee de gezichten zijn geschilderd, roepen associaties op met weerloze met olie besmeurde vogels. Het collectieve medelijden voor die vogels gaat niet op voor de ontspoorden in onze samenleving. Met Mystieke Portretten slaagt Meijers er wel degelijk in die gevoelens van schuld, schaamte en herkenning op te wekken.

Tentoonstelling

Rik Meijers, Doe dat niet meer. T/m 11 maart in Museum Het Domein, Sittard. www.hetdomein.nl,