Chimpansees gebruiken al vierduizend jaar notenkrakers

Dat chimpansees in de oerwouden van Ivoorkust grote stenen gebruiken om noten te kraken was al langer bekend. Dat chimpanseemoeders die vaardigheid met veel geduld aan hun kinderen overdragen ook. Maar dat ze dat al 4.300 jaar doen is nieuw.

Een internationaal team van archeologen trekt deze conclusie uit de vondst van ruim 200 stenen ‘hamers’ en steensplinters, die tijdens het slaan losgesprongen moeten zijn. Volgens het team lijken de hamers sprekend op die waarmee hedendaagse chimps hun noten stukslaan, met een platte rots of boomstronk als aambeeld. Ze melden hun bevindingen deze week in de Proceedings of the National Academy of Sciences.

De archeologen troffen de stenen aan in een laagvlakte in het Taï National Park, nabij de meanderende Audrenisrou. Het vochtige woud aan de geregeld buiten zijn oevers tredende rivier moet voor mensen toen al een onaantrekkelijk oord zijn geweest, schrijven zij. Mede daarom is de kans klein dat dit werktuigen van mensen of mensachtigen zijn.

De stenen hamers van mensen en mensachtigen wegen bovendien gemiddeld maar 400 gram. Een sterke chimpansee-arm hanteert daarentegen met gemak een steen van een paar kilo – en de vondsten waren daarmee in lijn.

Uit minieme restjes zetmeel leidden de onderzoekers verder af dat de hamers gebruikt zijn voor het kraken van noten van de pandanotenboom (Panda oleosa) en van andere notensoorten die niet door mensen worden gegeten.

Ten slotte legden zij de hamers tussen willekeurige stenen en stenen werktuigen van mensen en vroegen onafhankelijke onderzoekers die voorwerpen te identificeren. Ook zij schreven de gevonden stenen in meerderheid toe aan noten krakende chimps.

De archeologen dateerden de stenen aan de hand van de ouderdom van de aardlaag waarin ze werden aangetroffen. Als we ervan uitgaan dat er tussen chimpanseegeneraties tien tot vijftien jaar zit, betekent de vondst dat het gebruik van stenen als hamers – het ‘stenen tijdperk der chimpansees’ – al 280 generaties meegaat.