Schietgrage gamers hebben snellere en scherpere ogen

Een schietspel als ‘Unreal Tournament’ scherpt het oog.

Geoefende schutters zien opeengepakte letters sneller.

Actiescène uit ‘Unreal Tournament’: een maandje spelen en je visuele verwerking verbetert twintig procent.

Computergames met veel actie en geschiet scherpen het oog. Onderzoekers van de Amerikaanse Rochester-universiteit lieten studenten die niet of nauwelijks gamen – het viel niet mee om die te vinden – een paar uur per dag Unreal Tournament spelen: een first person shooter waarin de speler over een geweerloop kijkt en virtueel schiet. Na een maand konden de studenten een bepaalde letter beter identificeren tussen andere tekens.

Hoogleraar cognitiewetenschappen Daphne Bavelier en haar studente Shawn Green schrijven in Psychological Science dat games als Unreal Tournament het uiterste vergen van het gezichtsvermogen. Studenten die Tetris speelden, waarbij blokjes in een patroon moeten vallen, gingen er visueel niet op vooruit.

Sommige ouderen met gezichtsproblemen en kinderen met een lui oog hebben moeite met het onderscheiden van opeengepakte tekens of symbolen. De auteurs suggereren dat actiegames zouden kunnen helpen. Bavelier en Green lieten studenten kijken naar drie hoofdletters T boven elkaar. Ze moesten binnen 0,1 seconde vaststellen of de middelste van de drie al dan niet op zijn kop stond. Na dertig uur Unreal Tournament gingen acht studenten en acht studentes er gemiddeld 20 procent op vooruit: ze konden T’s onderscheiden die dichter bij elkaar stonden.

Eerdere studies lieten zien dat gamers beter zijn in het identificeren van een teken dat op een onverwachte plaats op een beeldscherm verschijnt. In dit geval was de plaats waar de T op het scherm kwam vooraf bekend. Volgens de auteurs is dit een aanwijzing dat de visuele cortex van de gamers beter getraind raakt in de verwerking van visuele informatie.

Victor Lamme, hoogleraar cognitieve neurowetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam, wijst erop dat Bavelier en Green geen verbetering van de gezichtsscherpte hebben aangetoond. „Je gezichtsscherpte bepaalt hoe je scoort op de letterkaart bij de opticien. Gezichtsscherpte is niet te trainen, die wordt bepaald door de dichtheid van de staafjes en de kegeltjes in je netvlies.”

In dit geval is het oplossend vermogen van de blik van de studenten verbeterd. Lamme: „Dat betekent dat op een of andere manier neuronen verlegd zijn naar het deel van de hersenen dat deze informatie verwerkt. Dat soort sensorische veranderingen zijn eerder aangetoond bij mensen die bijvoorbeeld een vinger verliezen: dan kan meer hersenschors besteed worden aan het voelen van de resterende vingers.”

Het resultaat van Bavelier en Green is extra bijzonder, omdat de studenten de T’s beter kunnen onderscheiden op drie meter afstand, maar ook op vijftig centimeter van het beeldscherm.

Lamme: „Bekend is dat specifieke delen van de cortex verbonden zijn met delen van het gezichtsveld. Ongeveer eenderde van de visuele cortex bestrijkt de middelste vijf procent van een blikveld van 180 graden. De rest gebruik je om de periferie waar te nemen. Ik speel zelf computerspelletjes en daarbij is het belangrijk dat je aandacht hebt voor zaken die zich afspelen buiten de focus van het gezichtsveld. Dan is het denkbaar dat neuronen in het brein zich in die richting verleggen. Maar de studenten kunnen de T’s onderscheiden op diverse afstanden. Het lijkt erop dat er in dit geval iets anders aan de hand is. De vraag is dan vanuit welk deel van de virtuele cortex de neuronen zijn verlegd, tenminste als je ervan uitgaat dat er geen nieuwe neuronen zijn aangemaakt. Het kan ook zijn dat iets verandert aan de verbindingen tússen de neuronen.”

Game Research verzamelt kennis over games uit de wetenschap en de kunst- en zakenwereld: game-research.com