Noord-Korea’s test

Het akkoord met Noord-Korea over stopzetting van het kernwapenprogramma en de ontmanteling van nucleaire complexen laat zien dat diplomatie nut heeft. Noord-Korea behoorde samen met Irak en Iran tot de ‘As van het Kwaad’, een term die president Bush ooit gebruikte. Met deze ‘boevenstaat’ hebben de Verenigde Staten, samen met Zuid-Korea, Rusland, Japan en China, gisteren een doorbraak bereikt in het ontwapeningsoverleg, dat lang muurvast zat. Deze belangrijke eerste stap is een triomf voor de diplomatie. Het akkoord kan als voorbeeld dienen voor Iran, net als Noord-Korea een atoomstaat in wording en vooralsnog uitgesloten van direct overleg met Washington.

Natuurlijk is er alle reden voor terughoudendheid. Het bewind in Pyongyang is onberekenbaar en heeft laten zien dat het, als het zo uitkomt, maling heeft aan bestaande verdragen en overeenkomsten. Het problematische van dit akkoord is dat het door chantage tot stand is gekomen. Maar dat is nu eenmaal het cynische van de internationale politiek. In die zin heeft Noord-Korea het enige machtsmiddel dat het heeft knap uitgespeeld. Ontwikkel een atoombom door illegaal verkregen nucleaire kennis, laat zien dat je de macht hebt om de regio de stuipen op het lijf te jagen en incasseer daarna geld, olie en voedsel voor je straatarme bevolking in ruil voor de toezegging dat je je kernwapenprogramma stopzet. Let wel: dat laatste is nog geen belofte – ondertekend en van tijdschema’s voorzien – om de bom te bannen die het land zegt te bezitten. Noord-Korea is en blijft voorlopig een vermoedelijke atoomstaat. Anders gezegd: de moeilijke fase van de onderhandelingen moet nog komen – die van verifieerbare de-nuclearisering.

Het gedenkwaardige van dit moment is dat het zeslandenoverleg het begin van een resultaat heeft opgeleverd. Behalve de Noord-Koreaanse toezegging om het atoomprogramma te staken, staat ook de normalisering van de relaties met Amerika en de landen in de regio op papier. Het belang hiervan is kolossaal. Zuid-Korea en Amerika zijn officieel in oorlog met Noord-Korea. De wapenstilstand die onder supervisie van de Verenigde Naties na de Koreaanse oorlog in 1953 werd gesloten, is formeel nooit met vrede bekrachtigd. De betrekkingen met Japan, lange tijd bezetter van het Koreaanse schiereiland, zijn eveneens problematisch. Dat er dadelijk wellicht rechtstreekse gesprekken over toenadering komen, geeft het akkoord in potentie historische betekenis.

Veel hangt af van het vervolg. Van Noord-Korea’s volledige medewerking bij de toelating van inspecteurs van het Internationaal Atoomenergie Agentschap. Van de vraag of Noord-Korea zijn opzegging intrekt van het non-proliferatieverdrag, dat tegen de verspreiding van kernwapens is gericht. Van de vraag, kortom, of dit een echt akkoord is of een papieren tijger. Het antwoord hierop overstijgt verre de regio. In het beste geval wordt het Noord-Koreaanse overlegmodel de norm voor gesprekken met nieuwe atoommachten. In het slechtste ontketent het een herhaling van de nucleaire wapenwedloop.