Ervaren geestverwanten en een vrijdenker

In zijn nieuwe kabinet nemen prominente vertrouwelingen van premier Balkenende zitting. PvdA-leider Bos wilde ‘frisheid’ van buiten inbrengen.

Egbert Kalse

Wie een jaar geleden had gesuggereerd dat moleculair bioloog Ronald Plasterk en hoeder van het CDA-gedachtengoed Ab Klink samen in één kabinet zouden zitten, was voor gek versleten. Sinds gisteren is deze opmerkelijke combinatie een feit. Plasterk wordt voor de PvdA het frisse gezicht op Onderwijs, Klink brengt jarenlange ervaring mee en wordt voor zijn partij minister van Volksgezondheid.

PvdA-leider Wouter Bos zei het gisteren al over zijn eigen ministers: veel ervaring én frisheid van buiten Den Haag. Dat credo kan met gemak verbreed worden naar het hele kabinet. Daarin schuilt zowel de kracht als het gevaar voor het vierde kabinet-Balkenende.

De onderhandelaars Bos, ChristenUnie-voorman André Rouvoet en Maxime Verhagen (CDA) rondden gisteravond de bezetting in recordtempo af. Binnen vijf uur presenteerden zij zestien ministers, luttele uren later volgde het elftal staatssecretarissen. De snelle totstandkoming verraadt dat er in de formatiebesprekingen van de afgelopen maanden al veel voorwerk is gedaan. De meeste namen waren intern al tijden bekend.

Op het eerste gezicht oogt Balkenende IV als een stabiele ploeg. Bij het CDA domineren de oudgedienden en de Haagse namen, hetgeen niet verrassend is voor een partij die regeringsdeelname prolongeert. Sommigen keren terug vanwege bewezen kwaliteiten (Donner, Hirsch Ballin), anderen omdat de partij domweg niet om bepaalde personen heen kon, zoals de huidige Onderwijsminister Van der Hoeven, die nu naar Economische Zaken gaat.

Balkenende heeft zijn ploeg aangevuld met zijn eigen inner-circle: Klink, partijvoorzitter Marja van Bijsterveldt, CDA-penningmeester Jan Kees de Jager en Europarlementariër Eurlings.

De ChristenUnie speelt op zeker met voorman André Rouvoet als vice-premier en minister voor Jeugd en Gezin en de Haagse veteraan (thans senator, eerder Tweede Kamerlid) Eimert van Middelkoop voor Defensie.

Waar Balkenende zijn eigen geestverwanten voor het uitkiezen had, moest Bos zowel de man-vrouwverhouding in de gaten houden, als een paar ‘partijtijgers’ belonen. Toch heeft ook hij een aantal sterke persoonlijkheden gevonden, met als meest opmerkelijke kandidaat Ronald Plasterk. Ingewijden zien in hem degene die het vrijzinnige en atheïstische geluid in het kabinet moet gaan verwoorden: „Iemand die Donner intellectueel aankan.” Plasterk en Donner schreven elk aan het begin van de formatie een nagenoeg gelijkluidende visie die de basis vormde voor het regeerakkoord. Verder vallen op: professor Jacqueline Cramer, oud-burgemeester Guusje ter Horst en bestuurder Ella Vogelaar.

Veel onafhankelijke denkers dus bij de PvdA, soms politiek ervaren, maar veelal zonder Haagse bestuurservaring. Bos is de enige met ervaring in een kabinet en alleen Kamerlid Bert Koenders (Ontwikkelingssamenwerking) heeft parlementaire ervaring. Het verklaart de keuze van Bos om zelf leiding te geven aan de onervaren bewindslieden.

De vraag is of het gebrek aan ervaring de PvdA op voorhand op achterstand zet binnen het kabinet. Daarbij zullen vrijdenkers als Plasterk of Cramer met betogen over het gebruik van stamcellen of sociaal-liberale bespiegelingen over milieu of duurzaam ondernemen een inhoudelijk eensgezind CDA-smaldeel tegenover zich vinden. Dat lijkt een recept voor frustraties aan PvdA-zijde. Jan Peter Balkenende zal de komende jaren veel tijd moeten nemen om zijn nieuwe coalitie inhoudelijk bijeen te houden.