Stoute vrouwen, foute mannen

De jaarlijkse Huishoudbeurs heeft als motto ‘Stout’ en dat is ook de titel van een boek dat Heleen van Royen en Marlies Dekkers daar hebben gepresenteerd. Die twee hebben de tijdgeest beter te pakken dan de opstellers van het regeerakkoord. Vandaar de aandacht die hun boek heeft gekregen. Daar is schamper op gereageerd door obsolete kostwinners die zich zorgen maken over – om het regeerakkoord te citeren – de teloorgang van „de verbanden die in de vorige eeuw burgers met elkaar verbonden”. (Sorry voor de taal, maar zo staat het er.)

Tegenover die verbindende verbanden stellen Van Royen en Dekkers de volgende constatering. Hun moeders waren huisvrouw, die zich opofferden en thuisbleven. Heleen en Marlies hebben een succesvolle carrière en verdienen meer dan hun vaders. Au! Waar gaat het heen met de wereld als dochters meer verdienen dan vroeger hun vaders of nu hun partners?

Bij Van Royen denken mannen aan een vamp die bloot in de Playboy gaat staan en bij Dekkers zien zij kinky lingerie, maar dat is allemaal allang niet meer stout. Economische onafhankelijkheid, dát is pas stout. Op eigen benen kunnen staan als vrouw – dat past nog altijd niet in de norm. Weg kunnen lopen, verbanden verbreken zonder je hand op te hoeven houden, dat is tornen aan het weefsel van de samenleving.

De verovering door vrouwen van economische onafhankelijkheid is een onomkeerbaar proces, maar wordt nog altijd gezien als een afwijking van de norm. Waarom praat men wel van ‘carrièrevrouwen’, maar niet van ‘carrièremannen’? En van ‘werkende moeders’, maar niet van ‘werkende vaders’? Het regeerakkoord rept keurig van ‘werkende ouders’, wat niet wegneemt dat het uitsluitend door mannen is opgesteld – en wie pasten er intussen op de kinderen?

Ik schaar mij niet onder degenen die suggereren dat het regeerakkoord ons terugvoert naar de jaren vijftig. Dat schrikbeeld is onzinnig, om twee redenen.

Ten eerste geven de coalitiepartners zich wel degelijk rekenschap van de dynamische veranderingen in de economische en sociale structuren, die de hiërarchische verhoudingen en vaste systemen hebben ondergraven: „Mensen leven en werken steeds meer in netwerken die snel kunnen wisselen. Geëmancipeerde en goed opgeleide mensen krijgen in die netwerken grote kansen. Zij hebben vooral ruimte nodig om die kansen te benutten.” Juist.

Ten tweede wil geen zinnig mens de klok een halve eeuw terugdraaien. De EO liet op de radio in een programma over de jaren vijftig mensen aan het woord die dit tijdvak kwalificeerden als benauwend en autoritair. Nederland was een standenmaatschappij, waarin sociale mobiliteit vrijwel onmogelijk was, de dominee en de pastoor het persoonlijke leven controleerden en voortgezet onderwijs alleen voor de welgestelden was weggelegd. Koude Oorlog, hokjesgeest, gehoorzaamheid en vooral armoe en nog eens armoe tekenden het leven van de overgrote meerderheid.

Niemand, die daarnaar terugverlangt. Het nostalgische verlangen naar ‘de saamhorigheid en lotsverbondenheid van de wederopbouw’ is volgens het regeerakkoord slechts een uiting van onzekerheid en angst voor de gevolgen van de globalisering en de veranderde samenstelling van de bevolking. Maar als het gaat over pogingen tot herstel van de ‘verbindende verbanden’, zijn ineens toch weer de stoute vrouwen de klos.

Alles draait dan weer om rehabilitatie van het gezin, het meest verbindende, maar in zijn klassieke vorm ook het meest knellende verband. De ideologie van het gezinsdenken, waarvan het regeerakkoord is doordrenkt, is in strijd met de emancipatorische doelstelling van de coalitie, die op dit punt een januskop laat zien. De gezinspolitiek, op voorhand toebedeeld aan Rouvoet, zal primair, hoe men het ook aankleedt, neerkomen op het gebod der vaderen dat moeders ertoe zijn voorbestemd de kinderen op te voeden en (geheel of gedeeltelijk) afhankelijk te blijven van het inkomen van hun man.

Ga maar na. Echtscheiding wordt bemoeilijkt. Er komt een onderzoek naar de gevolgen van echtscheiding voor kinderen. (Ook naar de gevolgen voor kinderen van het opgroeien in een verstikkend gereformeerd gezinsverband? Nee.) Gratis kinderopvang wordt geen recht. En vrouwen die voor abortus kiezen, krijgen hun stoutheid ingepeperd. Symbolisch wordt de overtijdbehandeling onder de Wet afbreking zwangerschap gebracht (anders denken die vrouwtjes niet na). Er wordt onderzoek gestart naar de psychosociale gevolgen van abortus. (Ook naar de psychosociale gevolgen van ongewenst moederschap of gedwongen afstaan van een kind voor adoptie? Nee.)

Dit zijn vrouwvijandige elementen in het regeerakkoord, gericht tegen de autonomie van de vrouw als individu, een paternalistische bevestiging van de roeping van de vrouw als dienares en moeder, als een wezen dat niet in staat is tot zelfstandig beslissen over haar leven. Deze passages hebben, toegegeven, geen scherpe tanden. De proclamaties over het gezin, de echtscheiding en de abortus, dragen in hoge mate een symbolisch karakter. Voor een deel is het lippendienst aan de orthodoxe christenen waar Rouvoet weinig meer mee zal kunnen uitrichten dan huilen naar de maan. Maar ik vraag me af of Wouter Bos beseft welke schade de christelijke signalen en symbolen in de praktijk kunnen aanrichten. Als de parade der mannenbroeders het geestelijke klimaat in de samenleving gaat bepalen, kan de PvdA het voor de toekomst vergeten.

De toekomst van de PvdA als sociale én libertaire partij wordt in deze coalitie beslist. Zij is pardoes een groot deel van haar kiezers kwijtgeraakt aan de SP wegens het gebrek aan vertrouwen bij haar klassieke aanhang in de voorstellen op het gebied van de sociale zekerheid. De PvdA kon onvoldoende uitleggen dat modernisering van de sociale arrangementen niet hetzelfde is als ondermijning van het solidariteitsbeginsel. Nu moet de PvdA ook nog iets anders uitleggen: dat vrijzinnigheid, streven naar individuele keuzevrijheid en economische onafhankelijkheid van vrouwen niet worden geofferd op het altaar van de christelijke orthodoxie.

Stoute vrouwen een plaats in het kabinet geven is niet genoeg om de emancipatie te bevorderen. De brave (maar in feite foute) huisvaders die denken te gaan over gezin, echtscheiding en abortus, zullen een toontje lager moeten zingen.