Noodtoestand in Guinee uitgeroepen

In Guinee is gisteren de noodtoestand afgekondigd na een derde dag van geweld, waarbij zeker elf doden vielen. President Conté verklaarde op radio en televisie dat hij het leger heeft opgedragen „alle noodzakelijke stappen te nemen om het volk van Guinee tegen een burgeroorlog te beschermen”.

In de hoofdstad Conakry laaide het geweld zaterdag op, toen Conté bekend maakte dat zijn vertrouweling Eugène Camara de nieuwe regeringsleider zou worden van het land. De vakbonden in het West-Afrikaanse land, die eerder hadden geëist dat Conté zijn macht deels zou overdragen aan een premier, accepteren Camara’s aanstelling niet, omdat hij te dicht bij de president zou staan.

Groepen jongeren met machetes en stenen trokken afgelopen dagen door de buitenwijken van Conakry, terwijl ze leuzen riepen tegen Conté. Regeringstroepen vuurden met scherp op de demonstranten. Bij protesten tegen Conté sinds begin dit jaar kwamen in totaal al zeker honderd mensen om.

De Afrikaanse Unie riep Conté gisteren op een premier aan te stellen die de vakbonden ook accepteren. Conté zei gisteren op radio en tv dat hij aan alle eisen van de vakbonden heeft voldaan en dat zij „met hun demonstraties de spot drijven met de autoriteiten”.

De wegen naar Conakry zijn inmiddels afgesloten. Sinds zaterdag is ook het vliegveld van de hoofdstad gesloten. De uitvoer van bauxiet, het belangrijkste exportproduct van Guinee, is stilgelegd.

Guinee telt circa 10 miljoen inwoners en is een van de armste landen van westelijk Afrika. Lansana Conté kwam 23 jaar geleden aan de macht door een militaire coup.

(AFP, AP, Reuters)