Nieuwe jurk met verwijsbriefje

Eén op de elf Nederlanders leeft in armoede, zegt CBS.

Daarom zijn dit jaar zeven kledingbanken opgericht.

Bananendozen vol kleding bij de kledingbank in Amersfoort. Foto Maarten van Haaff Het aantal mensen met schuld groeit snel. Kledingbank Amersfoort geeft wekelijks vijftien huishoudens gratis kleding. „Ze komen rond van 30 of 40 euro.” Foto Maarten van Haaff kledingbank. amersfoort, 1 feb 2007. foto maarten van haaff Haaff, Maarten van

In een afgebladderde school aan de rand van Amersfoort loopt Loes Lamers langs honderden bananendozen met kleding. Ze heeft alles: onderbroeken, sokken, kinderkleding, schoenen en zelfs avondjurken. Alle kleuren en maten. Afgelopen jaar opende ze haar kledingbank.

Na de opkomst van voedselbanken krijgt Nederland in hoog tempo kledingbanken. Mensen met een laag inkomen of hoge schulden kunnen daar terecht voor broeken, jassen, truien en schoenen. Een jaar geleden ging in het Limburgse Simpelveld de eerste kledingbank open, nu zijn er zeven. In vijftien steden zijn er initiatieven een kledingbank op te zetten.

In een hoek van de kledingbank in Amersfoort is een provisorisch pashok gemaakt, waar bezoekers onder tl-licht kleding kunnen passen. De ramen zijn geblindeerd, zodat niemand naar binnen kan gluren. „De mensen schamen zich”, zegt Lamers. Daarom komen klanten alleen op afspraak. Ze komen dan niet toevallig hun buren in de winkel tegen. „Ze zijn schuw en onzeker. Ze hebben iets van: kijk mij nou eens diep gezakt zijn.”

De kledingbanken zijn afhankelijk van liefdadigheid. Het woningbedrijf in Amersfoort vraagt geen huur, het energiebedrijf stuurt geen rekening en de pc heeft Lamers van iemand gekregen. Dertig vrijwilligers zamelen kleding in die ze gratis krijgen en voor niets weggeven. Bij het Leger des Heils moet worden betaald. Kledingbanken zijn er voor degenen die helemaal geen geld hebben.

„Laatst kwam er iemand in een kostuum binnen”, zegt Lamers. „Dat was het enige wat hij had. Ik zei: aankleden die man!” Volgens haar heeft de opmars van kledingbanken weinig te maken met het niveau van de sociale voorzieningen. „In driekwart van de gevallen gaat het om mensen die niet met geld kunnen omgaan.” Ze hebben te veel geleend, raken failliet en komen in een schuldregeling die drie jaar duurt. Deelnemers moeten hun inkomen afstaan en krijgen een minimaal bedrag om eten te kopen.

Ook is er veel leed door scheidingen. „In hun eentje kunnen mensen hun hypotheek niet betalen of ze verliezen hun baan.Ik vind dat je ook die mensen moet helpen.” Een tijdje geleden kwam er iemand wiens zoon hem had meegetrokken in zijn faillissement.

Lamers heeft per week rond vijftien klanten, die vaak met hun gezin komen. Per persoon mogen ze drie setjes kleding meenemen, kinderen vier. „Ik kom uit de zorgsector en dan gaan je ogen open. Ik vind dat je wat voor elkaar moet overhebben.”

De twee maanden geleden begonnen kledingbank Rotterdam heeft zes klanten per week, Haarlem één klant. „Dat komt doordat we de mensen die het nodig hebben, moeilijk kunnen bereiken”, vertellen initiatiefnemers Annet en Renske Schotborg. Hun woning is opslag- en uitgiftepunt. Vooral alleenstaande moeders komen naar hun kledingbank.

Er is geen landelijke leiding, maar kledingbanken werken volgens de regel: gratis kleding die klanten mogen ophalen als ze een verwijsbriefje meenemen van hun dokter, school, sociale dienst, predikant of thuiszorgorganisatie. Kledingbanken hebben vaak ook speelgoed. „Je maakt kinderen zo gelukkig”, zegt Lamers. „Ouders hebben lang niks meer voor hen gekocht. Als ik ze vraag naar de kledingmaten van hun kinderen, zitten ze meestal flink te laag.”

Mogelijk komt de achtste kledingbank in Hoogeveen. Marilon is bezig met de voorbereidingen. Haar drijfveer: niet alleen armoede zien, maar er zelf iets aan doen. „Er hebben zoveel mensen geen geld voor kleding. Dat zou niet moeten in Nederland.”