Iejaa deejaa, poef!

Het is alweer bijna vijf jaar geleden dat de curatoren van Landis een onderzoek begonnen naar de oorzaken van het bankroet van dit automatiseringsbedrijf, mede om vast te kunnen stellen of de voormalige top van Landis wanbeleid zou hebben gepleegd.

De afgelopen weken traden de curatoren van Landis (destijds 3.500 werknemers) in de publiciteit. Niet om de langverwachte onderzoeksresultaten bekend te maken, maar om te procederen tegen de Vereniging van Effectenbezitters (VEB) en haar directeur Peter Paul de Vries. Die had de vraag opgeworpen of er soms andere redenen zijn waarom het bij Landis zo lang duurt en of de curatoren soms banden hebben met de voormalige directie. Dat ging de rechter te ver; hij veroordeelde de VEB tot een boete en rectificatie.

De frustratie bij beleggers is begrijpelijk, hun twijfels over de curatoren ook. Zij maakten van een door de ondernemingskamer bevolen onderzoek naar wanbeleid een principekwestie: moest zo’n onderzoek van 45.000 euro wel betaald worden uit de boedel? Crediteuren draaien dan op voor een onderzoek dat aandeelhouders willen. De Hoge Raad gaf hun gelijk. Resultaat: de door de rechter benoemde onderzoeker heeft nog weinig kunnen doen. Dat doet pijn bij gedupeerde beleggers die weten dat de curatoren wél uit de boedel worden betaald.

Wat ook niet helpt is dat de curatoren bij hun werkzaamheden John B. inschakelden. Hij is juist een bestuurder waar beleggers grote twijfels over hebben, al was het maar omdat hij in 2004 als Landis-bestuurder veroordeeld werd voor het meermalen plegen van valsheid in geschrifte en het indienen van een onjuiste belastingaangifte.

Kan het contrast groter zijn met Van der Hoop Bankiers? De bank ging 3,5 jaar na Landis failliet, maar een verslag van de oorzaken van het faillissement is al een paar maanden beschikbaar, ondanks de complexiteit van een financiële instelling en de rol van toezichthouders.

Het toeval wil dat een van de Landis-curatoren, Willem Jan van Andel, ook bij het faillissement van Van der Hoop Bankiers betrokken is – niet als curator maar als advocaat van een groep gedupeerde rekeninghouders. In die rol schroomde hij niet De Nederlandsche Bank te dagvaarden en zo via een schikking met de toezichthouder ervoor te zorgen dat er snelheid in de financiële afwikkeling bleef. Als advocaat stond Van Andel ook aan de wieg van de baanbrekende uitspraak waarbij financieel toezichthouder AFM werd veroordeeld tot een schadevergoeding.

Beleggers mogen hopen dat Van Andel bij een volgend bankroet gewoon weer advocaat is.

Jeroen Wester