Colombia vraagt steun EU in drugsbestrijding

Colombia is klaar voor fase twee van een door de VS opgezet drugsbestrijdingsprogramma en vraagt daarbij om Europese financiële steun. Veel EU-landen vonden tot nog toe dat te veel nadruk ligt op militair ingrijpen.

De Colombiaanse stad Buenaventura is een belangrijke doorvoerhaven voor drugssmokkelaars. Foto AP De Colombiaanse stad Buenaventura is een belangrijke doorvoerhaven voor drugssmokkelaars. Foto AP Local residents look at a police officer standing guard during a patrol in a slum of Buenaventura, Colombia, Thursday, Jan. 25, 2007. Buenaventura, the country's largest port, is a major exit point for drug-traffickers, plagued by a devastating turf-war between leftist rebels, far-right paramilitaries, drug-traffickers and the security forces.( AP Photo/Inaldo Perez) Associated Press

De eerste fase van het Amerikaans-Colombiaanse drugsbestrijdingsprogramma ‘Plan Colombia’ is „een succesverhaal” gebleken. Met die boodschap reisde de Colombiaanse minister van Defensie Juan Manuel Santos vorige week naar Washington en Brussel. Bij Amerikaanse Congresleden en de vertegenwoordigers van de EU en de NAVO lobbyde hij voor politieke, maar vooral financiële steun voor de tweede fase van het programma, ‘Plan Consolidatie’.

Santos, zegt hij tijdens een gesprek in Brussel, heeft geen concrete toezeggingen gekregen. Maar met „de feiten” hoopt hij alle sceptici van het plan te hebben kunnen overhalen. „Wij hopen dat de goede resultaten uit de eerste jaren een stimulans zijn voor de EU. Dit is een succesverhaal.”

Santos’ ‘feiten’ over de resultaten van het Plan Colombia zijn zorgvuldig gekozen. De regering veroverde de laatste jaren veel terrein op paramilitairen en de guerrilla. „Alle grote wegen zijn weer dag en nacht vrij begaanbaar.” Tot een paar jaar geleden hieven gewapende groepen op veel plekken nog clandestiene wegenbelasting. Ook daalt, in de overheidsstatistieken, het aantal moorden, ontvoeringen en afpersingen elk jaar met tientallen procenten. Santos: „In Bogotá en Medellín wordt nu minder gemoord dan in Washington.”

Toch blijven veel EU-landen en ook Democratische Congresleden in de VS sceptisch over Plan Colombia. Volgens hen lag er van begin af aan te veel nadruk op militaire bestrijding en te weinig op maatschappelijke investering. De VS zouden zich voor het eerst sinds jaren weer openlijk in een intern Latijns-Amerikaans conflict mengen, door in de burgeroorlog de regering te steunen.

Inmiddels klinkt ook kritiek op de blijvend slechte humanitaire en mensenrechtensituatie. Dalende statistieken of niet, Colombia is nog altijd behoorlijk gewelddadig. Het land telt nog honderdduizenden binnenlandse ontheemden. De cocateelt neemt volgens alle waarnemingen niet significant af. Bovendien zouden de demobiliserende para’s als wapens alleen oud schroot hebben ingeleverd.

Het Plan Consolidatie moet aan deze kritiek tegemoetkomen. Tot 2013 wil de regering van president Uribe bijna 44 miljard dollar uittrekken voor het consolideren van de terreinwinst uit de eerste fase. En op papier heeft slechts 14 procent daarvan een militaire bestemming.

Santos: „We begrijpen nu beter dat we niet alleen de cocateelt moeten verdelgen, maar ook een alternatief moeten bieden aan degenen die ervan leefden. In de gebieden waar we de guerrilla en paramilitairen verdreven, moeten we de inwoners duidelijk maken dat we daar zijn gekomen om hen te helpen en te beschermen. Niet alleen het leger, ook de staat moet er zijn intrede doen. Leraren, artsen en infrastructuur. Anders komen de net verdreven guerrilleros later of op een andere plek terug.”

Onbekend is nog waar de regering de 44 miljard vandaan wil halen. Duidelijk is wel dat steun van de VS onontbeerlijk zal zijn. Maar in 2008 wil president Bush juist minder geld aan Colombia besteden dan in 2007. Santos rekent daarom ook op de EU, die tot nog toe amper heeft willen meebetalen. „We gaan uit van het principe van de gedeelde verantwoordelijkheid. De consumptie van cocaïne in de EU-landen neemt toe, terwijl die in de VS daalt. We zijn bezorgd dat de export verschuift van de VS naar Europa.”

De kritiek op de vermeend halfslachtige demobilisatie van de para’s neemt de regering ook serieus, zegt Santos. „Voor ons zijn de paramilitairen opgehouden te bestaan. Wat is overgebleven zijn criminelen en zo zullen ze ook behandeld worden. Voor hen bestaat geen enkele inschikkelijkheid.” En mochten er banden blijven bestaan tussen leger en (oud-)paramilitairen? „Als militairen samenspannen met criminelen, dan worden ze zelf criminelen. Ze zullen daarom onder civiel recht en niet onder krijgsrecht aangepakt worden.”