Van toverdoos tot Thialfkoorts

Hoera, het kan nog! Sportpubliek dat elkaar niet de hersens in slaat tijdens een wedstrijd. Het zijn families met beschilderde gezichten. Ze eten gehaktballen uit Tupperware-doosjes en blazen zeepbellen met bellenblaas.

Totdat er een schaatser voorbij rijdt.

Dan barst de schaatstempel van Heerenveen los in een oorverdovend gejuich en vliegen de knuffelberen over de finish. Alleen gold dat niet voor premier Balkenende. Hij werd bedolven onder boegeroep.

Betoverd door de Thialfkoorts bekeken wij het schaatssprookje. Met dertien uur livetelevisie pakte Studio Sport groot uit: daar waren, vertelde Klokhuis, op de ijsvloer zes camera’s voor nodig. Dat is smijten met geld als je het afzet tegen bijvoorbeeld de minieme buitenlandse berichtgeving op de publieke zenders. Maar thuis op de bank was het genieten geblazen. Omdat het televisie opleverde zonder opsmuk en overtuigend gemaakt was door bevlogen sportfans.

Neem de schaatswedstrijd zelf. Wat je ziet, is wat je krijgt. Wie als eerste over de eindstreep komt, is nog steeds de winnaar. De benen van Anni Friesinger liepen vol. Het hart van Erben Wennemars ging harder kloppen: na zijn valse start sprong de hartslagmeter van 90 naar oeps 123. En kijkers zagen vertederd hoe coach Gerard Kemkers met zijn peuters op schoot de huldiging van zijn kampioenen speciale luister bijzette.

Zelfs de korte interviewtjes na de race konden bekoren. Terwijl ze weinig om het lijf hadden. Het publiek had elke schaatser „vleugels gegeven” en de meesten waren „boven zichzelf uitgestegen”. Stuk voor stuk echter waren de reacties spontaan en oprecht, net zo onvervalst als de pukkels van Sven Kramer. En dat is een verademing na de gladde talkshows waarin de ene gast een nog gelikter verhaal verkoopt dan de ander omwille van de kijkcijfers. Waarom anders mochten de ‘twee stoutste vrouwen van Nederland’ bij Pauw & Witteman zo ongegeneerd hun niemendalletje promoten?

Te midden van al het schaatsjolijt neem je het gezwollen pathos van presentator Mart Smeets op de koop toe. Hij had zijn ijstrui gelukkig thuisgelaten maar zijn allitererende epitheta niet. Metrische mijl, wonderschone Wüst en cerebrale Carl – hoe krijgt hij het over zijn lippen? Bart Veldkamp liet met de computerpijltjes van zijn toverdoos de essentie van het schaatsen zien. Samen met het dubbelcommentaar van de opgeruimde Ria Visser leverde dat interessante wetenswaardigheden op. ‘Houd rug en billen recht anders gaat de afzet de lucht in.’ Al waren we graag gevrijwaard gebleven van de broeierige een-tweetjes tussen Mart en Ria.

Zij droeg een gouden jasje waaronder een oranje topje schuilging. Hij vond haar „prachtig”. Om een uur later out of the blue te melden: „Volgens mij, Ria, slaap jij met de medicus.”

Toe, Mart! Houd de volgende keer jaloezie voor je, wil je?

Gelukkig werd snel doorgeschakeld naar een van de vele reportages. Die verrasten en waren soms bijzonder to the point. Zo werd gereconstrueerd hoe het gevecht om de stadionkaarten was afgelopen. Tweevijfde was in de vrije en ook zwarte verkoop beland. De rest was bestemd voor sponsoren en hun relaties.

Waar dat toe kan leiden, zagen we vrijdag: schaatsvrouwen Vis en Van Deutekom reden voor een leeg sponsorvak. Misschien was dat wel ’t meest onthullende schaatsbeeld. Het gaat sponsors en hun relaties om zakendoen en chablis, schaatsen is bijzaak.

Dat is het publiek en de kampioenen onwaardig. Schaatsen in Thialf is nog een familiefeest.

Reageer op deze column via www.nrc.nl/ogen