Servië stelt Europese eensgezindheid op de proef

De Europese landen steunen eensgezind het Kosovo-plan van VN-bemiddelaar Athisaari. Maar achter deze façade strijden ze over de concrete opstelling jegens Servië.

Kan de Europese Unie nog een gebaar maken tegenover Servië? Een gebaar om een nieuwe regering in Belgrado milder te stemmen ten aanzien van het toekomstplan voor Kosovo dat VN-gezant Martti Ahtisaari eerder deze maand presenteerde.

De EU-ministers van Buitenlandse Zaken hebben zich hierover vandaag in Brussel gebogen. Naar buiten toe is een vaste Europese lijn: het voorstel van Ahtisaari, dat voorziet in onafhankelijkheid onder strikte voorwaarden voor de formeel nog tot Servië behorende provincie Kosovo, wordt gesteund. Maar onder die dunne laag van eensgezindheid woedt tussen de EU-lidstaten een strijd over de vraag hoe dit te bereiken. Aan het begin van de middag was de uitkomst nog onduidelijk.

Servië voelt niets voor het plan van Ahtisaari. En zolang de Serviërs niet akkoord gaan is Rusland ook niet van plan de oplossing van de VN-gezant te steunen, zo herhaalde de Russische president Vladimir Poetin dit weekeinde. Voor het doorgaan het plan is de steun van Rusland in de VN-Veiligheidsraad een vereiste.

Dat de tijd begint te dringen hebben de gebeurtenissen van de afgelopen dagen in de Kosovaarse hoofdstad Priština duidelijk gemaakt, waar bij rellen twee doden en tientallen gewonden vielen.

De EU-politiek is er op gericht in deze gevoelige fase Servië niet verder te isoleren. „Voorkomen moet worden dat Servië als gevolg van de kwestie-Kosovo verder naar de periferie wordt gedrukt”, aldus een diplomaat. De ministers van Buitenlandse Zaken is er dan ook alles aan gelegen Servië op het Europese spoor te houden.

Enkele landen, Italië voorop, beweren dat de EU hiervoor ten dele zelf de sleutel in handen heeft door het gesprek met Servië aan te gaan. De EU was met Belgrado in onderhandeling over een zogeheten stabilisatie- en associatie-akkoord dat in de praktijk fungeert als een wachtkamer voor de EU.

Vorig jaar werden deze gesprekken door de EU opgeschort, omdat Servië onvoldoende meewerkte aan het opsporen van landgenoten die door het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag worden gezocht op verdenking van oorlogsmisdaden.

Het ‘gebaar’ aan Servië waarover binnen de Unie wordt gedacht, is om toch weer over dit stabilisatieakkoord te gaan praten. Maar uiteindelijke ondertekening van een overeenkomst zou afhankelijk worden gemaakt van Servische medewerking aan het tribunaal.

In deze constructie zou in elk geval weer worden gepraat met de Serviërs. Nederland voelt hier vooralsnog niets voor, maar komt met dit principiële standpunt, dat ook weerklank vindt bij de Belgen, wel steeds meer alleen te staan. Groot-Brittannië bijvoorbeeld wil het gesprek met Servië inmiddels wel weer, onder voorwaarden, hervatten. „Het heeft iets van een sudoku-puzzel”, zegt een diplomaat.

Maar ook als die wordt opgelost, blijft de allesoverheersende vraag of Servië met deze geste Kosovo opeens wel wil opgeven.