Bouw brug Jeruzalem stilgelegd

De Israëlische regering wilde doorzetten, maar de burgemeester van Jeruzalem heeft besloten de omstreden bouw van een brug bij de Haram al-Sharif tijdelijk stil te leggen.

Daags nadat de Israëlische regering met drie onthoudingen had besloten de constructie van een nieuwe toegangsbrug naar de Mugrabi Poort van de Haram-al-Sharif op de Tempelberg door te zetten, heeft burgemeester Uri Lupolianski besloten de werkzaamheden toch weer stil te leggen. Deze verrassende koerswending ondernam hij gisteravond na overleg met de procureur-generaal bij de Hoge Raad, die de burgemeester erop wees dat hij mogelijk de wet had overtreden. Daarmee werd niet alleen de hevig ruziënde regering-Olmert te kijk gezet, maar werd duidelijk dat een deel van de door imams en Arabische media aangezette ophef voorkomen had kunnen worden.

Lupolianski achtte in eerste instantie een uitvoerige procedure en informatieronde niet nodig, omdat het maar om eenvoudige stalen brug ging. Hij gaat nu alsnog de plannen bespreken met iedereen die betrokken is bij Haram al-Sharif, het heiligdom met de gouden Rotskoepel, de Al-Aqsamoskee en aan de buitenkant de Klaagmuur. Er zal zelfs een webcam geïnstalleerd worden.

Het probleem ontstond drie jaar geleden toen sneeuwstormen en een aardbeving de oude opgang naar de Mugrabi Poort, die sinds de Zesdaagse Oorlog van 1967 onder Israëlische controle staat, deels wegspoelden. Er werd snel een houten noodbrug gemaakt die wordt gebruikt door tienduizenden niet-moslimtoeristen en door de Israëlische politie.

De noodbrug, een wankel geval, is aan vervanging toe. De oude opgang, meer een soort aarden wal die bij iedere regenbui verder afkalft, en de noodbrug worden vervangen door een nieuwe, veilige constructie van staal. De restanten van de aarden wal worden eerst afgegraven door archeologen om te bepalen of zich hier nog waardevolle objecten bevinden.

Jeruzalem is met christelijke, joodse en islamitische heiligheden niet alleen een van de lastigst te besturen steden ter wereld, het gemeentebestuur onder leiding van burgemeester Uri Lupolianski heeft geen reputatie op het gebied van sterk, tactvol management. De wendingen, de ministeriële ruzies en het beleid van de burgemeester zijn overigens representatief voor de vaak chaotische en improviserende wijze van werken in de lokale, openbare sector in Israël.

Maar er zijn ook diepere verklaringen voor het gedrag van het stadsbestuur en de opwinding in de moslimwereld. Israëlische instanties en politici vinden over het algemeen niet dat zij verplicht zijn de moslim-autoriteiten te raadplegen over werkzaamheden aan de joodse zijde van de Tempelberg. Het gaat immers om een bouwactiviteit in het Joods Kwartier. Was er wel overleg geweest dan zou dat vrijwel zeker ernstig bemoeilijkt zijn door het feit dat de moslim-autoriteiten Israël niet erkennen en dat in zijn algemeenheid de moslimwereld de betekenis van Tempelberg en Klaagmuur voor de joden relativeert of zelfs openlijk afwijst.

Voor Arabieren daarentegen speelt een belangrijke rol dat sinds het begin van de tweede intifadah het complex steeds moeilijker toegankelijk is geworden. Voor veel Palestijnen is de derde heilige plaats van de islam onbereikbaar wegens de afscheidingsmuur en tal van andere veiligheidsmaatregelen. De handelwijze van Lupolianski wordt geplaatst in de context van de geleidelijke, stelselmatige verjoodsing van Jeruzalem en de uitsluiting van de moslimbevolking.

Net als tijdens het bezoek van Ariel Sharon in 2000 aan het complex en het openstellen van ondergrondse tunnels wordt de ‘Mugrabi Poort’-affaire uitgelegd als een teken dat joods Israël het heiligdom wil veroveren en op termijn wil vernietigen om plaats te maken voor de bouw van de derde tempel. Of die indruk met een openbare inspraakprocedure zal worden weggenomen, mag betwijfeld worden.